Obama moet de wereldorde nu een nieuwe vorm durven geven

Obama gaat als held de geschiedenis in als hij de problemen aanpakt met de economie, China en de islamitische wereld, stelt Kishore Mahbubani.

Woensdag 7 november was misschien wel de gelukkigste dag in het leven van Barack Obama. Met de hakken over de sloot wist hij het tot een tweede ambtstermijn te brengen. Toch zou het ook de ongelukkigste dag van zijn leven kunnen blijken. Hij kan immers vermalen worden door een reeks beproevingen die schade toebrengen aan zijn nalatenschap.

De eerste beproeving is de economie. Het begrotingsravijn kan nog worden opgeschoven als de Republikeinen in het Congres meewerken, maar de structurele uitdaging om meer werkgelegenheid te scheppen terwijl de middenklasse door mondialisering en automatisering zo veel banen heeft verloren, zou weleens onoplosbaar kunnen blijken.

De tweede uitdaging is China. Het wordt assertiever en nationalistischer, en steekt de VS economisch naar de kroon. Intussen hollen de Japans-Chinese verhoudingen achteruit. China gedraagt zich ongewoon agressief tegen zijn buurlanden van de Associatie van Zuidoost-Aziatische Naties (Asean) aan de Zuid-Chinese Zee, en heeft in juli van dit jaar zelfs het gezamenlijke communiqué van de Asean getorpedeerd.

De derde uitdaging is de islamitische wereld. Amerika heeft meer dan tien jaar verspild aan een niet te winnen oorlog in Afghanistan en een zinloze oorlog in Irak. Syrië en Bahrein doemen op als nieuwe beproevingen. De druk om Iran te bombarderen, zal heviger worden – maar als Obama dat zou doen, geeft hij China een belangrijk geopolitiek cadeau, maakt hij de wereldeconomie kapot met hoge olieprijzen en vernietigt hij de Amerikaanse vooruitzichten op hernieuwde economische groei.

Kortom – als Obama niet oppast, kan hij wegzinken in een moeras van problemen. Gelukkig voor hem is er voor die grote uitdagingen wel steeds een oplossing.

Wat de islamitische wereld betreft, zou een tweestatenoplossing voor Israël en Palestina een groot deel van het anti-Amerikaanse venijn wegnemen en ook de Israëlische belangen dienen. Bill Clinton zou de ideale gezant zijn. Er is niets wat Clinton zo graag wil als de Nobelprijs voor de Vrede, die Obama en Gore al hebben.

Dan Iran. De beste manier om het Iraanse bewind te ondermijnen, is door middel van betrokkenheid en niet door isolatie. Deze les heeft Azië de wereld geleerd met Birma. En het dichtst bevolkte islamitische land ter wereld, Indonesië, wacht nog altijd op de triomfantelijke terugkeer van Obama als de jongen uit de streek die het gemaakt heeft. Clinton heeft de harten in India veroverd. Obama kan hetzelfde doen in Indonesië – dat weleens het nieuwe baken van modernisering voor de islamitische wereld zou kunnen worden.

Ook Xi wil niets liever dan een diepe betrokkenheid bij Amerika. De enige manier om zijn heerschappij te versterken, is door zich te richten op de binnenlandse economische ontwikkeling in plaats van op afleidingen van buiten. General Motors en Ford hebben in China recordwinsten geboekt. Veel Amerikaanse staten verwelkomen Chinese investeringen. Een strategisch zakelijk bondgenootschap waarbij zowel Xi als Obama voordeel heeft, is mogelijk.

Een sterk economisch bondgenootschap tussen de VS en China kan ook de weg vrijmaken voor een akkoord over liberalisering van de handel. Obama kan het opnemen tegen de landbouwlobby’s die de Doha-ronde van de handelsbesprekingen hebben laten vastlopen. De meeste opkomende economieën zijn bereid tot concessies.

Het wezenlijkste is dat ook de tendensen op lange termijn in het voordeel zijn van Obama. De grote inkomensnivellering die zal leiden tot een explosie van de mondiale middenklasse, van 1,8 miljard mensen nu tot 3,2 miljard in 2020, zal de wereld bewegen tot een grotere mondiale integratie en samenwerking. Het aantal mensen dat omkomt bij internationale conflicten is nog nooit zo laag geweest. Ja, Obama zal moeten bezuinigen op de Amerikaanse defensiebegroting, maar er zou geen gunstiger historisch moment kunnen zijn om dit te doen.

Dit is Obama’s kans. De wereld hoopt dat hij dit uitzonderlijk gunstige moment zal aangrijpen om een nieuwe wereldorde vorm te geven. Anders dan vaak wordt gedacht, is zijn gesternte in zijn voordeel. Hij hoeft alleen nog maar het voortouw te nemen.

Kishore Mahbubani is verbonden aan de Nationale Universiteit van Singapore. De vertaling van zijn boek The Great Convergence verschijnt komend voorjaar bij Nieuw Amsterdam.