Buurman

Om het buurtgedoe soepel te laten verlopen geldt de gouden stoepregel: als je je buurman op de stoep een krant ziet lezen en hij je niet meteen uitnodigt voor een glas, loop dan zo gauw mogelijk door. In alle andere gevallen geldt: Zonnetje, krantje, glaasje: Buurman!

Een nieuw huis komt altijd met een nieuwe sleutel, een oude pleeborstel die de vorige bewoner netjes voor je heeft achtergelaten en een nieuwe buurman. Tussen je twintigste en dertigste wissel je nog vaker van buurman dan van geliefde, maar vanaf je dertigste werkt het anders: jij bent hier to stay, en je buurman dus ook. Je relaties duren nu dan wel wat langer, maar nooit langer dan Buurman duurt. En je vrienden? Die verhuizen naar lege heuvels in Italië. Eigenlijk is Buurman het enige echte anker in je leven.

Buurman heeft eigenaardigheden. Klompen in maat 48 bijvoorbeeld (en dat op de Amsterdamse gracht). Een vrouw van 1.86. Een yeti-jas. Verder eet hij oesters uit een emmer en kookt hij iedere avond voor vier, hoewel hij maar een vrouw heeft. Er is dus altijd plaats voor een buurmeisje.

Naast buurtgedoe is er ook burenruzie. Het hebben van een vijand blijkt nog altijd meer waard dan het hebben van een vriend (Israël en Palestina, Donald Duck en Bolderbast, Samson en Roemer). Dat snap ik wel, buren doen het uiterst goed als zondebokken. Poep op de stoep? Buurman! Lawaai? Buurman! Toch valt er meer voor te zeggen om je zondebokken op afstand te kiezen - dat haalt meteen het dilemma van repliek weg – en je vrienden nextdoor. Ruzie maken we daarom op Koninginnedag (wie krijgt dit jaar het beste plekje?) met de buren verderop. Een beetje afstand, maar nog wel binnen reikwijdte.

Amsterdam. Dat namiddagzonnetje op de stoep. Krantje, glaasje, buurtgedoe. En dan dat vertrouwde gekraak van een deur naast je die open getrokken wordt. Buurman!

    • Sophie van der Stap