Dodelijke poep van plofkippen

The Bay. Regie: Barry Levinson. Met: Kether Donohue, Frank Deal, Kristen Connolly, Christopher Denham. In: 6 bioscopen. **

Je ziet ze wel eens staan bij studenten medicijnen, van die boeken met alle mogelijke huidziektes. Het zien van de ‘ecohorror’ The Bay voelt een beetje als het doorbladeren van zo’n boek. Allerlei omstandig getoonde blaren, builen, zweren en open wonden zorgen voor de bekende paradoxale reactie die door dichter Rutger Kopland ooit mooi is verwoord met de regel „ik wil het niet zien, maar het moet”.

The Bay is een door een beginnend journaliste anno nu samengesteld videoverslag van de Onafhankelijkheidsdagviering van 2009 in een klein kustplaatsje. Wat vredig begint, eindigt rampzalig: aan het eind van de dag is bijna de hele bevolking uitgeroeid. Niet door monsters, vampiers of spoken, maar door pissebedden die zich muteren en steeds groter en dodelijker worden. Wie met water in aanraking komt, raakt besmet. De uit zogenaamde ‘found footage’ samengestelde film - het videoverslag van de journaliste, Skype-interviews, veiligheidscamera’s - koppelt paranoia over vadertje Staat aan eco-angst. De poep van plofkippen, gevoed met steroïde om ze sneller te laten groeien, blijkt in het water terechtgekomen, waardoor de dodelijke parasiet ontstond.

De sympathieke groene boodschap ten spijt is The Bay behoorlijk bij elkaar gejat. Besmettingsfilms als Outbreak en Contagion worden gecombineerd met de recente horrortrend (Paranormal Activity) om te doen alsof je naar authentieke beelden kijkt. Zoiets werkt als kijkers op hun beurt net doen alsof ze dat geloven. De vraag is of ze dat over hebben voor The Bay.