Met losse handen

Samen met mijn vader zit ik in de auto richting Harlingen, we zijn op weg naar een vriend van hem die op Vlieland woont. We staan in de file, muurvast, er zit geen enkele beweging of vooruitgang in de lange sliert auto’s. Er wordt aan de weg gewerkt, tenminste: dat vertellen de informatieborden, ondertussen zijn er geen wegwerkers te zien.

De wachtende mensen worden onrustig, sommige mannen toeteren, een vrouw stapt uit haar auto om haar hond uit te laten op de vluchtstrook, een jongen met een snor rookt een sigaret tegen het portier van zijn oldtimer. En boven ons hoofd hangt een bord van Veilig Verkeer: “Een beetje chauffeur laat zich niet afleiden.” Met als onderschrift: “Handsfree, hou ’t kort.”

“Verdomme,” zegt mijn vader. “Klootzakken, zijn het. Nu gaan ze me vertellen dat ik het kort moet houden, dat ik anders een chauffeur van niets ben. Straks mag je ook al niet meer naar de radio luisteren of met een medepassagier praten. Misschien is het verstandig om te leren buikspreken. Zo meteen krijg je een boete als je je lippen beweegt.”

“Laat je toch niet afleiden,” zeg ik. Daar kan mijn vader niet om lachen. Hij wil bier drinken, sigaretten roken, urenlange mobiele telefoongesprekken voeren in de auto, hij wil een avondje naar Volendam en de regels ontlopen. Hij wil zich in ieder geval niet laten vertellen wat hij wel en niet mag doen. “Het leven is al saai genoeg, wat moeten we zonder afleiding? Alle mogelijkheden worden van ons afgepakt. Zelfs op de weg staan we vast.”

“Het is maar een suggestie,” zeg ik en ik mompel iets over minder verkeersdoden en zo, maar de boel is al in werking gezet; mijn vader heeft zich laten afleiden door het campagnebord, hij zoekt naar zijn telefoon in het dashboardkastje. Omdat hij zijn telefoon vrijwel nooit gebruikt (“wie zou ik moeten bellen?”) is het ding onvindbaar.

“Ze hoeven me niet te vertellen dat ik het kort moet houden,” zegt mijn vader. “Ze hoeven me niets te vertellen.”

“Nee, pap,” zeg ik. “Dat klopt.” Terwijl ik zie dat alle automobilisten in de file aan het bellen zijn. Niet eens handsfree.