Een groepsfoto maken in de ruimte is knap lastig

Toen André Kuipers zich op zondag 1 juli triomfantelijk zwaaiend liet wegdragen van de plek waar hij met een Sojoezcapsule was geland, moest zijn collega Don Pettit met een brancard worden afgevoerd. Pettit was minder goed bestand tegen de combinatie van een ruige landing en hernieuwde kennismaking met de zwaartekracht.

Pettit is inmiddels helemaal opgeknapt. In september gaf hij in blakende gezondheid een lezing in New York over zijn fotografie in het ruimtestation. Dat was een van zijn hobby’s – eerder haalde hij Bekijks met de inventieve natuurkundeproefjes die hij in de ruimte deed. Een registratie van de spreekbeurt over zijn foto’s is half oktober online gezet.

Het maken van groepsfoto’s is een van de onderdelen waar de ruimtefotograaf voor verrassingen komt te staan. Mensen hangen in alle standen voor de lens en als je niet oppast „kijk je in iemands neusgaten en kun je de haren tellen”, aldus Pettit. Niet alleen dat, de pr-experts bij NASA wilden een groepsfoto die eruit zag alsof het hele gezelschap op een tribune zat en Pettit was zo goed niet of hij gaf ze hun zin.

Ook het licht kan uit vreemde richtingen komen. Pettit toont een grappige foto waar je drie astronauten ziet die uit loodrecht op elkaar staande richtingen uit hun slaapcompartiment koekeloeren. „Omdat het licht van links komt, ziet de jongen in het gele T-shirt er spookachtig uit”, stelt Pettit vast. Die jongen is André Kuipers, wiens gezicht van onder de kin wordt belicht. Pettit vertelt dat NASA flink heeft gephotoshopt om het spookachtige effect te neutraliseren.

Een dankbare plek voor de astronauten was de koepel van waaruit je zowel recht omlaag naar de aarde kijkt, als in richtingen loodrecht daarop. Een van Pettits foto’s laat zien hoe voor elk van de zeven patrijspoorten camera’s zijn opgesteld. Behalve kansen lagen daar ook ongemakken voor de fotograaf. Een zonsondergang duurt zeven seconden en als je de passage over je woonplaats mist (ook een handvol seconden), heb je pas elf dagen later weer een kans. Pettit ontwikkelde een soort zwarte cocon om zichzelf en alle apparaten met lampjes te verbergen, om van de zevenvoudige reflecties af te komen. Ook daarvan maakte hij natuurlijk een foto.

De krapte in het station, schaduwen in de ruimte, het vuurwerk van een aankomend of vertrekkend bevoorradingsschip, allemaal onderwerpen voor prachtige foto’s – als je weet wat je doet. De climax wordt gevormd door Pettits betoverende beelden van het noorderlicht en de tijdopnamen waarop je de verschillend gekromde lichtbanen ziet van sterren en steden, met bliksemontladingen als straatlantaarns daartussen. Je zou deze foto’s in een boek willen zien in plaats van in een video.

Bekijk de ruimtefoto’s van Pettit via nrc.nl/wetenschap