Turnbond opgelet, want het Epke-effect is zo weg

Sinds het goud van Epke Zonderland staat turnen voor kracht en stoerheid. Tv-commentator Hans van Zetten zei het meteen: „Jongetjes, het kan dus. Ga aan de slag! Stel een doel!”

WOERDEN - Turntrainer Pepe Pont assisteert de jeugdige Samuel tijdens de training van vereniging GV Mobilee in sporthal Bulwijk.FOTO ROBERT VOS

K eo Schalkwijk wrijft wat magnesiumpoeder op zijn handpalmen. Het negenjarige ventje kijkt even naar de rekstok, grijpt zich eraan vast en trekt zich omhoog. Met zijn dunne armpjes zwaait hij soepel rond aan het toestel. Met een geconcentreerde blik voert de piepjonge turner een ‘vouwhang’ en een ‘ruggelingse hang’ uit. Beheerst landt hij even later op de grote blauwe mat. „Dit kost veel kracht”, zegt Keo, met een rood aangelopen hoofd van de inspanningen. De rekstok vindt hij het mooiste onderdeel van het turnen. En ja, dat komt grotendeels door zijn idool, Epke Zonderland.

Sportzaal Bulwijk in Woerden. Een doordeweekse trainingsavond bij gymnastiekvereniging Mobilee (1.100 leden). Sinds Zonderland op 7 augustus goud won in de rekstokfinale op de Spelen, is het aantal jongens bij Mobilee in de leeftijd van zeven tot en met twaalf jaar verdubbeld: van tien naar twintig. Door de toename is nu een selectiegroep gecreëerd met de talentvolste turners.

De jongens werken zich in het zweet. Ze doen grondoefeningen, hangen in de ringen, springen op de trampoline, worstelen op de brug met gelijke leggers of draaien rond in de rekstok. Met hun blonde haardos en vrolijke glimlach lijkt een aantal pupillen net de jonge uitvoering van Zonderland. „Epke is cool”, zeggen de jongens in Woerden één voor één. Bijna allemaal dromen ze ervan over twaalf jaar goud te winnen op de Olympische Spelen. Dan zijn ze rond de 22 jaar – op die leeftijd debuteerde Zonderland op de Olympische Spelen in Beijing.

De jeugd lijkt geluisterd te hebben naar de vurige oproep van NOS-commentator Hans van Zetten na het goud van Zonderland (ruim 2,4 miljoen tv-kijkers). „Jongetjes van Nederland, het kan dus. Ook al woon je in Nederland. Ga aan de slag! Ga aan het werk! Stel een doel!”

Het wordt het Epke-effect genoemd: een toename van het aantal aanmeldingen van jonge leden bij turnclubs door de successen van Zonderland. Uit een rondgang van deze krant langs de tien grootste gymnastiekverenigingen van Nederland blijkt dat clubs meeliften op de prestaties van de 26-jarige rekstokspecialist uit het Friese Lemmer. Bij zeven van de tien clubs is in meerdere of mindere mate sprake van het Epke-effect. Bij sommige clubs gaat het om enkele tientallen extra jonge leden, bij anderen om slechts een handjevol. In totaal zijn er 1.100 gymnastiekclubs aangesloten bij de Koninklijke Nederlandse Gymnastiek Unie (KNGU).

Turnen, van oudsher niet populair onder jongens, heeft het imago van een meisjessport. Sommige clubs hebben niet eens een jongensafdeling: 20 procent van de KNGU-leden is mannelijk, 80 procent vrouwelijk. Maar door Zonderland (en eerder ringenspecialist Yuri van Gelder) zijn meer jongens geïnteresseerd geraakt in turnen. Het is niet langer de sport die alleen wordt geassocieerd met het strakke broekje, en de wat vrouwelijk ogende turnschoentjes. Je wordt niet meer uitgelachen door klasgenootjes, wanneer je zegt op turnen te zitten. Sinds de gouden medaille van Zonderland staat turnen voor lef, kracht, explosiviteit en stoerheid.

Vooral in het noorden van Nederland is de toestroom van jonge turners enorm. Het is de regio waar Zonderland is opgegroeid en waar hij bijna dagelijks traint. Er zijn vier keer zoveel aanmeldingen van jonge jongens bij de districtstrainingen van de bond in het noorden, zegt Tjalling van den Berg, oprichter van de turnschool in Heerenveen. „En clubs spelen er slim op in, met speciale jongensgroepen en posters van Epke.”

Ook de turnbond probeert de populariteit van Zonderland te benutten. Er is een campagne rond hem opgebouwd: in de kerstvakantie organiseert de KNGU samen met de clubs en ambassadeur Zonderland ‘Het Grote Gymfeest’ met proeflessen, workshops en demovoorstellingen in sporthallen door het hele land. Doel: zoveel mogelijk kinderen kennis te laten maken met de gymsport.

„We zeggen eigenlijk: clubs, zet die deuren open, en maak gebruik van het Epke-effect”, vertelt Dagmar van Stiphout, programmamanager marketing en communicatie bij de KNGU. De bond kan de boost goed gebruiken: het aantal leden daalde van 295.000 (in 2002) tot 246.000 vorig jaar.

Leuk dat Epke-effect, maar verwacht niet dat het op langere termijn invloed heeft op de ledenaantallen, zegt Maarten van Bottenburg, hoogleraar sportontwikkeling aan de Universiteit Utrecht. Hij deed onderzoek naar het verband tussen sportsucces en verhoogde sportparticipatie. De schaatssuccessen van Ard Schenk en Kees Verkerk, de Touroverwinningen van Jan Janssen en Joop Zoetemelk, de Europese titel van het Nederlands voetbalelftal, de Wimbledonzege van Richard Krajicek en de gouden medailles van Ellen van Langen, Inge de Bruijn, Pieter van den Hoogenband en de volleybal- en waterpoloteams: geen van alle leidden ze tot een ledentoename van de betreffende sportbonden die sterker was dan voorheen.

Wat deden de sportbonden verkeerd? Van Bottenburg: „Ze deden niks. Er lag geen plan klaar hoe te reageren als er iemand kampioen werd. Als je drie maanden wacht, is het te laat. Je moet het momentum meteen benutten.” Hij moet een beetje lachen om de hype rond het Epke-effect. „Wacht eerst eens twee jaar af, en kijk dan opnieuw. Bijna altijd zie je dat het effect dan is weggeëbd.”