Birma in transitie

Twee jaar geleden was het nog volstrekt ondenkbaar: dat de president van de Verenigde Staten een bezoek zou brengen aan Birma. Toch was het gisteren zover. Op zijn reis door Azië, zijn eerste buitenlandse trip sinds zijn herverkiezing, deed Barack Obama ook Birma aan.

De Amerikaanse presidenten die voor hem het ambt bekleedden, hadden dat nimmer gedaan, zodat nu eens met recht de term ‘historisch’ kan worden gebruikt.

Birma is bezig aan een transformatieproces dat bijvoorbeeld in 2007 nog oneindig ver weg leek. Toen demonstreerden boeddhistische monniken tegen de militaire dictatuur die het land in een ijzeren greep hield. De junta sloeg de rebellie bloedig neer – dat monniken met hun hoge religieuze status dat lot zou treffen, hielden velen vooraf voor onwaarschijnlijk.

Sindsdien trad er niettemin een kentering in. Langzaam maar zeker is er in de voormalige Britse kolonie een democratiseringsproces op gang gekomen. Dat werd het beste gesymboliseerd door de vrijlating eind 2010 van Aung San Kuu Kyi, de vrijheidsstrijdster en winnares van de Nobelprijs voor de Vrede, die vele jaren zonder proces in huisarrest had doorgebracht. Nu is zij lid van het parlement.

Dezelfde Aung San Kuu Kyi, bij wie Obama op bezoek ging nadat hij eerst door president Thein Sein was ontvangen, waarschuwde gisteren voor overoptimisme over de hervormingen. Daar is ook reden voor, omdat de rol die de generaals spelen of nog wensen te spelen, duister is. Bovendien kampt het land met gewelddadige religieuze en etnische conflicten, die nog lang niet opgelost zijn.

Maar in Birma, een van de armste landen, zal het besef blijvend zijn dat het niet zonder open houding naar de rest van de wereld kan. Die heeft er bijvoorbeeld toe geleid dat onder meer de Europese Unie haar sancties heeft opgeschort en dat de Wereldbank voor het eerst in 25 jaar kredieten voor Birma heeft goedgekeurd.

Toen Obama gisteren toch bezig was aan een historisch bezoek in Azië, ging hij ook maar als eerste Amerikaanse president in de geschiedenis naar Cambodja. Al was dat voornamelijk omdat in dit dictatoriaal geregeerde land de ASEAN-top plaatsheeft.

Wat de Verenigde Staten hiermee vooral tonen is hun toegenomen interesse, uit welbegrepen eigenbelang, in de ontwikkelingen in Azië. In een periode waarin sprake is van stijgende spanningen tussen China en enkele omringende landen. Waarin het ook gaat om de invloedsferen van de grote mogendheden in dit werelddeel.

Met zijn bliksembezoek aan Birma, altijd een zekere bondgenoot van China, gaf Obama een duidelijk signaal. Het was dus ook even zwaaien naar de andere kant van de grens, naar China.