Onverwacht grote krimp van economie

De Nederlandse economie is in het derde kwartaal met 1,1 procent gekrompen ten opzichte van het tweede kwartaal. Dat heeft het Centraal Bureau voor de Statistiek vanochtend bekendgemaakt.

De krimp is de grootste afname van economische bedrijvigheid sinds het tweede kwartaal van 2009. Als de economie ook in de laatste drie maanden van het jaar krimpt, belandt Nederland voor de derde keer in drie jaar tijd in een recessie. Waar economen vorig jaar vreesden voor een double dip stevent Nederland nu af op een triple dip.

Door de onverwachte krimp staan de economische aannames waarop het regeerakkoord van het kabinet-Rutte II is gebaseerd, onmiddellijk onder druk. De staat zal minder belastinginkomsten krijgen en meer geld aan uitkeringen kwijt zijn. Het zal dan moeilijk worden om de afgesproken begrotingsdoelen te halen, tenzij er meer bezuinigd wordt.

De twee grootste economieën van de eurozone – Duitsland en Frankrijk – maakten vandaag bekend in het derde kwartaal met 0,2 procent te zijn gegroeid. Uit de cijfers van het CBS blijkt dat Nederland in het afgelopen kwartaal minder profiteerde van export (-2,4 procent vergeleken met het tweede kwartaal). Als gevolg van de zwakke groei in Frankrijk en Duitsland en de crisis in Zuid-Europa is de eurozone in een recessie beland. In het tweede kwartaal was de krimp 0,2 procent en het afgelopen kwartaal was dat 0,1 procent. Dat heeft Eurostat vandaag bekendgemaakt. De eurozone is de belangrijkste handelspartner van Nederland.

De oorzaak van de Nederlandse malaise is ook binnen de landsgrenzen te vinden. Bedrijven investeerden minder (-3,1 procent) en consumenten gaven minder uit (-0,4 procent). Volgens het CBS is vooral de crisis op de huizen- en vastgoedmarkt schadelijk. Ook werden minder auto’s verkocht.

De werkloosheid is in oktober gestegen tot 6,8 procent (536.000 personen) van de beroepsbevolking, een toename van 0,2 procentpunt. Vorige maand was dat nog 6,6 procent (519.000 personen), blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS en UWV. Ruim de helft van de mensen die het afgelopen kwartaal hun baan verloren, betrof 45- tot 65-jarigen.

Commentaar: pagina 2

Achter de cijfers: pagina 28-29