Column

De parade van getroffenen

Wee de politicus die bezuinigt op de verzorgingsstaat. Hij moet zijn medemenselijkheid uitschakelen, Malievelden vol protesterende getroffenen trotseren, en eindeloos uitleggen dat de oppositie in de Tweede Kamer overdrijft.

„Nee, maakt u zich toch geen zorgen, we verplichten mensen die niet kunnen staan van de rugpijn heus niet om aan een lopende band in de fabriek te werken.”

„Nee, we laten uiteraard geen demente bejaarden verpieteren in hun eigen huis.”

Wee die politicus. Hij moet een bijna bovenmenselijk uithoudingsvermogen hebben om de parade aan slachtoffers te trotseren. Want het is een vast patroon. Of het nou gaat om de subsidie voor kinderopvang, de WAO, de bijstand, de AOW, de uitkering voor arbeidsongeschikte jongeren of nu de volksverzekering AWBZ. (De Tweede Kamer maakte zich deze week druk over de bezuiniging op de dagbesteding voor ouderen en gehandicapten.) Eerst constateert de ene deskundige na de andere dat de regeling wel erg hard is gegroeid, dat steeds meer mensen steun krijgen, terwijl ze die niet allemaal nodig hebben of die best zelf kunnen betalen. Commissie na commissie, adviesorgaan na adviesorgaan trekt jaren achtereen telkens dezelfde conclusie: politiek, doe er wat aan!

Maar regerende coalities dralen. „Nee, wacht, we laten ook nog een vergelijking met andere Europese landen maken.” Dan blijkt ook daaruit dat we de zaken uit de hand hebben laten lopen. Vaak duurt het na zulke constateringen nog jaren voor de politiek ingrijpt. Totdat het economisch slecht gaat en er bezuinigd moet worden, en de politiek eindelijk denkt: we doen het. We gaan deze impopulaire versobering doorvoeren.

En dan begint de ellende. Slachtoffers op televisie. De moeder die beweert te gaan stoppen met werken als de kinderopvangsubsidie wat minder wordt (Balkenende IV en Rutte I). De arbeidsongeschikte die zegt te moeten gaan werken terwijl hij niks meer kan (Balkenende II). De bijna-gepensioneerde stratenmaker die zegt al 40 jaar gewerkt te hebben; is dat niet genoeg? (Balkenende IV). Bejaarden in een verzorgingstehuis die zeggen niet in hun eentje thuis te willen wonen (Rutte II). Burgers denken: nou ja zeg, wat een harteloos kabinet is dit.

En nu is het de beurt aan de AWBZ, een volksverzekering voor onder anderen ouderen, gehandicapten en psychiatrisch patiënten, waarvan de kosten in 13 jaar zijn gegroeid van 12 naar 27 miljard euro. De vergrijzing verklaart die verdubbeling niet. Ook over deze regeling ligt al jaren een stapel rapporten klaar. En er is ongemak in de sector zelf. Laatst vroeg de directeur van zorginstelling Osira Amstelring zich in deze krant af waarom ouderen geen huur betalen in het verpleeghuis? Waarom betaalt de gemeenschap alles, ook voor rijke bejaarden?

Uiteraard is het uitstekend dat de Tweede Kamer en journalisten scherp in de gaten houden of de bezuinigingen van Rutte II niet desastreus uitpakken, maar vaak wordt de zaak bij voorbaat overdreven. Bij voorgaande versoberingen werd ook moord en brand geschreeuwd. Later vielen ze toch mee. De strengere bijstand bleek een succes, de arbeidsongeschikten die werden herkeurd in de WAO lukte het vaak toch een baan te vinden.

De AWBZ is zo’n warenhuis geworden aan regelingen, rechten en vergoedingen – sommige absoluut noodzakelijk, andere flagrant overdreven – dat het moeilijk is precies te zeggen waar de gekte zit. Maar aangezien we in 1999, toen de regeling nog 12 miljard euro kostte, geen asociaal land waren, is de conclusie gerechtvaardigd dat hier best bezuinigd kan worden.

Marike Stellinga schrijft op deze plek elke zaterdag over politiek en economie.