Tragisch falen van de VN

Opnieuw hebben de Verenigde Naties moeten erkennen dat ze in een burgeroorlog ernstig hebben gefaald bij het beschermen van de burgerbevolking. Uit de drama’s in Rwanda en Srebrenica in de jaren negentig heeft de volkerenorganisatie onvoldoende lering getrokken, bleek vorige week uit een vernietigend intern rapport over het optreden van de VN in de laatste maanden van de burgeroorlog in Sri Lanka in 2009.

In de slotfase van dat bloedige conflict, dat 26 jaar had geduurd, kwamen 360.000 burgers van de Tamil-minderheid klem te zitten tussen de Tamil-opstandelingen en het regeringsleger. Dat er toen tienduizenden mensen zijn omgekomen, is de schuld van de strijdende partijen. Die hebben zich beide schuldig gemaakt aan grove schendingen van de mensenrechten, en naar alle waarschijnlijkheid aan oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid.

Maar ook de Verenigde Naties treffen blaam, zoals secretaris-generaal Ban Ki-moon terecht erkende bij de verschijning van het rapport. Zeker, de organisatie opereerde onder uiterst moeilijke omstandigheden en sommige medewerkers hebben desondanks goed werk gedaan. Maar in veel opzichten zijn de VN dramatisch tekortgeschoten, en nog wel bij een essentiële VN-verantwoordelijkheid als het beschermen van burgers.

Dat kan niet zonder gevolgen blijven voor de manier waarop de VN zijn georganiseerd. Het is meer dan pijnlijk om in het rapport te lezen over verlammende bureaucratie en gebrekkige communicatie tussen de landenteams en het hoofdkantoor in New York. Het personeel in het veld (geen militairen, maar hulpverleners) had onvoldoende ervaring met oorlogssituaties, schendingen van mensenrechten en de omgang met geharde politieke en militaire leiders.

De secretaris-generaal (ook toen al Ban Ki-moon) verzuimde meer aandacht te vragen, vooral in de Veiligheidsraad, voor het drama dat zich begin 2009 afspeelde. De raad zelf achtte het in die periode niet één keer nodig om een zitting aan Sri Lanka te wijden. Terwijl alle lidstaten van de Verenigde Naties zich vier jaar eerder toch al hadden verbonden aan het beginsel van de ‘Verantwoordelijkheid om te Beschermen’: als een regering haar eigen burgers niet kan of wil beschermen tegen geweld of die burgers zelfs aanvalt, dan moet de wereldgemeenschap haar verantwoordelijkheid nemen.

Het is tragisch dat de VN die verantwoordelijkheid in allerlei opzichten hebben laten liggen. Het bloedbad hadden de VN niet kunnen voorkomen. Maar wel had de volkerenorganisatie zich er krachtiger tegen kunnen verzetten om de omvang ervan te beperken – en de daders meteen te brandmerken als oorlogsmisdadigers die hun straf niet mogen ontlopen.