Elke dag poepen om 16:00

Tim Enthoven kreeg dit jaar de prijs voor het beste stripdebuut. In Binnenskamers leeft Tim een rigide dagritme, in isolement. Hij ontspoort bijna als hij een meisje ontmoet.

Ron Rijghard

Redacteur Kunst & Cultuur

Het lezen van Binnenskamers is een wonderlijke ervaring. De kamer van hoofdpersoon Tim is getekend als een transparante kubus. Die opengewerkte cel met tafel, bed en hoopje kleren went snel. Als hij zich verplaatst naar de wc, zien we alleen die ruimte, als het moet een pagina lang. In combinatie met de handgeschreven tekstjes die zijn gedachten weergeven – ‘er kwam niets’ – ontstaan geestige effecten.

De maker van het boek, tekenaar en beeldend kunstenaar Tim Enthoven, trekt zich niets aan van de traditionele stripkaders. In deze buitengewoon originele graphic novel [stripboek met literaire kwaliteit] staan de tekeningen los op de pagina. Soms staat een figuur meerdere keren in een scène, waarmee bewegingen of juist stilstand wordt aangegeven. Zo zet Enthoven tijd en ruimte naar zijn hand.

Met het vorig jaar verschenen Binnenskamers studeerde Enthoven af aan de Design Academy in Eindhoven. Dit voorjaar werd het onderscheiden als beste stripdebuut van het jaar en er groeit ook internationale belangstelling. Het 27-jarige talent is al „het beste nieuws voor de Nederlandse strip” genoemd. Zelf vindt hij dat te veel eer. Hij is ook nog maar net begonnen, maar zijn sterke eigenheid doet vermoeden dat we getuige zijn van de geboorte van een nieuwe Joost Swarte. Inmiddels levert Enthoven maandelijks illustraties voor New York Times Magazine. Samen met de Spanjaard Martí en de Duitse Aisha Franz wordt hij zaterdagavond bij Crossing Border geïnterviewd.

In Binnenskamers leeft Tim in een rigide dagritme en verstoken van contact. Poepen om vier uur, eten om acht uur, vanaf tien uur vier uur werken, slapen, ontbijten, enzovoort. Het idee voor de transparante ruimte ontstond spelenderwijs, zegt Enthoven. „Wat ik wilde, was een verhaal maken waarbij je je als lezer bewust blijft van het feit dat het getekend is. Ik zocht naar een beeldtaal die niet leunt op film. Mijn vraag was: hoe omzeil ik een kader waarbinnen je maar een deel van een wereld kan laten zien?”

Het perspectief beweegt nu als het ware mee met de blik van de lezer. Bovenaan de pagina tekent Enthoven de kamer meer van onder en onderop de pagina juist meer van boven. Vorm en inhoud ondersteunen elkaar, want de op zichzelf staande kamer op de pagina versterkt het gevoel van isolement dat Tim zichzelf oplegt.

In de strip is Tim monomaan in zijn streven naar orde. „Ja, dat hebben we gemeen”, beaamt Enthoven. „Tijdens het maken van de strip gingen onze levens ook steeds meer op elkaar lijken. Om een boek te kunnen maken, moet je veel werken en veel alleen zijn.” Tim werkt vier uur ’s avonds en ligt overdag op bed. „Ja, eigenlijk werkt hij weinig.” Enthoven lacht. „Maar zijn op bed liggen is denken en onderdeel van het scheppen.”

Enthoven verwerpt de suggestie dat zijn alter ego contactgestoord is. „Hij heeft wel moeite met andere mensen, maar door van alleen zijn en controle houden een doel op zich te maken, interpreteert hij het als een kracht.”

De heersende cultuur is dat mensen elkaar aanmoedigen om op alle mogelijke manieren te communiceren. Maar waarom is extravert zijn eigenlijk de maatstaf, vraagt hij zich af. „Ik denk dat praten overschat is. Het niet uitspreken van een gedachte of mening is vaak zinniger, want er is veel waar je beter langer over kan nadenken.”

Door een ontmoeting van Tim met een meisje spelen zijn driften op en dreigt zijn leven uit de rails te lopen. Enthoven: „Het ontspoort. De strenge opzet biedt daar ruimte voor. Er kan een hoop kapot worden gemaakt.” Door een prostituee te bezoeken, wendt de hoofdpersoon het gevaar af. „Zo’n bezoek is ook een vorm van gemaakt leven. Hij kan zijn tienerlust botvieren in een beheerste omgeving. Het is seks met een duidelijk begin en einde, op afspraak.”

Dit voorjaar presenteerde Enthoven zich in een solo-expositie in museum MU in Eindhoven, getiteld The Tiny Tim, the early years of Tim Enthoven 1994-2003. Het begeleidende boekwerk kwam deze week uit. Het is geen stripboek, maar tekeningen in losse katernen en bladen, verpakt in een kartonnen, zwart mapje dat sluit met een lint.

Aan de binnenzijde van de map van The Tiny Tim staat dat Enthoven alles maakte tussen zijn negende en zeventiende: onder meer tekeningen van klasgenootjes, meisjes als stormtorens, van paaldanseressen en duo’s in obscene posities gekleed in ridderkostuums en een boekje met de titel Zeemansmasturbaties, met pornografische wensdromen van matrozen.

De afwijkende, want fel realistische tekenstijl versterkt de suggestie van jeugdwerk. Opnieuw is het Enthovens bedoeling de waarde en kracht van authenticiteit te beproeven. En ook hier is de maakbaarheid van het leven in het geding.

Dit werk is te zien als een poging tot verzoening met de medemens van het personage Tiny Tim, stelt de tekenaar. „Op de tekeningen staan alleen maar andere mensen.”

De figuren in ridderkostuum stellen verkenningen van het nachtleven voor – gezien door een jong iemand die niet in het nachtleven komt. „Die kostuums komen voort uit mijn fascinatie voor de Gouden Eeuw. Het nachtleven leent zich goed voor uitbeelding in legertuig, door het uniforme en het feit dat er massa’s mensen zijn. Een formatie in carré vertoont toch veel overeenkomst met een discovloer?”

Tim Enthoven: ‘Binnenskamers.’ Uitgeverij Bries/ De Harmonie. ‘The Tiny Tim’ is verkrijgbaar via MU, Eindhoven.