Maurice wie? Maurice Vriend

Wereldbekerdebutant Maurice Vriend won in Thialf direct zijn eerste wedstrijd. Coach Jan van Veen verwacht meer. „Dit is geen eendagsvlieg.”

Maurice Vriend is plotseling de nieuwe koning van de mijl. „Ongelofelijk.” Foto ANP

Hoe imponerend de 1.92 meter lange schaatser, die met machtige klappen een superrace rijdt op de 1.500 meter, het koningsnummer. Debutant Maurice Vriend wint zijn rit in 1.46,13, een dik persoonlijk record en veruit de snelste tijd tot dan toe. Cap af, gebalde vuist, de blonde manen wapperend in de wind. Uitrijden langs rijen uitzinnige toeschouwers. Vier ritten later blijkt hij zelfs de snelste van allemaal. Winst in zijn allereerste internationale topwedstrijd! Winst op wereldkampioenen Håvard Bokko (tweede) en Denny Morrison (dertiende). Maurice Vriend, twintig jaar, uit het Noord-Hollandse Midwoud. Plotseling de nieuwe koning van de mijl. „Ongelofelijk.”

Tussen winst bij zijn wereldbekerdebuut in een vol Thialf en een anoniem toernooi in Assen ligt krap een jaar en heel wat trainingsarbeid. „Vorig jaar reed ik nog om de Holland Cup en nu win ik hier een wereldbekerwedstrijd”, realiseerde Vriend zich na afloop. Toen mocht hij nog een jaar gebruik maken van de faciliteiten van Jong Oranje, hoewel de nummer vier van de WK junioren in 2011 voor die ploeg eigenlijk al een jaar te oud was. Nadat hij zich op 0,7 seconde niet wist te plaatsen voor de wereldbeker, restte een jaar geleden niet meer dan wat wedstrijdjes op doorgaans slecht Nederlands ijs. Tijden in de 1.53, Vriend onderscheidde zich zelden. Wat een mazzel dat coach Jan van Veen hem de kans bood in zijn commerciële ploeg.

„Lange benen en een groot vermogen”, beschrijft Van Veen de fysieke kwaliteiten van Vriend waar hij voor viel. En de Noord-Hollander kwam niet helemaal uit de lucht vallen. Bij de junioren won hij zes keer een wereldbekerwedstrijd, bij de senioren viel hij op met een dappere eerste tien kilometer in 2010 en een zesde plaats op de NK allround van vorig jaar. „Vorig jaar hebben we al dingen samengedaan”, vertelt Van Veen. „Je ziet testen, weet wat hij qua fysiek kan. Als zo’n jongen schaatstechnisch sprongen gaat maken, kan dat resulteren in een 1.46,13.”

In zijn nieuwe omgeving begon Vriend aan een topzomer in het kielzog van kopman Koen Verweij. Beiden afkomstig uit Noord-Holland, sterk op skeelers, lange blonde haren. Uitstraling. „We trainen veel samen, worden ook wel broertjes genoemd”, vertelde Verweij (gisteren tegenvallend tiende) vorige week bij de NK afstanden. Achter bikkel Verweij trainde Vriend harder dan ooit. Bewuster ook van het leven als topsporter. Alles perfect doen. Laat Verweij gerust de media te woord staan bij vragen over hun nog altijd sponsorloze ploeg. Maar wel op trainingskamp in Inzell stiekem meeglijden met een keiharde tempotraining van acht ronden, samen met de Noorse ploeg. Topvorm. En pas uit de schaduw treden als het moet: bij de NK afstanden, waar Vriend zich met een derde plaats verrassend plaatste voor de wereldbeker in Thialf.

Zijn wereldbekerzege een nieuwe verrassing? Niet voor coach Van Veen, die bij de analyse van de NK-race nog wat onvolkomenheden had gezien. „Hij moet die megalange benen wel goed gebruiken.” Zoals in de geweldige race van gisteren. Vriend, die in de verte iets weg heeft van Ard Schenk, werd de eerste schaatser na Shani Davis in 2005 die bij zijn wereldbekerdebuut direct won. Volgens Van Veen is nog meer mogelijk, ook op allroundgebied. „Dit is geen eendagsvlieg. Maurice is een koele vent, die fysiek en schaatstechnisch nog lang niet aan zijn plafond zit.”