Gesprekken FARC en Colombia beginnen, met Nijmeijer aan tafel

Nijmeijer bij een standbeel van de Argetijnse vrijheidsstrijder Ché Guevara in Havana. Foto AFP / Adelberto Roque

Het vredesoverleg tussen de Colombiaanse regering en de FARC begint vandaag Havana, mét Tanja Nijmeijer aan de onderhandelingstafel. De gesprekken hebben op voorhand weinig van een hartelijk onderonsje en worden een lange zit, schrijft onze buitenlandredacteur Ykje Vriesinga.

De twee hoofdonderhandelaars Humberto de la Calle, die de regering in Bogota vertegenwoordigt, en Ivan Marquez, die aanschuift namens de FARC, gaven elkaar, toen ze vorige maand in Oslo vredesbesprekingen overeenkwamen, geen hand. Ze keurden elkaar zelfs geen blik waardig. Toch lijkt er voor het eerst in bijna vijftig jaar lijkt er een serieuze kans dat de Revolutionaire Strijdkrachten van Colombia (FARC) hun marxistische guerrillaoorlog staken:

“Anders dan bij eerdere, mislukte, vredesrondes is de agenda in Havana kort, concreet en haalbaar, zeggen analisten. Beide kanten hebben belang bij vrede. De FARC is verzwakt door aanhoudende luchtaanvallen van het leger. Ze hebben nog zo’n 8.000 strijders over, minder dan de helft van tien jaar geleden. Maar de regering weet dat ze de guerrilla nooit tot op de laatste strijder kunnen verslaan in de uitgestrekte binnenlanden van Colombia.”- Ykje Vriesinga, NRC.

Havana, ver van Colombia, dichtbij Castro

Marquez, de tweede man van de FARC, en de doorgewinterde oud-politicus De la Calle moeten een oplossing vinden voor een slepend conflict waarop vredesonderhandelaars sinds 1980 al driemaal hun tanden stukbeten. Nijmeijer, de Nederlandse die zich tien jaar geleden bij de rebellenbeweging aansloot, is ook aanwezig bij de gesprekken in Cuba.

Nijmeijer: wil in Nederland uitleggen waar strijd over gaat

Na een half jaar geheime onderhandelingen in Cuba bereikten de partijen in augustus een voorakkoord. Nu praten ze verder in Cuba, maar waarom daar?

“Havana is een ideale plek. De FARC voelt zich veilig in het land van de ideologisch verwante Castro’s. Bovendien kunnen de partijen ongestoord overleggen, ver weg van Colombia, op een eiland zonder vrije pers. Als eerste wordt er gepraat over de bestrijding van armoede op het Colombiaanse platteland, het oorspronkelijke strijdpunt van de FARC bij hun oprichting in 1964. Ook gaat het over de verbetering van scholen, ziekenhuizen en infrastructuur.”

‘Gesprekken kunnen een jaar duren

Het tweede punt van de vredesonderhandelingen is volgens Vriesinga lastiger: politieke deelname door de FARC. Veel Colombianen gruwen bij het idee van oud-guerrillastrijders in het Congres. Maar wil de vrede stand houden, dan moeten ook radicaal linkse groepen een plek krijgen in de politiek, zeggen analisten. Anders pakken ze de wapens weer op.

Tijdens de vredesbesprekingen zijn er nog een aantal andere obstakels. In ruil voor demobilisatie wil de FARC een amnestie voor hun commandanten en strijders. De onderhandelingsteams blijven waarschijnlijk nog maanden in Havana, president Santos heeft gezegd dat de gesprekken een jaar kunnen duren. Maar het blijft een historische kans op vrede.