Rebellen rukken op in O-Congo

Rwanda en de VN hebben voorkomen dat rebellen de stad Goma innamen. De rebellen willen praten over herintegratie in het leger, maar dat is moeilijk.

Er is opnieuw hevige strijd uitgebroken in Oost-Congo. Bij de gevechten is de rebellenbeweging M23 tot aan de regionale hoofdstad Goma opgetrokken. Militairen van de Verenigde Naties zijn in verhoogde staat van paraatheid gebracht en grepen in door posities van M23 te bombarderen. Volgens onbevestigde berichten vechten Rwandese militaire aan de zijde van M23. Met de gevechten komt een einde aan een eerder dit jaar gesloten wapenstilstand.

M23 is een beweging van gedeserteerde regeringsmilitairen die in april een opstand begonnen aan de grenzen met Rwanda en Oeganda. Deze muiters kwamen voort uit de rebellenbeweging CNDP, die in 2009 in het regeringsleger werden opgenomen. In 2008 stond het CNDP eveneens aan de poorten van Goma, maar na een overeenkomst met de Rwandese regering werd een offensief op de stad toen afgeblazen.

Ook gisteren werd een akkoord gesloten tussen het hoofdkantoor van de VN in New York en de Rwandese regering om de rebellen niet Goma te laten innemen. M23 is ongeveer tien tot vijftien kilometer buiten Goma stilgehouden. Als onderdeel van het akkoord verlieten hoge Congolese regeringssoldaten Goma, maar enkelen van hen waren in de middag al weer teruggekeerd. Er vonden, in tegenstelling tot 2009, geen plunderingen plaats door regeringsmilitairen. Het was vanochtend rustig in Goma en veel inwoners gingen naar hun werk. Veel buitenlanders zijn tijdelijk naar Gisenye uitgeweken, net over de grens in Rwanda.

M23 ontvangt volgens talrijke rapporten steun van Rwanda en ook van Oeganda. Ooggetuigen zeggen bij de strijd rond het stadje Kibumba (25 kilometer ten noorden van Goma), dat zaterdag door de rebellen werd ingenomen, Rwandese militairen te hebben gezien. Volgens militaire bronnen beschikt M23 over moderne militaire apparatuur om beter in de nacht te kunnen vechten.

M23 eist onderhandelingen met de Congolese regering, die president Joseph Kabila afwijst. Maar achter de schermen hebben er de afgelopen weken wel indirecte besprekingen plaatsgehad, met Oeganda als bemiddelaar. Probleem bij deze besprekingen is wat M23 precies voorstaat. De beweging heeft sinds april grote gebiedsdelen veroverd, zette een eigen regering op en stelt politieke eisen over democratisering van Congo.

Haar hoofddoel is echter vermoedelijk alleen een herintegratie in het leger onder betere voorwaarden dan in 2009. Een van de redenen van de opstand was dat Kabila de muiters wilde overplaatsen naar andere delen van het land, ver van hun families en tribale groepen waar ze hun aanhang hebben. Maar een nieuwe integratie in het leger lijkt ook geen oplossing meer: het leidt tot een ondermijning van het centrale bestuur en fragmentatie van de strijdkrachten.

De integratie van de CNDP in 2009 leidde tot een parallelle machtsstructuur in het leger in het oosten. Veel militairen namen alleen bevelen aan van ex-CNDP leider Bosco Ntaganda. Militairen die niet hadden gemuit, waren jaloers over de promoties van ex-CNDP strijders. Ntaganda deed bovendien goede zaken door aanhangers controle te geven over mijnen. De integratie destijds leidde tot een verzwakking van het regeringsleger. Na de muiterij in april dit jaar zijn regeringsmilitairen er fel op tegen dat de rebellen opnieuw in het leger worden opgenomen.

De hevigste gevechten van de afgelopen weken waren overigens niet die tussen het regeringsleger en M23 ten noorden van Goma, maar verder oostelijk tussen het regeringsleger en talrijke milities. Tienduizenden mensen zijn ontheemd geraakt. Zowel M23 als regeringsleger sluit verbonden met milities die greep proberen te krijgen op de lucratieve mijnen in de regio Masisi. Er opereren meer dan dertig milities in het grondstofrijke oosten van Congo.