'Niet huilen om wat je verliest, lachen om wat je hebt'

Succesvol snowboardster Bibian Mentel (40) verloor een been. Met prothese snowboardde ze door. Haar boek ‘Met mijn goede been uit bed’ is net verschenen. Wie inspireert haar?

Als kind was ik al gek op sport. Op woensdagmiddag deed ik tennis, hockey, paardrijden en turnen. Op één middag. Mijn moeder bracht me weg. Wachtend in de kantine van de manege bedacht ze dat ze eigenlijk net zo goed zelf kon gaan rijden. Reed ik naast mijn moeder tijdens een buitenrit. Zo’n moeder.

Ze was er altijd voor me. En is dat nog steeds. Maar ze gaf me als kind ook veel vrijheid. Die combinatie is ideaal voor een goede band. Liefdevol, maar niet verstikkend. Ze is mijn beste vriendin. We bellen elke dag. Of twee keer per dag.

Bezie het leven positief. Dat leerde mijn moeder mij. Dat leefde ze voor. Ze heeft zelf als kind in een Jappenkamp gezeten en heeft veel meegemaakt. Toch kon ze altijd de zonnige kant van het leven zien.

Als ik als kind chagrijnig was of boos, zei ze: waar is je lachgezichtje? Lach, dan krijg je een lach terug.

Toen ik ziek werd, heeft die levenshouding me enorm geholpen. Ik had een kwaadaardige tumor in mijn been. Je kan op de bank gaan liggen en huilen om wat je allemaal verliest. Snowboarden was mijn leven, ik was kandidate om me te kwalificeren voor de Olympische Winterspelen van 2002 in Salt Lake City. Ik had botkanker. In een van die benen die ik zo hard nodig had voor het snowboarden en het winnen.

Natuurlijk gingen we toen niet lachend door het leven. Ik herinner me dat ik naar mijn moeder ging en dat we de hele dag samen op de bank hebben zitten huilen en praten. Zij haalde gebakjes om onszelf te troosten. Maar aan het eind van de dag zeiden we: kom op, we moeten niet in de ellende blijven hangen. Daar schiet echt niemand wat mee op.

De tumor werd weggehaald, maar kwam terug. Ik kon kiezen: of doorgaan met behandelen met het risico op uitzaaiing. Of amputatie. Ik koos voor het laatste. Voor het leven.

Ik heb nooit serieus overwogen om te stoppen met snowboarden. Een paar maanden na de amputatie stond ik weer op mijn snowboard. Mét prothese. Zeven maanden na de amputatie deed ik mee met het Nederlands kampioenschap snowboardcross. Het was toeval, ik zou eigenlijk alleen de prijsuitreiking doen. Maar het begon te kriebelen. En ik won.