Burgemeester

Achter de schermen gebeurt het. Vooral als het om machtskwesties gaat. Wij zien de buitenkant, het resultaat, niet de manier waarop iets tot stand kwam.

Een treffend voorbeeld kwam het afgelopen weekend via het Brabants Dagblad naar buiten. Door een toeval ontdekte de krant de ware toedracht van twee burgemeestersbenoemingen in Tilburg en Den Bosch in de jaren tachtig. De redactie maakte gebruik van een lek in het Nationaal Archief in Den Haag, waar de dossiers van burgemeesters en commissarissen van de koningin berusten. Men stelde het Nationaal Archief van het lek op de hoogte, maar pas nadat men een aantal dossiers – onder meer van Dries van Agt, Don Burgers, Gerrit Brokx, Ed Nijpels en Ed van Thijn - had gekopieerd. Daardoor kan iedereen via de website van het Brabants Dagblad twee van die dossiers bekijken.

Wat je leest zijn formele brieven die een keiharde informele werkelijkheid verhullen: die van de machthebbers, in dit geval premier Ruud Lubbers en zijn minister van Binnenlandse Zaken Kees van Dijk, die tegen de lagere overheid zeggen: hier gebeurt wat wij willen, punt uit.

In Tilburg moet in 1988 een burgemeester benoemd worden. Er zijn vijf kandidaten waarvan er voor de vertrouwenscommissie van de gemeenteraad twee overblijven: D. Burgers, burgemeester van Rosmalen, en G. van den Heuvel, burgemeester van Borssele. De commissie kiest Van den Heuvel. Gerrit Brokx (CDA), oud-staatssecretaris van Volkshuisvesting, is al eerder afgevallen. De commissie vindt dat hij niet in de profielschets past. Na een gesprek met Brokx heeft men zelfs „niet het minste vertrouwen” in hem.

Harde taal, maar het zal niet helpen. Eerst laat Frank Houben, commissaris van de koningin in Brabant, weten dat hij ontevreden is. Hij vindt weliswaar dat de gemeente vanuit „een eerlijke en onbevooroordeelde visie” heeft gekozen, maar wijst erop dat bij deze benoeming „ook heel uitgesproken bovenlokale belangen mee spelen.” Welke? „Het is het belang van de geloofwaardigheid van het Kabinet in relatie tot de voormalige staatssecretaris mr. G. Brokx.”

Anders gezegd: Brokx, in 1986 op aandringen van CDA-fractievoorzitter Bert de Vries geloosd als staatssecretaris, moet aan een aardige baan geholpen worden. Dat lukt. Minister Van Dijk heeft een gesprek met Brokx en raakt daarbij volledig overtuigd van diens kwaliteiten.

Gaan we naar Den Bosch toe – in 1989. De PvdA heeft er 14 zetels, het CDA 10. De vertrouwenscommissie komt tot de volgende voordracht: 1. Bram Stemerdink, oud-minister van Defensie voor de PvdA. 2. Don Burgers. Commissaris Houben is het er weer niet mee eens. Die Stemerdink mag dan „een sterke, intelligente figuur” zijn, hij is wel erg „politiek geprofileerd”. Houben prefereert Burgers.

Wim Kok, fractievoorzitter van de PvdA, heeft hierover een pittige briefwisseling met Lubbers. Ze ruziën over de kwestie wie het meeste recht heeft op deze post: CDA of PvdA. Kok verliest uiteraard, want Van Dijk steunt Lubbers.

Lubbers schrijft aan Kok dat hij verder in deze zaak „geen positie” wil innemen, maar de goede verstaander weet wel beter. Ook in Den Bosch zal de nieuwe burgemeester weer van CDA-huize zijn.

Ik ben nooit zo erg voor een gekozen burgemeester geweest, maar als je dergelijke machinaties na zoveel jaren alsnog achter de schermen van de macht ziet gebeuren, begin je er toch wel een beetje naar te verlangen.