De man die het wist

Paul Peyre en de studeerkamer. Foto NRC / Raoul de Jong Paul Peyre en de studeerkamer. Foto NRC / Raoul de Jong

We nemen plaats tussen de boeken, Paul Peyre achter een bureau, wij op twee lagere fauteuils daarvoor. In precies zo’n studeerkamer als waarvan ik altijd heb gedroomd. Op de tweede verdieping van een oud huis, achter een grote tuin, aan het einde van een straat met een zee aan aërodynamische fietspakjes.

Eerst maar eens over die fietspakjes: Paul Peyre is daar niet zo gek van. De Mont Ventoux is een hype geworden, zegt hij. Vroeger was de berg slecht begaanbaar en juist daarin schuilde de magie. Er waren plekken waar je niet kon komen en daardoor konden er mythes over die plekken ontstaan. De berg is niet langer gevaarlijk, dient alleen nog maar voor entertainment, zelfs mensen die zelfmoord willen plegen gaan tegenwoordig ergens anders naar toe.

Alles aan Paul Peyre vind ik prachtig. Hoe hij zich kleedt; simpel en elegant. Hoe hij spreekt; rustig, met diepe stem en soms met jongensachtig enthousiasme. En wat hij weet; veel, niet alleen door te lezen, maar door om zich heen te kijken en door te doen. Ik schat hem eind zestig, begin zeventig en toch doet hij me het meest denken aan een jonge bergbeklimmer. Misschien is dat wat er gebeurt als je op een werkelijke manier in contact staat met het leven: de haren worden grijs, het lichaam wat krakerig, maar het licht in de ogen wordt alleen maar lichter. Dat heb ik vaak gezien in mensen die hun eigen aardappels planten, maar maar zelden in iemand die heeft gestudeerd.

Ik vind hem een held, zou ik zeggen, als dat niet veel te schreeuwerig klonk voor Paul Peyre. Hij is wijs op een manier waarop ik zelf ooit graag wijs zou willen zijn.

Paul was leraar klassieke talen en Provençaals op een middelbare school. Tijdens zijn studie, raakte hij geïnteresseerd in mythen en sagen. Als ze bestonden in het oude Rome en Griekenland, moesten ze ook bestaan in zijn eigen omgeving. Zo werd hij een expert op het gebied van de mythes en sagen over de Mont Ventoux.

Goed, vraagt hij. Wat willen we van hem weten?

Ik stamel in het Frans dat ik geïnteresseerd ben in die mythes, meer wil weten over de natuur van deze regio. Maar dat is slecht verwoord. Eigenlijk gaat het me om de natuur an sich. De relatie tussen natuur en mens ontdekken die wij, waar ik vandaan kom, vergeten zijn en niet meer begrijpen.

Paul begrijpt wat ik bedoel. Hij zegt: Ik heb het geluk dat ik de wereld waarin mensen samenleefden met de natuur nog heb meegemaakt. Ik heb hem meegemaakt en ik heb hem zien verdwijnen.

Toen hij jong was, was het de gewoonste zaak van de wereld dat er mensen waren die brandwonden konden genezen met hun handen of water konden vinden met een stok. Medicijnmannen bestonden nog en er waren verhalenvertellers, conteurs. Die ’s avonds in de winter verhalen die van generatie op generatie waren doorgegeven vertelden.

Door de verhalenvertellers werd hij zich bewust van de enorme wijsheid van de mensen om hem heen. Mensen die nooit gestudeerd hadden, maar zo drieduizend verschillende soorten graan konden herkennen en wisten wat je met elke soort kon doen. Mensen die niet alleen aan sporen konden zien door welk dier ze waren achtergelaten, maar ook of dat dier een mannetje was of een vrouwtje en of dat vrouwtje zwanger was of niet. Zoals een oude jager die de sporen herkende van een zwanger wild zwijn: ze liep op de puntjes van haar poten om zo de baby in haar buik niet te verstoren. En hoeveel poëzie heeft dat?

Vanaf de jaren zestig heeft hij die wereld langzaam zien verdwijnen. De mensen die de gaven hadden werden oud en vonden niemand meer om ze aan door te geven. Jonge mensen gingen naar het ziekenhuis als ze wat hadden. En niemand luisterde meer naar de verhalenvertellers, want er was de tv.

Ik vraag hem of hij denkt dat wij, mensen, met die wereld iets essentieels van het menszijn hebben verloren en hij denkt van wel. Hij zegt: de tijd verandert, dat is normaal. De omstandigheden veranderen. En soms verandert de geest, l’ esprit. Maar de revolutie die we in de twintigste eeuw hebben doorgemaakt heeft veroorzaakt dat we niet meer kijken. We kijken niet meer met onze ogen, alles wat we zien wordt gefilterd, we kijken via een scherm. Dat is waar we onze mythes vinden, de magie en onze dromen. Niet meer in de werkelijke wereld om ons heen.

En met die wereld, verloren we onze waarden. Vroeger werkte iedereen in de commune samen. Je hielp je buren met de oogst en in ruil daarvoor hielpen ze jou. Nu is iedereen in concurrentie met elkaar: zo snel mogelijk naar de markt voordat je buurman er is.

Er is een mondialisation de penser. Alles wordt gelijkgetrokken. Alles wordt overal steeds meer hetzelfde. Steeds banaler, steeds sneller, steeds makkelijker. Van waar we van dromen tot wat we eten.

En dus begon hij in de jaren zeventig met het vastleggen van de kennis van de oude wijze mensen van de wereld om hem heen, voordat die kennis voorgoed verdween. Hij maakte talloze opnames, van ouderen die spraken over planten, van zangers die zongen in het Provençaals en van de mythes en legendes over de natuur, de dieren en de mensen uit deze regio, zoals ze verteld werden door de laatste verhalenvertellers uit Malaucène.

Ik zit met een levende Passolini aan tafel, een levende Laurens van der Post. Hij zegt dezelfde dingen die zij zeiden in de boeken die ik over hen las. Passolini, die zijn mensen probeerde te waarschuwen voor de illusies van de nieuwe welvaart. Ze zouden er hun cultuur ermee vernietigen en daarmee hun ziel. En Laurens, die de mythes van de bushmen probeerde vast te leggen, voor de bushmen werd uitgeroeid. Omdat hij zag dat in die verhalen en de oercultuur waaruit ze kwamen een handleiding voor het leven lag.

Ik zit met een levende Laurens om tafel en ik mag hem vragen wat ik wil.

“Maar terug naar de Ventoux,” zegt hij verontschuldigend.

“Nee, nee,” zeg ik. Met traantjes in de ogen van opwinding. “Dit is precies waarvoor we hier kwamen.”

Raoul kreeg voor zijn tocht van de ANWB Human Nature travel gear, een rugzak en een jack van The North Face en een iPad van Mangrove.