Amerikaanse energierevolutie laat broeikaseffect intact

Uit de jongste voorspellingen van het Internationaal Energie Agentschap (IEA) blijkt dat de Verenigde Staten door de toenemende productie van olie en gas uit schaliegesteente in 2035 zelfvoorzienend kunnen zijn op energiegebied. De geopolitieke implicaties van deze ontwikkeling zouden verstrekkend zijn. Toch zorgt al het rumoer over de eventuele Amerikaanse energie-onafhankelijkheid ervoor dat een grotere uitdaging uit beeld verdwijnt. Gas mag dan een relatief ‘schone’ brandstof zijn, als de voorspellingen van het IEA juist zijn, worden de mogelijkheden om de klimaatverandering doeltreffend te bestrijden steeds kleiner.

Hoe de mondiale energiebalans er straks ook gaat uitzien, het IEA blijft op de langere termijn een wereldwijde temperatuurstijging verwachten van 3,6 graden Celsius ten opzichte van het pre-industriële niveau, als er tenminste geen agressiever beleid wordt gevoerd om de koolstofdioxide-uitstoot te verminderen. Uitgaande van een bescheiden succes van de programma’s die de emissies moeten terugdringen, schat het IEA dat de mondiale uitstoot van broeikasgassen zal stijgen van 31,2 gigaton (een record) in 2011 naar 37 gigaton in 2035. Dit betekent dat het groeitempo van de emissies lager zal liggen dan in de voorgaande tien jaar, dankzij schoner brandend gas en de opname van steeds meer duurzame energiebronnen in de mondiale energiemix. Maar het is nog wel steeds een stijging ten opzichte van het emissiepeil van vorig jaar.

Om een betere kans te maken de wereldwijde temperatuurstijging te kunnen beperken tot 2 graden – het niveau waarvan klimaatwetenschappers denken dat daarmee de ernstigste gevolgen van de klimaatverandering kunnen worden vermeden – meent het IEA dat de CO2-uitstoot in 2035 naar iets meer dan 22 gigaton moet zijn gedaald.

Twintig jaar lijkt tijd genoeg om via schone energietechnologie bij te dragen aan lagere emissies zonder dat er agressiever hoeft te worden opgetreden. Maar de termijn is bedrieglijk. Het kost jaren om nieuwe elektriciteitscentrales te bouwen en als ze eenmaal operationeel zijn blijven ze vaak tientallen jaren in bedrijf. De IEA schat dat zo’n 81 procent van de toegestane emissies in het scenario van een temperatuurstijging van 2 procent tegenwoordig al via de bestaande infrastructuur in de lucht komt. In 2017 zal dat 100 procent zijn. Dit betekent dat alle nieuwe capaciteit die daarna nog wordt toegevoegd CO2-vrij zou moeten zijn om een grotere temperatuurstijging te voorkomen – wat niet realistisch is.

De bloei van de Amerikaanse energiemarkt en de daarmee gepaard gaande productie van schoner brandend aardgas is misschien van grote waarde voor de Amerikaanse economie, en zal grote implicaties hebben voor de mondiale handelsstromen en de energieveiligheid. Maar het draagt weinig bij aan een terugdringing van het broeikaseffect.

Breakingviews is een dagelijks commentaar vanuit de City in Londen. Vertaling door Menno Grootveld.