Column

Londen dreigt historische blunder te begaan

Geen enkel volk laat zich graag de les lezen, en zeker de Britten niet. Maar Radek Sikorski, de scherpzinnige Poolse minister van Buitenlandse Zaken, weet hoe je zoiets aanpakt. Hij is een één-mans-campagne begonnen tegen de groeiende euroscepsis in het Verenigd Koninkrijk. Zelfverzekerd, met scherpe argumenten, droge humor en een enkel welgeplaatst dreigement.

Het helpt dat Sikorski in Oxford heeft gestudeerd. Begin jaren tachtig kwam hij daar aan, als vluchteling uit het toen nog communistische Polen. Hij leerde er debatteren en vond er aansluiting bij (zoals The Economist het uitdrukt) het milieu van „stevig drinkende aristocraten” waaruit ook ‘Old Boys’ als David Cameron en Boris Johnson zijn voortgekomen.

Die achtergrond komt hem van pas nu hij de Britten probeert te behoeden voor een blunder van historische proporties. Want zo ziet hij de Britse neiging zich steeds verder van de Europese Unie te isoleren. In september hield hij er een spraakmakende toespraak over in Blenheim Palace, bij Oxford. Vorige week peperde hij het de Britten in bij het programma Hard Talk van de BBC en in een interview met The Times.

Je kan denken: wat haalt die man zich in zijn hoofd, de Britse publieke opinie is eurosceptischer dan ooit. Sikorski zal die heus niet eigenhandig kunnen ombuigen, laat staan de Conservatieven in regering en parlement op andere ideeën kunnen brengen.

Maar de Pool probeert het toch, ook al beseft hij dat hij zich, zoals hij in Blenheim Palace met een knipoog zei, „roekeloos mengt in de binnenlandse aangelegenheden van het Verenigd Koninkrijk”. Iets dergelijks deed hij een jaar geleden in Berlijn, waar hij de Duitsers de les las: neem de leiding in Europa, bezwoer hij de Duitse regering – gezien de geschiedenis voor een Poolse minister een nogal opmerkelijke aansporing. Maar Merkel heeft geluisterd.

Sikorski is ervan doordrongen dat er op dit moment veel op het spel staat – voor Polen, voor Groot-Brittannië en voor heel Europa. Hij verwijt de Britten dat ze door hun anti-Europese gevoelens hun ogen sluiten voor de werkelijkheid. Want de werkelijkheid is dat hun belangen in Europa liggen – economisch, maar ook politiek. De werkelijkheid is ook dat de Europese bureaucratie helemaal niet zo groot is als de eurosceptici niet moe worden te beweren – voor de hele Europese Commissie werken nog niet half zoveel mensen als voor de Britse belastingdienst, legt Sikorski uit. En de werkelijkheid is vooral dat de Britten binnen de Europese Unie veel meer invloed hebben op de vormgeving van hun eigen toekomst, dan daarbuiten.

Als jullie dat allemaal niet willen zien, zegt hij, dan is dat erg jammer voor de Europese Unie. De Polen hebben de Britten er graag bij en delen de Britse ideeën over de vrije markt. Maar „reken er niet op dat we jullie helpen de EU te gronde te richten of te verlammen.” De Polen zijn namelijk van plan van de Europese Unie een succes te maken. Zij hebben afgelopen eeuw aan den lijve ervaren hoe makkelijk ze een speelbal van de geschiedenis kunnen worden als ze er alleen voor staan.

En de Poolse soevereiniteit dan?, vragen de Britten hem ongelovig. Ben je eindelijk bevrijd van de overheersing door de nazi’s en de Sovjet-Unie, dan lever je je toch niet uit aan de nieuwe tirannieke macht in Brussel? Onzinnig, noemt Sikorski zulke vergelijkingen terecht. En als Pool weet hij beter dan de meeste Britse eurosceptici (en hun Nederlandse geestverwanten) hóe onzinnig.

Het is ook een Nederlands belang dat de Britten de Europese Unie niet verlaten. En dat de Britse stem in de EU blijft klinken, al was het maar vanwege de vele gedeelde economische belangen en opvattingen.

Maar net als Polen zou ook Nederland Londen duidelijk kunnen maken: reken niet op onze steun als jullie de zaak willen ondermijnen. Ook een kabinet zónder Old Boys moet die boodschap kunnen overbrengen.