Veel voelen, maar weinig laten zien

Jean-Louis Trintignant (81) en Emmanuelle Riva (85) zijn legenden van de Franse filmkunst. Hun ingetogen acteerstijl past uitstekend bij regisseur Michael Haneke.

Curiouser and Curiouser: The Films of Alain Resnais

‘Toen ik jong was, raakte ik erg bekoord door Emmanuelle Riva in Hiroshima mon amour”, vertelde Michael Haneke op het filmfestival van Cannes. Die vroegere betovering was voor Haneke de reden om Riva (85 jaar) te casten voor een van de hoofdrollen in Amour, de andere ging naar Jean-Louis Trintignant (81 jaar), voor wie Haneke de rol speciaal schreef. Hoewel Trintignant zich eigenlijk al had teruggetrokken uit de filmwereld besloot hij na lezing van Hanekes scenario nog eenmaal in een film mee te spelen.

Niet alleen de deelname van Emmanuelle Riva en de titel Amour verwijzen naar Alain Resnais’ klassieker Hiroshima mon amour (1959), inhoudelijk zijn er tal van parallellen. In de film van Resnais, naar een scenario van Marguerite Duras, is Riva een actrice die in het naoorlogse Hiroshima meewerkt aan een ‘film voor de vrede’.

Tijdens haar verblijf in de stad heeft ze een affaire met een Japanse architect. Beiden hebben een oorlogstrauma dat in hun postcoïtale gesprekken aan de orde komt. Riva had tijdens de bezetting van Frankrijk een relatie met een Duitse soldaat die vlak voor de bevrijding werd doodgeschoten, waarna zij werd bestempeld tot ‘moffenhoer’ en werd kaalgeschoren. Riva rouwt om de vervagende herinnering aan haar eerste grote liefde, net zoals de pijn van Hiroshima ook ooit zal slijten.

Hiroshima mon amour speelt zich af in het krachtenveld tussen herinnering en vergetelheid. De Japanse architect rept van ‘de gruwel van het vergeten’, een thema dat ook in Amour opduikt: het aangetaste geheugen van Anne (Riva) is precies waar de naamloze vrouwelijke hoofdpersoon in Hiroshima mon amour bang voor is – alles zal ten slotte vergaan, net zoals de atoombom op Hiroshima (en Nagasaki) stenen vloeibaar maakte en tot stof deed vergaan.

Nadat Resnais haar had gezien in het theater gaf hij Emmanuelle Riva (1927) haar eerste filmrol. In het eerste kwartier van Hiroshima mon amour horen we alleen haar stem, die op gedragen toon de teksten van Duras declameert – een bewust theatrale aanpak. Later valt vooral haar blik op die altijd in de verte gericht lijkt te zijn, zwevend tussen heden en verleden. Ze glimlacht veel, maar achter haar ogen schuilt groot verdriet dat door Riva op zeer ingehouden wijze wordt gesuggereerd. Zo blijven grote emoties altijd klein, zowel in spel als dictie. Het is een acteerstijl die Haneke past als een handschoen, hij vraagt zijn acteurs gevoelens zoveel mogelijk te verinnerlijken.

Hanekes opvatting over acteren rijmt ook met die van Jean-Louis Trintignant (1930) die ooit stelde dat „de beste acteurs degenen zijn die het meest voelen maar het minst laten zien”. Trintignant speelde in ruim 135 films. Hij beleefde zijn doorbraak met Et dieu… créa la femme (1956, met Brigitte Bardot) en had zijn laatste grote rol in Trois Couleur: Rouge (1994) van Krzysztof Kieslowski. In zijn beste rollen, zoals Il sorpasso (Dino Risi, 1962), Il conformista (Bernardo Bertolucci, 1970) en Ma nuit chez Maud (Eric Rohmer, 1969), is zijn gezicht een masker waarop vrijwel niets valt af te lezen. Zo’n masker past bij de schuchtere, tobberige personages die hij neerzet. Maar af en toe laat Trintignant met een oogopslag of flauwe glimlach zien dat er zich wel degelijk gevoelens achter die emotieloze façade bevinden, soms zelfs heel duistere zoals in Il conformista, waarin hij een fascist speelt die een moordaanslag voorbereidt.

Emmanuelle Riva had een veelzijdige carrière. Zij was dichteres, bleef altijd actief in het theater en had opmerkelijke filmrollen als seksueel gefrustreerde non in Jean-Pierre Melvilles Léon Morin, prêtre (1961) en de titelrol in de boekverfilming Thérèse Desqueyroux (Georges Franju, 1962), waarvoor ze op het filmfestival van Venetië de prijs voor beste actrice ontving.

Zowel Riva als Trintignant speelde mee in de Trois Couleur-trilogie van de Poolse cineast Krzysztof Kieslowski. Riva was de moeder van Juliette Binoche in Bleu, Trintignant de voyeuristische, norse oud-rechter in Rouge.

Kieslowski’s oeuvre heeft veel gemeen met dat van Haneke. Beide filmmakers stellen graag (ongemakkelijke) morele vragen over onze hedendaagse samenleving en haar gebrek aan beschaving. De compassie die Haneke in Amour tentoonspreidt staat ver van zijn overige, vaak kille werk en dicht bij de humanisme van Kieslowski. Met dank aan de warmte van Riva en Trintignant.