Balkenendenorm treft vele duizenden

Vier- tot vijfduizend werknemers moeten salaris inleveren als het loonmaximum in de (semi)publieke sector straks op een ministerssalaris per jaar terechtkomt. Dat schat minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken (PvdA) .

Het nieuwe kabinet wil niet alleen een maximum stellen aan salarissen van topfunctionarissen, maar aan de lonen van alle werknemers die (semi-)publieke taken vervullen. En het salarisplafond moet ook verder naar beneden, van 130 procent naar 100 procent van een ministerssalaris. „Het is gewoon niet de bedoeling dat mensen die voor de publieke zaak werken, met vier ton naar huis gaan”, zegt minister Plasterk. „Dat geldt ook voor bijvoorbeeld medisch specialisten of werknemers van de publieke omroep.”

Gisteren heeft de Eerste Kamer unaniem ingestemd met de ‘oorspronkelijke’ wet over de normering van topinkomens. De Balkenendenorm is daarmee wet . Naar aanleiding van de nieuwe regels gaan per 1 januari ongeveer zevenhonderd bestuurders erop achteruit in salaris, schat minister Plasterk. Over handhaving van die maximale salarissen maakt hij zich „ geen grote zorgen”. „Een woningbouwcorporatie die volop in de belangstelling staat, zorgt echt wel dat zijn bestuurders hieraan voldoen.” Mocht dat niet het geval blijken, dan komt Plasterk alsnog met maatregelen, zegt hij.

Het salarisplafond van bestuurders in onder andere het onderwijs, de zorg en van woningbouwcorporaties komt in de aangenomen wet neer op 187.340 euro per jaar, en inclusief onkosten en pensioenbijdrage maximaal 228.599 euro. Bonussen en winstdelingen zijn vanaf 1 januari verboden, en de maximale ontslagvergoeding is 75.000 euro.