‘Dialect kleurt mijn spreken’

Acteur Wim Opbrouck gebruikt voor zijn rollen graag verschillende dialecten en accenten. Voor zijn West-Vlaamse dialect heeft hij zich nooit geschaamd.

,,Privé ben ik van nature een dialectspreker, mijn moedertaal is plat West-Vlaams. Algemeen Nederlands heb ik geleerd op de toneelschool. Ik heb daar mijn diploma gehaald voor welsprekendheid en spraak, wat betekent dat ik bij machte ben zonder accent te spreken.

„Toch kun je altijd, zoals in dit gesprek, nu ik overschakel naar dat andere taalregister, nog die West-Vlaamse klanken horen. Het bepaalt de kleur van mijn spreken. Dat kleuren met taal gebruik ik als acteur. Naar gelang het project waar ik instap, een film of een toneelstuk, kies ik voor een bepaalde kleur. ‘Het varken van de madonna’ speelde in West-Vlaanderen, daarin spraken we West-Vlaams. Bij toneelgroep Amsterdam speelde ik in ‘De kinderen van de zon’, in het algemeen Nederlands. In de film ‘Vreemd bloed’ was ik een Zuid-Nederlander uit de buurt van Breda. Die variatie, dat is de rijkdom. Ik hou van al die mogelijkheden van de taal.

„Ik heb mij nooit geschaamd voor mijn dialect. Toen ik naar de toneelschool in Antwerpen ging, zei iedereen: ‘ze gaan je uitlachen, dat je de g niet van de h kunt onderscheiden, ze gaan je geilige geest noemen.’ Maar dat is nooit gebeurd. En nu wordt er ook popmuziek gemaakt in het West-Vlaams en er worden films gemaakt in het Gents en Antwerps. Al die kleuren duiken terug op.

„De dialecten worden ernstiger genomen, en dat juich ik toe. Maar hoezeer ik er ook van geniet in mijn dialect te spreken, ik heb er wel voor gewaakt als acteur niet het icoon te worden van de dialectspreker van Vlaanderen, want dan word je alleen nog daarvoor getypecast. En ik ben ook niet de ‘verdediger van’. Vlamingen die zo fier zijn op hun spraak dat ze weigeren een andere taal te spreken, vind ik fundamentalistisch. Dat kan ik niet begrijpen. De wereld is te groot daarvoor. Ik vind ook: dat dialect bestaat omdat er een algemeen Nederlands bestaat.

„Slecht taalgebruik ergert mij. Als ik vroeger mijn kinderen naar school bracht en ik hoorde de juf vragen: ‘hoe noem jij?’ in plaats van ‘hoe heet jij?’, dan krulden mijn tenen om. Het is incorrect. Je mag een keuze maken: dialect of algemeen Nederlands, maar het moet wel kloppen.”