Klikklak! Een gebouw zien met je oren

Voor het boek Architectuur door andere ogen bezochten blinden en zeer slechtzienden gebouwen in Nederland. Ook wie kan zien vaart wel bij architectuur die meer is dan een lust voor het oog.

Fotograaf Hannes Wallrafen in de Visafslag Scheveningen

De blinde fotograaf Hannes Wallrafen heeft vaak een klikklak bij zich. Hiermee kan hij horen in wat voor soort ruimte hij zich bevindt. Hij had er ook een bij zich toen hij de Visafslag Scheveningen bezocht – Wallrafen is een van de acht blinden en zeer slechtzienden die voor het boek Architectuur door andere ogen gebouwen in Nederland bezochten en becommentarieerden. Bij het gisteren gepresenteerde boek zitten drie cd’s met radioreportages over hun bezoeken.

‘Klikklak’ klinkt het dan ook al gauw als Wallrafen, die in 2004 op 53-jarige leeftijd in korte tijd blind werd, in de hal van de Visafslag in Scheveningen staat. „Er zit hier veel beton of harde steen”, vertelt hij aan journalist Coen Verbraak, met wie hij door het 350 meter lange gebouw van architect Sjoerd Schamhart uit 1962 loopt. Dat hoort hij aan de weerklank van de klikklak. „Een beetje harde galm”, legt hij uit. Hoe hoog de ruimte is, vindt hij moeilijk te schatten, maar als hij even later weer klikklakt, hoort hij dat hij nu een ruimte met een laag plafond heeft betreden.

Onder de gebouwenbezoekers is ook cabaretier-schrijver Vincent Bijlo. Bijlo ging naar de door zijn overgrootvader Hendrik Berlage ontworpen Koopmansbeurs in Amsterdam. En de Belgische schaker en essayist Piet Devos. Devos dwaalde door het lege, betonnen radiozendgebouw in Kootwijk.

Met Architectuur door andere ogen willen de bedenkers van het Gesamtkunstwerk, Martijn Jordans en Bastiaan van de Kraats van de stichting Zilvergrijs, laten zien en horen dat architectuur meer is dan het ‘vakkundige, correcte en magnifieke spel van volumes onder de zon’ , zoals de invloedrijkste architect van de 20ste eeuw Le Corbusier zijn vak in 1923 definieerde. Gebouwen worden niet alleen gezien door ogen, maar ook gehoord door oren, gevoeld door handen en geroken door neuzen. In het huidige tijdperk van de beeldcultuur en de daarbij horende spektakelarchitectuur wordt dit steeds meer vergeten.

Nog meer dan in de tijd van Le Corbusier worden de ‘iconen’ van de spektakelarchitecten gemaakt om te worden gefotografeerd en als ‘beelden’ de wereld over te gaan. Andere zintuigen dan de ogen spelen er geen rol bij. De 300.000 blinden en slechtzienden die Nederland telt zijn bij hun ervaring van architectuur juist vooral daar op aangewezen. Wat blinden betreft speelt schoonheid, het ‘spel van volumes onder de zon’, juist helemaal geen rol. „Mooi of lelijk, wat zegt het mij?”, schrijft Vincent Bijlo in zijn bijdrage ‘Het oog is een dictator’. „Als ik me prettig voel in een gebouw waarvan de estheten onder ons schande spreken, dan is dat voor mij een mooi gebouw.” En prettig is een gebouw als het goed functioneert en een goede akoestiek en sfeer heeft.

Blinden zijn daarom gebaat bij het ‘inclusief ontwerpen’ van architectuur dat in het tweede technische deel van het boek uitvoerig uit de doeken wordt gedaan. Bij inclusief ontwerpen houdt de architect rekening met alle zintuigen van de gebruikers. Dat is niet alleen prettig voor blinden en slechtzienden, maar ook voor de zienden. Die hebben tenslotte ook voordeel van een goede akoestiek in de verschillende ruimtes in een gebouw of een logische route.

Toch zijn ook voor blinden niet alle zintuigen even belangrijk bij hun ervaring van architectuur, blijkt uit de radioreportages. Zoals zienden vooral hun ogen gebruiken in gebouwen, zo gebruiken blinden vooral hun oren. „Voor een blinde is een gebouw voornamelijk klank”, legt Bijlo uit op zijn tocht door de Beurs van Berlage. „Ook wel materialen, natuurlijk, maar toch vooral klank. Aan de akoestiek hier kan ik horen dat dit een stevig, robuust, naakt gebouw is. Mijn overgrootvader hield niets verborgen.”

Architectuur door andere ogen. Samenstelling: Martijn Jordans, Bastiaan van de Kraats, Marij van den Wildenberg. Uitg. De Kunst, 416 blz. en 3 cd’s. 42,50 euro