Israël ziet pers als menselijk schild voor Hamas

Mediagebouwen in de Gazastrook worden niet gespaard bij de Israëlische luchtaanvallen. Dat gebeurt niet per ongeluk, zegt Israël.

De wangen van cameraman Mohammed al-Akhras (23) zitten vol wondjes van bomscherven. In zijn borst zitten de scherven nog. Hij deed zondag een dutje in het kantoor van Al-Quds, het mediabedrijf van Hamas waar Akhras voor werkt, toen een Israëlische helikopter een raket naar binnen schoot. Er volgden nog drie raketten, afgevuurd door drones (onbemande vliegtuigen).

Niemand is nog ergens veilig in Gaza. Palestijnse burgers worden al zes dagen lang binnen en buiten hun huizen getroffen door Israëlische raketten. Lokale en buitenlandse journalisten, die zich enigszins beschermd voelden door internationale afspraken, weten nu: ook voor hen geldt geen genade.

De grote mediatoren ‘Sharouk’ in het centrum van Gazastad, waar lokale en buitenlandse nieuwsorganisaties hun kantoren hebben, werd tweemaal getroffen. Zondag was de bovenste verdieping van het gebouw doelwit. Daar huisde Al-Aqsa, een zender van Hamas. Drie journalisten raakten gewond, de hele vijftiende verdieping lag in puin. De meeste mediabedrijven vertrokken daarop uit het gebouw.

Al-Aqsa bleef, en verhuisde naar de derde verdieping. Die verdieping werd gisteren getroffen door drie raketten. Een leider van de militante groep Islamitische Jihad kwam daarbij om het leven. Ook een voorbijganger werd gedood, meldden lokale bronnen. Vier anderen raakten gewond, onder wie twee journalisten.

Akhras was een van de zeven journalisten die zondagnacht gewond raakten bij een aanval op een ander groot mediakantoor, waar Hamas’ televisiezender Al-Quds op de elfde verdieping gevestigd was. In het gebouw bevonden zich ook de kantoren van onder andere de Duitse ARD.

Het Israëlische leger heeft meegedeeld dat het wist dat er buitenlandse journalisten, onder wie een verslaggever van het Britse Sky News, in het Sharouk-gebouw waren toen het zondagochtend werd getroffen. Zondagmiddag meldde het aan Franse journalisten dat hun werkplek nog steeds mikpunt was. Palestijnse journalisten kregen geen waarschuwing. En gisteren was het dus weer raak.

Verenigingen van journalisten, zoals de Gazaanse, die van buitenlandse journalisten in Israël, en de internationale organisatie Reporters without Borders, hebben de aanslagen fel veroordeeld. „Dat de aangevallen media gelieerd zijn aan Hamas, legitimeert de aanvallen niet”, zei Christophe Deloire van Reporters without Borders. „Aanvallen op burgerdoelen zijn oorlogsmisdaden.”

Het Israëlische leger verklaarde dat de verbindingsapparatuur van Hamas doelwit was omdat Hamas die zou gebruiken om gewelddadige operaties uit te voeren. „Journalisten waren niet het doelwit”, zei legerwoordvoerder Avital Leibovich. „Maar mijn advies aan journalisten in Gaza is om ver weg te blijven van elke locatie van Hamas, voor hun eigen veiligheid. De journalisten in deze gebouwen dienden als menselijk schild voor Hamas’ communicatie-infrastructuur.”

Maar het is lastig weg te blijven van Hamas. Niet in de laatste plaats omdat Hamas een grote rol speelt in de huidige escalatie van geweld. Het blijft een journalistieke plicht om Hamas te vragen hoe dat erover denkt. Bovendien is het niemand duidelijk waar Hamas, dat Gaza bestuurt, zich overal heeft gevestigd in de zeer dichtbevolkte Gazastrook.

Hamasleiders kom je dezer dagen nog overal tegen in Gazastad. In de hotels waar buitenlandse journalisten verblijven, in de mediakantoren, in ziekenhuizen. Zo gebruiken zij de burgerbevolking om zichzelf te beschermen, zegt Israël.

Ismail Radwan, Hamas-minister van Religieuze Zaken, ontkent dat. Hij toonde zich gisteren op de binnenplaats van het grootste ziekenhuis van Gazastad en liet zich interviewen door alle lokale en buitenlandse media die daar rondzwermen. „Ik ben hier om mijn zorgtaken uit te voeren als minister”, zei Radwan.

Radwan zei wel dat hij het zeer onwaarschijnlijk achtte dat Israël hem bij het ziekenhuis zou aanvallen. Maar, zei hij, „ik gebruik de zieken en de journalisten niet als menselijk schild”. Even later reed hij weg in een auto waarop, duidelijk zichtbaar voor Israëlische satellieten, ‘PERS’ geschreven stond.

Cameraman Akhras weet nu dat hij doelwit is, zegt hij in zijn ziekenhuisbed. „Als Israël ons eerst had willen wegjagen, hadden ze één raket gestuurd, niet vier. De vijand wil beletten dat wij de wereld laten zien welk geweld Israël de Palestijnse bevolking aandoet.” Maar dat zal Israël niet lukken, aldus Akhras. Hij wil snel weer aan het werk.