Stripkunst die grens verlegt

Tim Enthoven (26) maakte naam met zijn stripboek Binnenskamers . Nu is er The Tiny Tim, weer over een jongen die moeite heeft met mensen. „Dit werk is een poging tot verzoening.” Zaterdag geeft hij een interview op het Haagse Crossing Border festival.

Tekeningen van Tim Enthoven uit ‘Binnenskamers’ en ‘The Tiny Tim’ (rechtsboven).

Het lezen van de graphic novel Binnenskamers is een wonderlijke ervaring. De kamer van hoofdpersoon Tim is weergegeven als een transparante kubus. Die opengewerkte cel met tafel, bed en hoopje kleren went snel. Als hij zich verplaatst naar de wc, zien we alleen die ruimte, als het moet een pagina lang. In combinatie met de handgeschreven tekstjes die zijn gedachten weergeven („er kwam niets”), ontstaan er geestige effecten.

De maker van het boek, tekenaar en beeldend kunstenaar Tim Enthoven, trekt zich niets aan van de traditionele stripkaders. In deze buitengewoon originele graphic novel staan de tekeningen los op de pagina. Soms staat een persoon meerdere keren in een scène, waarmee bewegingen of juist stilstand wordt aangegeven. Zo zet Enthoven tijd en ruimte naar zijn hand.

Met het vorig jaar verschenen Binnenskamers studeerde Enthoven af aan de Design Academy in Eindhoven. Dit voorjaar werd het boek onderscheiden als beste stripdebuut van het jaar en er groeit ook internationale belangstelling. Het 27-jarige talent is al „het beste nieuws voor de Nederlandse strip genoemd”. Zelf vindt hij dat te veel eer. Hij is ook nog maar net begonnen, maar zijn sterke eigenheid doet vermoeden dat we getuige zijn van de geboorte van een nieuwe Joost Swarte. Inmiddels levert Enthoven maandelijks illustraties voor het New York Times Magazine. Samen met de Spanjaard Martí en de Duitse Aisha Franz wordt hij zaterdagavond bij Crossing Border geïnterviewd.

In Binnenskamers leeft Tim in een rigide dagritme en verstoken van contact. Poepen om vier uur, eten om acht uur, vanaf tien uur vier uur werken, slapen, ontbijten, enzovoort. Het idee voor de transparante ruimte ontstond spelenderwijs, zegt Enthoven. „Wat ik wilde was een verhaal maken waarbij je je als lezer bewust blijft van het feit dat het getekend is. Ik zocht naar een beeldtaal die niet leunt op film, niet op een cinematografisch perspectief. Mijn vraag was: hoe omzeil ik een kader waarbinnen je maar een deel van een wereld kan laten zien? Ik wilde alles laten zien.”

Het perspectief beweegt nu als het ware mee met de blik van de lezer. Bovenaan de pagina tekent Enthoven de kamer meer van onder en onder op de pagina meer van boven. „Zodra die kamer er was, kon ik er mee gaan spelen. Ik kon bijvoorbeeld de hoofdrolspeler verstoppen en de rest van het beeld het verhaal laten vertellen.”

Niet praten

Gaandeweg accepteer je als lezer bijvoorbeeld dat simpele zwarte blokken op de pagina zeggen dat het nacht is in de kamer. „Het was fantastisch om die vondst te doen. Ik dacht: Jezus, hier kan ik ontzettend veel mee.” Vorm en inhoud ondersteunen elkaar, want de op zichzelf staande kamer op de pagina versterkt het isolement dat Tim zichzelf oplegt.

Als figuren in het boek praten, dan tekent Enthoven alleen de hoofden, meestal zelfs geen nek. Zijn liefde voor het losweken van beeld komt voort uit zijn persoonlijke behoefte aan orde en overzicht, zegt hij. In de strip is Tim monomaan in zijn streven naar orde. „Ja, dat hebben we gemeen”, beaamt Enthoven. „Tijdens het maken van de strip gingen onze levens ook steeds meer op elkaar lijken. Om een boek te kunnen maken moet je veel werken en veel alleen zijn.”

Enthoven verwerpt de suggestie dat zijn alter ego contactgestoord is. „Hij heeft wel moeite met andere mensen, maar door een doel op zich te maken van alleen zijn en controle houden, interpreteert hij het als een kracht.”

Wat Enthoven betreft, denken veel mensen er zo over. „Iedereen verlangt naar controle en tracht zijn leven naar zijn ideaal in te richten. Sommige mensen doen er meer aan om dat te verwezenlijken dan anderen.”

De heersende cultuur is dat mensen elkaar aanmoedigen om op alle mogelijke manieren te communiceren. Maar waarom is extravert de maatstaf, vraagt hij zich af. „Ik denk dat praten overschat is. Het niet uitspreken van een gedachte of mening is vaak zinniger, want er is veel waar je beter langer over kan nadenken. Praten vind ik op zich een aangename activiteit, maar het grootste deel van de dag vind ik het prettig om niet te hoeven praten.”

Vanwege dat verlangen naar grip en stilte, richt Tim zijn leven zo in, zegt Enthoven. Hij zoekt vrijheid in controle. „Zelf doe ik ook een poging om vrijheid te vinden in de beeldtaal door mezelf regels op te leggen.”

Door een ontmoeting van Tim met een meisje spelen zijn driften op en dreigt zijn leven uit de rails te lopen. Enthoven: „Het ontspoort. De strenge opzet biedt daar ruimte voor. Er kan een hoop kapot worden gemaakt.” Door een prostituee te bezoeken wendt de hoofdpersoon het gevaar af. „Zo’n bezoek is ook een vorm van gemaakt leven. Hij kan zijn tienerlust botvieren in een beheerste omgeving. Het is seks met een duidelijk begin en einde, op afspraak.”

Bij de seks gaan de gordijnen dicht, terwijl de lezer tot dan toe ook voyeur is. Dat kunnen binnenkijken is ook een hint naar reality tv, waarin huizen behangen worden met camera’s om elke beweging te kunnen volgen. „Zonder schaamte een ander bespieden is inmiddels gemeengoed. Daar speel ik mee. Ook het gegeven dat de hoofdpersoon net als ik Tim heet, roept het authentieke gevoel op dat bij reality past.”

Zeemansmasturbaties

Dit voorjaar presenteerde Enthoven zich in een solo-expositie in museum MU in Eindhoven, getiteld The Tiny Tim, the early years of Tim Enthoven 1994-2003. Het begeleidende boekwerk kwam deze week uit. Het is geen stripboek, het zijn tekeningen in losse katernen en bladen, verpakt in een kartonnen, zwart mapje dat sluit met een lint.

Aan de binnenzijde van de map staat dat Enthoven alles maakte tussen zijn negende en zeventiende: onder meer tekeningen van klasgenootjes, meisjes als stormtorens, paaldanseressen, duo’s in obscene posities gekleed in ridderkostuums en een boekje met de titel Zeemansmasturbaties, met pornografische wensdromen van matrozen.

Het liefst zou de kunstenaar het idee van de presentatie in MU in stand houden. Maar het is niet doenlijk over The Tiny Tim te praten zonder te zeggen dat het een mystificatie is. Het is nieuw werk. „Ik heb als een soort acteur opgetreden. En als scenarist. Ik heb het verhaal bedacht en vanuit dat verhaal ben ik gaan bedenken hoe mijn jeugdwerk eruit zou zien.”

De afwijkende, want fel realistische tekenstijl versterkt de suggestie van jeugdwerk. Opnieuw is het Enthovens bedoeling de waarde en kracht van authenticiteit te beproeven. En ook hier is de maakbaarheid van het leven in het geding. „Elk afzonderlijk deel is een hoofdstuk over de manieren van Tiny Tim om met zijn binnenwereld en de buitenwereld om te gaan.” Dit werk is te zien als een poging van Tiny Tim om zich te verzoenen met de medemens, stelt de tekenaar. „Op de tekeningen staan alleen maar andere mensen.”

De figuren in ridderkostuum stellen verkenningen van het nachtleven voor – gezien door een jong iemand die niet in het nachtleven komt. „Die kostuums komen voort uit mijn fascinatie voor de Gouden Eeuw. Het nachtleven leent zich goed voor uitbeelding in legertuig, door het uniforme en het feit dat er massa’s mensen zijn. Een formatie in carré vertoont toch veel overeenkomst met een discovloer?”

Tim Enthoven: ‘Binnenskamers’. Uitg. Bries/ De Harmonie. ‘The Tiny Tim’ is verkrijgbaar via www.mu.nl. Zaterdag treedt Tim Enthoven om 14u op inTheater a/h Spui, Den Haag.