Geen master? Verdacht!

Is een bachelor een echt diploma? In theorie wel, maar in praktijk valt de aansluiting op de arbeidsmarkt tegen.

Nederland, Den Bosch, 29-10-'12; Portret van Karin Sloove, werkt als technisch adviseur bij Haskoning in oa Amersfoort. Foto: Kees van de Veen Kees van de Veen

Nydia van Voorthuizen (23) besloot na haar bachelor Nieuwe Media en Cultuur aan de Universiteit van Amsterdam niet door te studeren voor een masterdiploma. „Van mijn twee vrijwillige stages leerde ik meer dan van mijn studie”, vertelt ze. Met haar bachelor op zak ging ze op zoek naar werk.

Een universitair bachelordiploma als volwaardig diploma, waarmee je op de arbeidsmarkt een goede kans zult maken. Dat was een van de doelen van het bachelor-mastersysteem bij de invoering in 2002. Nederland hoorde bij de eerste landen die het hoger onderwijs omvormde om te voldoen aan Europese afspraken voor een uniform systeem. Een master volgen aan een andere universiteit, zelfs in een ander land, zou hiermee eenvoudig mogelijk zijn. En in alle landen zou een diploma – ook een universitair bachelordiploma – hetzelfde waard zijn.

Nu, tien jaar later, blijkt dat Nederlandse universiteiten juist achterliggen bij hun internationale collega’s. „Onze universiteiten hebben de studieprogramma’s niet goed aangepast aan het nieuwe systeem. Er wordt a priori van uitgegaan dat iemand doorgaat voor een master”, zegt Egbert de Weert van het onderzoekscentrum voor hoger onderwijsbeleid (CHEPS) van de Universiteit Twente. Bachelorstudenten doen nauwelijks professionele vaardigheden op. „Bacheloropleidingen in landen als Frankrijk, Duitsland en Engeland sluiten veel beter aan op de arbeidsmarkt”, zegt De Weert. Veel andere landen kennen het onderscheid dat Nederland maakt tussen hbo en universiteit niet; alle bachelors hebben ongeveer dezelfde status. Veel meer bachelorstudenten doen er een stage, een belangrijke stap tussen studie en arbeidsmarkt. Praktische vaardigheden doen studenten daarnaast op bij vakken die situaties in het werkveld simuleren. Nederlandse universitaire bacheloropleidingen hebben zulke elementen slechts mondjesmaat.

In het collegejaar 2004-2005 kreeg de eerste lichting studenten haar universitaire bachelordiploma. 800 bachelors besloten hierna niet verder te studeren, zo blijkt uit cijfers van het CBS. Ter vergelijking: in dat jaar studeerden 19.000 mensen af met een doctoraal – de voorloper van het masterdiploma. De meest recente CBS-cijfers zijn uit 2007-2008, toen stopten 1.600 mensen na hun bachelor, een verdubbeling, terwijl het aantal afgestudeerde masters slechts groeide tot 20.000. Maar de stijging lijkt niet te hebben doorgezet. In 2010 studeerden 1.150 mensen die in studiejaar 2008-2009 hun bachelor haalden, niet verder gestudeerd voor een master, blijkt uit cijfers van SEO Economisch Onderzoek. Het aantal masters steeg wel. De slechte economische situatie zorgde ervoor dat veel studenten in het hoger onderwijs de afgelopen jaren juist kozen voor lang doorstuderen of een extra studie.

Studenten in de richtingen taal en communicatie, kunst en cultuur en gedrag en maatschappij kiezen in vergelijking met andere studierichtingen vaker voor stoppen na de bachelor. „Een reden hiervoor kan zijn dat de kansen van deze studenten op de huidige arbeidsmarkt toch al gering zijn, een master draagt hier niet enorm veel aan bij”, zegt Ernest Berkhout van SEO Economisch Onderzoek. Ook De Weert noemt deze verklaring, maar zeker weten doen ze het niet. Omdat de groep bachelors relatief klein is, wordt er amper onderzoek gedaan.

Van Voorthuizen deed op eigen initiatief professionele vaardigheden op tijdens twee stages, bij de webredactie van het magazine Glamour en een website over vrouwenboeken. Daar ontdekte ze welke richting ze op wilde – schrijven voor een tijdschrift – en ze meende dat ze met haar studie niet veel meer zou gaan leren wat haar daarbij zou helpen.

„Eerst dacht ik dat een master de enige manier was om aan een goede baan te komen. Maar ik zie vriendinnen met een master op zak die net zo goed thuis zitten.” Ze werkt nu als barista bij de Coffee Company en doet af en toe een freelance schrijfopdracht. Ze is optimistisch over haar kansen: „Niemand vraagt een freelancer om een diploma. Viavia en bij mijn oude stage krijg ik nu opdrachten, dat worden er hopelijk snel meer.” Tot ze van haar tekstschrijversbestaan kan leven, werkt ze met plezier in de koffiebar, zegt ze.

Voor mensen die als eerste baan wel bij een werkgever aan de slag willen, liggen de kansen anders. „Als onze klanten zoeken naar een wo-afgestudeerde dan bedoelen ze nog steeds iemand met een masterdiploma”, zegt Joost Heeroma van Randstad. De bachelors hebben de omstandigheden ook niet mee. „Er zijn zo weinig vacatures op het moment. Bedrijven hebben de macht om een master te vragen”, zegt Heeroma. Bij recruitmentbureaus voor high-potentials of traineeships komen bachelors, hoe talentvol ook, sowieso niet binnen. Grote advocatenkantoren, banken en consultants werken alleen met masters, zegt Eva Knoups van Ebbinge Campusrecruitment. Ook een technologiereus als Philips heeft nooit vacatures voor wo-bachelors. Frank Cörvers van het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) van de Universiteit Maastricht begrijpt dit wel: „Niemand begint aan de universiteit met het idee om na een bachelor te stoppen. Dus als je dat wel doet dan is er kennelijk iets bijzonders aan de hand. Je hebt iets uit te leggen.”

Studieadviseurs geven dan ook eigenlijk nooit het advies om na alleen een bachelor de universiteit te verlaten en de wijde wereld in te trekken.

Onderzoeker De Weert ziet de toekomst van bachelors op de arbeidsmarkt iets positiever in. Concrete cijfers heeft hij niet, maar hij ziet het bijvoorbeeld aan de verandering van hoe wij tegen het idee van leren aankijken. Een opleiding tijdens je jonge jaren is niet altijd meer de enige mogelijkheid om kennis op te doen ¬ denk aan life long learning. Ook kunnen de bachelors in andere Europese landen aan de slag. Er liggen daar kansen omdat (universitaire) bachelors normaler zijn; wij maken hier een duidelijk onderscheid tussen een bachelor behaald aan een universiteit en aan het hbo. Voor veel landen geldt dat niet. Maar natuurlijk hebben de kansen van bachelors ook alles te maken met hoe de rest van de arbeidsmarkt ervoor staat: mensen met technische bagage, ook bachelors, vinden makkelijker een baan dan alfa’s en gamma’s.

Uit de bètahoek klinken inderdaad succesverhalen. Van Karin Sloove bijvoorbeeld. Sloove (29) studeerde Civiele Techniek in Enschede. Door een auto-ongeluk en studievertraging werd zij min of meer gedwongen te stoppen na haar bachelor. Langer studeren kon ze niet betalen. Ze stuurde sollicitatiebrieven maar kreeg nauwelijks reactie. Dat veranderde na het plaatsen van haar cv op vacaturesite Monsterboard. Meerdere recruiters belden en waren wel geïnteresseerd in haar verhaal.

Ze ging aan het werk als adviseur technisch procesmanagement bij een ingenieurs- en adviesbureau. In eerste instantie op detacheringsbasis, maar na een half jaar kreeg ze al een vaste baan aangeboden.

De keuze om te stoppen met studeren na de bachelor heeft voor Sloove dus goed uitgepakt. Voor Van Voorthuizen zal dat nog moeten blijken. Een ding is na tien jaar bachelor-master in ieder geval zeker: de universitaire bachelor is voorlopig vooral een tussenstation en nog lang geen volwaardig diploma.