De kaartenoorlog begint

Nu Apple zich verslikt in zijn eigen kaarten-app, haasten concurrenten Google en Nokia zich om hun digitale kaart op de iPhone te krijgen.

Je mist het pas als het er niet meer is. Dat geldt in ieder geval voor de miljoenen gebruikers die gewend waren aan de kaart op hun iPhone en iPad.

Vijf jaar lang diende Google Maps als digitaal kompas. Maar sinds Apple vorige maand zijn eigen Maps-app (veel fouten, weinig informatie) afdwingt, regent het boze reacties. Niet alleen bij klanten; ook bij Apple zelf, waar iPhone-baas Scott Forstall het veld moest ruimen.

Concurrenten ruiken bloed en haasten zich nieuwe kaartproducten te introduceren op de iPhone. Nokia kondigde deze week zijn verbouwde kaartendienst Here.com aan, inclusief een iPhone-versie.

Ook Google wil profiteren van dit moment van zwakte bij Apple. Google Maps, standaard op een half miljard Android-telefoons, is binnenkort weer als losse ‘app’ op iPhones en iPads beschikbaar. Brian McLendon, de baas van Google Maps wil dat officieel niet bevestigen. Een hint kan er wel van af: „We willen op alle apparaten beschikbaar zijn.”

McClendon richtte in 2001 Keyhole op, het bedrijfje dat in 2004 door Google werd overgenomen en de basis vormt van Google Maps en Google Earth. Inmiddels gebruiken een miljard mensen maandelijks de digitale kaart, die 187 landen beslaat. Ook de oceaanbodem, de maan en de planeet Mars zijn in kaart gebracht, hoewel Googles StreetView-auto’s daar nog niet gesignaleerd zijn.

Het team van McClendon wurmde zich tussen de twee dominante spelers in de kaartenwereld: TeleAtlas van TomTom en Navteq van Nokia. Google nam eerst een licentie op TomTom-gegevens en draait sinds 2008 grotendeels op eigen data. De Google-gegevens komen van StreetView-auto’s met camera, maar ook de geanonimiseerde locatiedata van Android-telefoons leveren een schat aan informatie. Bijvoorbeeld voor de live verkeersinformatie.

Google Maps profiteert van alle rekenkracht in de Google-datacentra, maar McClendon legt uit dat het in ‘geodata’ vooral draait om goede ideeën en noeste controle van alle gegevens. „We besteden erg veel tijd aan ground truthing – kijken of de satellietfoto’s wel overeenkomen met de gegevens op de digitale kaart.”

Er blijven menselijke ogen nodig om de correcties uit te voeren. „Een perfecte kaart bestaat niet”, zegt McClendon, „maar we hebben een enorme vooruitgang geboekt. Het kostte ons wel jaren om de fouten eruit te halen.”

Google kreeg veel hulp van vrijwillige kaartenmakers in Azië en Afrika, waar de wegen minder goed in kaart zijn gebracht. Daarnaast huurt Google data in die als extra laag bovenop de kaart gelegd kunnen worden. Denk bus- en treindiensten of fietsroutes. Om navigatie te verbeteren worden StreetView-foto’s gescand: verkeersborden en pijlen op de wegen worden herkend en verwerkt in de routeaanwijzingen.

Met het StreetView-project, nu in 44 landen, zijn miljoenen kilometers in kaart gebracht. Google deed die forse investering omdat de digitale kaart op een smartphone uitgroeit tot een lokale browser; een gids die toegang biedt tot relevante informatie in de buurt. En dat biedt de mogelijkheid om online advertenties te verkopen – Googles verdienmodel.

Een van de meest interessante commerciële toepassingen is navigeren binnenshuis, zodat je klanten ook door overdekte winkelcentra kunt leiden. Brian McClendon: „Dat is onze visie, maar nog lang geen realiteit.” Gps werkt alleen buiten; binnenshuis kun je enkel navigeren met behulp van de locatie van wifi-hotspots. Google Maps experimenteert daarmee in vliegvelden en stations, maar het is veel minder nauwkeurig.

Nokia adopteert het model van Google Maps. Het nieuwe Here is een online kaartendienst die op alle besturingssystemen zal werken, niet alleen op Windows Phone. Nokia hoopt een lokaal advertentieplatform te ontwikkelen en kocht 3D-bedrijf Earthmine om gebruikers een virtuele versie van de stad te laten zien, net zoals Google Earth of Apple Maps Flyover dat doen.

Terwijl de grote technologiebedrijven hun investeringen in locatiegebaseerde diensten opschroeven, wordt de speelruimte voor TomTom alsmaar kleiner. De inkomsten uit losse navigatieapparaten drogen op. Het Nederlandse bedrijf levert weliswaar de kaartdata voor de iPhone, maar dat is nog niet het gedroomde visitekaartje. En maakt de nieuwe TomTom-app (à 35 euro) voor Android echt een kans tegen de gratis kaart en autonavigatie van Google?