Last van gratis berichtendiensten

De telecomproviders in Nederland zien hun omzet in versneld tempo terugvallen. Hun gezamenlijke omzet kwam in het afgelopen kwartaal 5,2 procent lager uit dan in hetzelfde kwartaal van het jaar ervoor, becijferde onderzoeksbureau Telecompaper.

KPN’s omzet daalde met 7 procent, T-Mobile met 4 procent en Vodafone met 3 procent. KPN maakte deze week bekend dat het de directeur van de mobiele divisie vervangt. De terugval komt bij de marktleider extra hard aan. De enige manier om klanten te winnen is door met prijzen te stunten en dat zet de marges onder druk.

Telecompaper denkt dat de omzet in de telecombranche over heel 2012 met 4,1 procent zal dalen en verwacht tot 2016 geen herstel. De verbindingskosten per gesprek blijven dalen en de inkomsten uit data en sms kunnen deze terugval niet compenseren.

De massale overstap van Nederlanders op de smartphone – ruim 60 procent, maar onder jongeren al meer dan 80 procent – zorgt ervoor dat gratis internetdiensten een waardige vervanger worden voor het traditionele sms’je of telefoontje.

„Ga er maar vanuit dat providers straks geen cent meer verdienen aan sms’jes of spraakverkeer.” Dat was de weinig optimistische boodschap van analist Tim Poulus van Telecompaper. In de zaal, op het congres Mobiel 2012 in Laren, zaten vooral providers die vrezen voor de continuïteit van hun verdienmodel.

Op dit moment zijn WhatsApp en Facebook de belangrijkste vervangers voor berichtendiensten. Uit een recente steekproef van onderzoeksbureau Wakoopa blijkt dat WhatsApp met name populair is onder Androidgebruikers; zij gebruiken de gratis berichten gemiddeld 23 minuten per dag. Mensen met een iPhone gebruiken WhatsApp veel minder; ze kiezen eerder voor de iMessage-dienst van Apple. „Je selecteert zelfs je vrienden op het soort berichtendienst die ze gebruiken”, zegt Simon van Duivenvoorde van Wakoopa.

Tot verrassing van velen is de frequentieveiling nog steeds niet afgerond. Op 31 oktober startte het biedingsproces op meerdere frequenties voor mobiele netwerken. Er doen vijf geïnteresseerde partijen mee en de opbrengst ligt vermoedelijk op enkele honderden miljoenen euro’s. Maar naarmate de biedingsstrijd langer duurt, loopt de teller verder op.

Met name de lagere frequenties, onder de 1.000 MHz, zijn in trek. De bestaande providers bieden ook mee en zij hebben er baat bij als ze hetzelfde lage spectrum kunnen heroveren; dat scheelt een hoop technische rompslomp.