Toezichthouders gaan zich verenigen

Begin volgend jaar gaat een nieuwe vereniging van toezichthouders in de cultuursector van start. Doel van deze Nederlandse Vereniging van Toezichtshouders in de Cultuur (NVTC) is de kwaliteit van het toezicht te verhogen. Dat laten initiatiefnemers aan deze krant weten.

De afgelopen maanden heeft een voorlopig bestuur de uitgangspunten vastgesteld. „De vereniging moet instrumenten kunnen aanreiken om bestuur en toezicht in de culturele sector verder te professionaliseren. Dat is ook belangrijk omdat andere belanghebbenden, zoals geldschieters, van de culturele sector dat verwachten. Zeker nu er meer eisen aan cultureel ondernemerschap worden gesteld”, zegt Jan Karel van der Staay, lid van het voorlopige bestuur, voormalig hoofd Juridische Zaken van Akzo Nobel en betrokken bij Filminstituut Eye.

De oprichting wordt gefinancierd door VSB Fonds en de banken ABN Amro, ING en Rabo. Ook andere geldschieters van culturele instellingen ondersteunen de oprichting, zoals directeur Ryclef Rienstra van de VandenEnde Foundation die lid is van een klankbordgroep van de NVTC. „We hebben in andere branches kunnen zien hoe ook het toezicht kan ontsporen”, zegt hij. „De Code Cultural Governance die een jaar of vijf geleden is vastgesteld wordt volgens mij nog lang niet altijd nageleefd. Ik zie raden van toezicht die zich daar nog te weinig van bewust tonen. Het is geen erebaantje meer. Het vergt tijd en energie. Een nieuwe vereniging kan dat bewustzijn vergroten en nieuwe toezichthouders spotten.”

Een aantal culturele instellingen heeft al toegezegd lid te worden, zegt Ron Soonieus van adviesbureau Camunico, dat samen met advocatenkantoor Baker & McKenzie de oprichting begeleidt. Namen wil hij nog niet noemen. „We willen een goede spreiding tussen grote en kleine instellingen, in de Randstad en in de regio, voordat we namen bekendmaken.”

Zijn bureau heeft onderzoek gedaan naar het draagvlak onder directies en raden van toezicht van culturele instellingen. De vereniging moet vooral gericht zijn op het delen van kennis en ervaring. „De bedoeling is een klein kantoor met een beperkt budget”, zegt Soonieus. De kosten zullen gedragen moeten worden door de instellingen die lid worden.