Geef jij je wangslijm aan de overheid? Debat over DNA-onderzoek barst los

Zou jij je dna aan de overheid geven? Sinds gisteren lijkt het een van de grootste maatschappelijke gewetensvragen. Dankzij dna-onderzoek werd na dertien jaar eindelijk de verdachte van de moord op Marianne Vaatstra gevonden. Een eerste overzicht van de losgebarsten publieke opinie over dna-onderzoek.

Drachten. Voor het personeel wat zaterdag de DNA afname (met ruim 8000 mannen) gaat doen ivm de zaak Vaatstra wordt een "generale" repetitie gehouden. Alles wordt geoefend hoe het zaterdag in zijn werking moet gaan. ANP CATRINUS VAN DER VEEN. Wangslijm wordt in een generale repetitie voor de dna-afname van de zaak-Vaatstra afgenomen. Foto ANP / Catrinus van der Veen

Zou jij je DNA aan de overheid geven? Sinds gisteren lijkt het een van de grootste maatschappelijke gewetensvragen. Dankzij DNA-onderzoek werd na dertien jaar eindelijk de verdachte van de moord op Marianne Vaatstra gevonden. Een eerste overzicht van het losgebarsten publieke debat over DNA-onderzoek.

‘Stop iedereen in een DNA-databank’, ‘Je hebt toch niets te verbergen?’, ‘Dit zijn de eerste tekenen van nazipraktijken’ en ‘DNA-onderzoek heeft lang niet altijd zin’. Volgens sommigen moeten we allemaal ons DNA opgeven om al die misdrijven op te lossen, anderen noemen dat een levensgevaarlijke stap. Moeten we vandaag nog, wattenstaafje met wangslijm in de hand, bij de DNA-databank aankloppen, of is er wat bezinning nodig?

‘Stop iedereen in een DNA-databank’

Minister Opstelten van Veiligheid en Justitie liet direct al weten vaker op deze manier ernstige strafzaken te willen gaan oplossen. Maar velen gaan veel verder. Voormalig politiechef Lex Mellink zei een week geleden al, nog voordat deze successen bekend werden, dat iedere Nederlander DNA zou moeten afstaan voor een landelijke databank.

Peter R. de Vries, die zich sinds 1999 met de zaak-Vaatstra bezighield, drong al lange tijd aan op grootschalig DNA-onderzoek. Pas in 2012 werd dit DNA-verwantschapsonderzoek toegestaan door een wetswijziging.

Twitter avatar PeterRdeV Peter R. de Vries #Vaatstra Na Gisteren veel discussie over nut nationale DNA-databank. Ik ben voor. Al jaren. Met goede waarborgen louter voordelen.
Twitter avatar PeterRdeV Peter R. de Vries #Vaatstra De invoering van de vingerafdruk ruim 100 jaar geleden voor opsporingsdoeleinden gaf ook veel verzet. Wie praat daar nog over???

Opiniejournalist Steven de Jong van nrc.nl schreef er gisteren een opiniestuk over. Hij schrijft:

“Bescherming van privacy is belangrijk als het om iemands persoonlijke levenssfeer gaat. Maar zodra iemand met zijn DNA strooit op een plaats delict, dan geeft hij een visitekaartje af.”

Dus laat iedereen verplicht zijn DNA afgeven, vindt hij. Als je iemand moedwillig verkracht of vermoordt, of een fiets steelt, is dat niet meer in je persoonlijke leefsfeer. Niet iedereen is daar even enthousiast over, bleek even later al. Meer dan 120 reacties werden sindsdien ingestuurd en ook elders sprak men erover.

‘Wie niets te verbergen heeft, heeft ook iets te vrezen’

WNL’s Vandaag de Dag besprak de kwestie vanochtend. Sommigen zijn bereid hun DNA zo op te geven, maar er blijken ook bezwaren te zijn:

Get Microsoft Silverlight
Bekijk de video in andere formaten.

Alle voorstanders van verplichte DNA-registratie of dit soort DNA-verwantschapsonderzoek benadrukken dat de privacy natuurlijk onder strikte voorwaarden zou worden gewaarborgd. Maar veel tegenstanders vertrouwen het niet. Zo ook NRC-redacteur Folkert Jensma vanochtend in nrc.next:

“Het grondrecht om jezelf of je familie niet te belasten of aan de eigen veroordeling mee te werken, komt ermee onder druk te staan. Hele groepen burgers kunnen bovendien onterecht verdacht worden gemaakt. Stigmatisering ligt op de loer, net als discriminatie. De bewijslast wordt omgekeerd. Schuldig tot het tegendeel is bewezen.”

Bij weigering van de test word je automatisch als verdachte beschouwd. Dat kan gevaarlijk zijn, staat vanochtend ook in het commentaar van Trouw. De sociale druk om mee te doen is hoog, en men moet oppassen dat dit soort onderzoek ingeburgerd raakt:

“Er kunnen fouten worden gemaakt. DNA-verwantschapsonderzoek moet daarom voorlopig blijven wat het in de zaak-Vaatstra was: een laatste middel om een gruwelijk misdrijf van jaren geleden op te lossen.”

En spijtig dat de 7.300 DNA-monsters van de Friese burgers die vrijwillig hun DNA afgaven niet direct zijn vernietigd, staat vanmiddag in het commentaar van NRC Handelsblad. Het OM liet daarmee de kans voorbijgaan “om scherp af te bakenen waar opsporing ophoudt en privacy weer begint”.

“De Grondwet garandeert dat niemand aan zijn eigen veroordeling of die van familie hoeft mee te werken. De combinatie van databases en DNA-techniek zet dat fundamentele recht onder druk. En dat is gevaarlijk.”

Is dit soort onderzoek echt zo zinvol?

Maar de hele discussie loopt misschien wel veel te ver vooruit op de zaken. We kunnen ons DNA allemaal verplicht moeten afgeven, maar dat zal niet altijd evenveel zin hebben. Ook is het inzetten van een DNA-verwantschapsbevolkingsonderzoek niet altijd even nuttig. Dit soort onderzoek op grote schaal kost veel geld, is arbeidsintensief en kan zelden worden toegepast.

Lang niet iedere zaak is namelijk geschikt voor dna-verwantschapsonderzoek, schrijft forensisch wetenschapper Victor Toom vandaag in een opiniestuk in NRC Handelsblad. Zo moet er bij het bevolkingsonderzoek wel het vermoeden zijn dat de dader nabij woont. Ook ging het hier om een dunbevolkt stukje Nederland met gemeenschapszin. In een grote stad is de kans nihil dat de dader wordt gevonden. Zo zou hetzelfde onderzoek toepassen in de geruchtmakende zaak van de ‘Utrechtse serieverkrachter’ volgens Toom weinig zin hebben: een veel te groot gebied, met honderdduizenden mannen die de dader kunnen zijn:

“Het DNA-verwantschapsonderzoek onder de bevolking moet daarom gereserveerd blijven voor een zeer specifieke soort van onopgeloste misdrijven: de ernstige en meest schokkende zaken, waarbij zeldzaam DNA is aangetroffen, en waarvan het zeer aannemelijk is dat de onbekende verdachte in een dunbevolkt gebied woont.”

Bovendien is DNA-onderzoek niet allesbepalend. Ook Jasper S. is nog slechts verdachte, niet de bewezen moordenaar. Uit de DNA-overeenkomst bleek dat hij op de plaats van het delict aanwezig was. Het was zijn haar, zijn sperma. Maar voor een veroordeling voor moord of verkrachting zal meer nodig zijn. De wet vraagt voorlopig nog steeds om meer bewijsmiddelen dan één.

Lees vanmiddag in NRC Handelsblad het commentaar over DNA-onderzoek, een opiniestuk van Victor Toom, een profiel van Jasper S. en andere analyses van de zaak-Vaatstra, of lees de stukken in de digitale editie (alleen voor abonnees).