Stroopwafels gaan er wel in bij Brazilianen

Ondernemer Bas Greiner bewijst dat zakendoen in Brazilië niet ingewikkeld hoeft te zijn: hij maakt winst met stroopwafels.

Rio de Janeiro. Minister Lilianne Ploumen van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking die gisteren op handelsmissie naar Brazilië vertrok, zal ze misschien wel zien staan op het internationale vliegveld Tom Jobim van Rio. Uitgestald op een toonbank van een koffiebarretje, naast typisch Braziliaanse snacks. Stroopwafels. In de mooi vormgegeven bruine doos vallen ze meteen op. Happy Waffels heet het merk.

Happy Waffels is eigendom van Bas Greiner, een Nederlandse ondernemer die twee jaar geleden zijn geluk kwam beproeven in Rio de Janeiro. Meegaan met een handelsmissie, gedegen marktonderzoek doen, de taal leren en de cultuur bestuderen, handboeken lezen over zakendoen in Brazilië – Greiner (37) deed het allemaal níét, voordat hij besloot aan de slag te gaan in de Braziliaanse strandstad.

Maar de stroopwafelfabrikant maakt, zonder lokale partner, inmiddels wel gewoon winst. Happy Waffels heeft al meer dan honderd klanten, verspreid over de deelstaat Rio de Janeiro, even groot als Nederland.

Daarmee toont Greiner aan dat zakendoen in Brazilië niet altijd per se ingewikkeld hoeft te zijn, zoals sommige uren schrijvende consultants doen geloven. Uit een onderzoek van de Kamer van Koophandel onder tweehonderd Nederlandse bedrijven in Brazilië (actief tussen 1995 en 2005) bleek dat geen enkele onderneming zonder lokale partner het had gered.

Greiner heeft zich echter nooit laten afschrikken door het onbekende en het nieuwe. Zeven jaar geleden was hij ook betrokken bij de oprichting van de spraakmakende en innovatieve Happy Shrimp Farm. Dat Rotterdamse bedrijf kweekte garnalen met behulp van de restwarmte van een elektriciteitscentrale op de Maasvlakte. Na een conflict met zijn partner stapte Greiner in 2008 uit het bedrijf.

In 2010 besloot hij zijn leven weer een andere wending te geven. Hij zat even zonder werk, zonder vriendin, zijn toekomst lag open. Zuid-Amerika kende hij al – eerder maakte hij daar een reis van zes maanden. En Brazilië was een van de stops geweest. Even had hij nog gedacht om zich te vestigen in Australië, maar het werd Rio de Janeiro. Natuurlijk wist hij dat het een land in opkomst was met een stabiele economie. Hij zegt: „De koopkracht van de consument is duidelijk toegenomen. Brazilianen geven graag geld uit.”

Hij wist ook dat Brazilianen van zoetigheid houden. De winkels liggen er vol mee. Op straat lopen verkopers rond met wagentjes vol cakes, gebakjes en andere mierzoete hapjes. Een vriend suggereerde hem stroopwafels aan de man te brengen. Zoet en erg Nederlands, en bij bereisde Brazilianen ook een beetje bekend.

Dus tussen de jeans en T-shirts in zijn koffer stopte hij ook een bakapparaat om stroopwafels te bakken. In Rio de Janeiro logeerde hij eerst bij een vriend, waar hij de keuken mocht gebruiken om zijn eerste stroopwafels op Braziliaanse bodem te bakken. Een testperiode volgde waarin verschillende ingrediënten werden uitgeprobeerd en de reactie van potentiële klanten werd gemeten. „Ik ben bij een aantal bakkers langsgegaan en zij reageerden positief. Dat was eigenlijk mijn marktonderzoek. Ik ontdekte zo ook welke winkels eventueel geïnteresseerd zouden zijn.”

Na een paar maanden had hij zijn eigen appartement in de chique strandwijk Leblon. Daar bakte hij zijn stroopwafels die hij vervolgens in zijn rugzak, op de fiets, meenam langs potentiële klanten. „Dan loop je gewoon een winkel binnen, vraag je naar de manager en dan maar hopen dat ze je verstaan. Je laat je doos met stroopwafels zien en wijst naar de vitrines, de toonbank.”

Nee, Greiner heeft nooit echt overwogen om stroopwafels te importeren vanuit Nederland. Onhaalbaar, vanwege allerhande importheffingen. Inmiddels heeft hij een heuse bakkerij buiten Rio de Janeiro en overweegt hij een fabriek te bouwen. „De grote supermarktketens zijn mijn volgende doel, die wil ik binnenhalen als klant.”