Dertigers raken in de verdrukking

Vijftigers staan te boek als kwetsbare generatie. Maar dertigers zijn in de huidige crisis pas echt de pineut. Om zich te verwe- ren, zouden ze zich beter moeten organiseren.

Mooi huis. Check. Smartphone. Check. Vlotte auto. Check. Leuke kleren. Check. Aan de buitenkant oogt alles goed. Maar het is als een glanzende appel die rot blijkt als je erin bijt.

De dertigers van nu, of ze nou laag- of hoogopgeleid zijn, vormen een kwetsbare generatie. De kwetsbaarste zelfs. Ze kochten een huis in de duurste jaren, kunnen het niet verkopen en als dat toch lukt, dan alleen met veel verlies. Ze krijgen moeilijker een vast contract en zien hun inkomen in de huidige crisis voorlopig niet stijgen.

Meestal zijn het de vijftigers die te boek staan als een kwetsbare groep. Maar zij hebben alleen een probleem als ze hun baan verliezen – dan komen ze moeilijk weer aan het werk. Vervelend, maar hun kinderen zijn het huis uit, ze hebben een aardig pensioen opgebouwd en hun koophuis heeft flinke overwaarde.

Dertigers die hun baan verliezen zijn kwetsbaarder, met opeens hogere vaste lasten, een enorme hypotheek en een studieschuld – en dat terwijl het nieuwe kabinet de WW-duur flink verkort. Bovendien wordt de jaarlijkse maximale pensioenopbouw verlaagd. Daardoor bouwen komende generaties volgens vakcentrale MHP een kwart minder pensioen op. De huidige gepensioneerden worden zo veel mogelijk ontzien.

Katrien Hooglugt (32) woont samen en heeft twee jonge kinderen. Haar vriend is docent op een ROC. Hij werkte fulltime, maar na bezuinigingen was dat nog maar drieënhalve dag. Zijn inkomen ging fors achteruit. Hooglugt stopte noodgedwongen met haar studie en nam een tweede baan. Maar dat gaf geen zekerheid: beide werkgevers wilden flexibiliseren, de ene bracht haar contract terug naar 5 tot 20 uur, de andere gaf haar als basis een drie-urencontract. „Als ik ziek zou worden, zou ik slechts 5 uur bij de ene en 3 uur bij de andere werkgever uitbetaald krijgen. Met alleen het inkomen van mijn vriend kunnen we het niet redden.”

Ze zocht verder, vond een baan als hulpverlener bij Bureau Jeugdzorg. Een jaarcontract. Of dat verlengd wordt, weet ze niet. Het stel komt rond, ook al kunnen ze „geen gekke dingen doen”. Maar ze missen de zekerheid. En door het jaarcontract van Hooglugt kunnen ze geen nieuw huis kopen, ook al zijn ze met de komst van hun tweede kind uit hun woning gegroeid. „Niet dat we ons huidige huis kúnnen verkopen, want dan draaien we groot verlies: zo’n 30.000 euro.”

Steeds meer dertigers hebben een tijdelijke aanstelling, blijkt uit CBS-cijfers. Het duurt ook steeds langer voor ze een vast contract krijgen. Tijdelijk werk is tijdelijk niet erg, zegt Paul Schnabel, directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), maar je blijft wel onderin de loonschalen hangen. En als dat contract niet verlengd wordt – de werkloosheid is met 6,6 procent betrekkelijk laag, maar loopt snel op – zit de dertiger door zijn korte werkverleden en verkorte uitkeringstijd straks binnen anderhalf jaar in de bijstand.

Het regeerakkoord brengt wel enkele verbeteringen op de arbeidsmarkt, zegt Joop Hazenberg, voorzitter van denktank Prospect. „Je kunt straks niet meer eindeloos WW opbouwen en de ontslagvergoeding wordt maximaal 75.000 euro. Dat is belangrijk, want nu is het voor een werkgever vaak te duur om iemand te ontslaan die 25 jaar in dienst is. Misschien zorgt dat ervoor dat er ruimte komt om twintigers en dertigers in vaste dienst te nemen.”

Hééft die dertiger zijn baan nog, tijdelijk of niet, dan is hij nog steeds veel kwijt aan vaste lasten. Zorgverzekering, AOW-premie, onroerendgoedbelasting, telefoon, energie, studieschuld. Het huis verkopen is geen optie, gezien de dreigende restschuld.

Hoe kan de rottende appel weer gezond worden? Verrassend genoeg: door nóg verdere flexibilisering van contracten. Het verschil tussen vast en tijdelijk moet vervagen. Schnabel: „Geen banen voor het leven meer.” Wel moet er continuïteit gebracht worden in de tijdelijke contracten, door te zorgen dat ze oneindig verlengd mogen worden. Nu moeten ze na drie keer, zonder onderbreking, verplicht worden omgezet in een vast contract.

Hazenberg sluit zich daarbij aan: „De beschermde positie van oudere werknemers moet verder worden afgebouwd, zodat jongeren niet langer telkens losse contracten krijgen, terwijl slecht functionerende oudere collega’s maar blijven zitten.”

Verder, vindt Schnabel, moet ook met een tijdelijk contract een hypotheek afgesloten kunnen worden en moeten de vaste lasten omlaag – zeker als de crisis doorzet. Maak het mogelijk om een deel van de pensioenpremie in te zetten voor het aflossen van hypotheken. En er mag meer financiële steun van ouders worden verwacht. Die hebben het vaak beter dan hun kinderen.

De dertigers zelf voelen zich vooral slachtoffer van de crisis: het gaat niet goed met ze, maar daar kunnen ze zelf toch niks aan doen? Wel dus. De dertiger kan iets opsteken van oudere generaties. Ouderen zijn slimmer, zegt Paul Schnabel. Zij hebben een vakbond, een politieke partij.

Maar de dertiger is het, anders dan zijn ouders, niet gewend om gezamenlijk op te trekken. „Samen iets willen bereiken voor de totaliteit staat onder druk als het goed gaat”, zegt Schnabel. „De twintigers en dertigers van nu zijn opgegroeid in wel-vaart. Ze horen bij zichzelf, niet meer bij een groep. Maar wie zich niet wil binden, kan ook geen invloed uitoefenen.”

Kinderopvang is volgens Schnabel een goed voorbeeld van de beperkte weerstand die dertigers bieden. „De kinderopvang wordt in hoog tempo uitgekleed. Individueel klagen ouders er wel over, maar de politiek kan zoiets makkelijk doorvoeren – want echte weerstand komt er niet.”