Hij gaat naast de enige school wonen

Wat gebeurt er met een dorp als een veroordeeld pedofiel terugkeert? West-Graftdijk is verdeeld. De oude bewoners zijn voor, de ‘import’ is tegen de komst van Jerre W.

Nederland, West Graftdijk, 09-11-2012. Sfeerbeeld uit West Graftdijk. nav een verhaal over een veroordeelde pedofiel in het dorp. NB. Personen en woningen op de foto hebben niets met het de veroordeelde pedofiel te maken NB. Foto: Olivier Middendorp

Redacteur Justitie

West-Graftdijk. „Wij kennen Jerre allemaal”, zegt een oudere man die plukjes onkruid tussen de tegels van zijn oprit vandaan plukt. Jerre stond voor mensen klaar in het dorp, vertelt de man, die zichzelf en hem „geboren West-Graftdijkers” noemt. Met zijn bus bracht Jerre ieders spullen naar de kerk, als daar rommelmarkt was.

Het ging mis toen Jerre op zichzelf ging wonen, zegt de man. Er kwamen veel „koters” bij hem in de werkplaats: jongens van twaalf, dertien. Jerre repareerde hun brommers, voerde ze misschien op. Jerre had een snelle boot, met zo’n banaan erachter waarop je moest blijven zitten. „De kinderen vonden dat machtig.”

Deze week keert Jerre terug naar West-Graftdijk, een dorpje in Noord-Holland met minder dan zevenhonderd inwoners – er is wel een kerk, maar geen café. Zijn celstraf zit erop. De rechter heeft hem achttien maanden opgelegd voor ontucht met meerdere jongens en een nichtje. Hij keek pornofilms met ze. Hij pijpte ze en ze trokken hem af. Ook verleidde hij een meisje tot het plegen van ontuchtige handelingen voor een webcam.

Toen Jerre vastzat, is er brand gesticht bij zijn woning en zijn ramen zijn ingegooid. Hij gaat nu bij zijn ouders wonen, vlakbij de enige basisschool van West-Graftdijk en naast de voetbalclub. Het leidt tot woede bij een deel van de bewoners van het dorp. Waarom moeten de slachtoffers weer met Jerre geconfronteerd worden? Wordt de kat niet op het spek gebonden door hem bij de enige school in de buurt te laten wonen?

Het is verre van ideaal, erkent Sjef van Gennip, voorzitter van Reclassering Nederland. De Reclassering zet „alles op alles” om veroordeelde pedofielen niet te laten terugkeren in de buurt van de slachtoffers. Het is pijnlijk voor de slachtoffers en vaak ook niet goed voor de pedofiel zelf. „Een goede terugkeer in de samenleving lukt niet in een vijandige omgeving.”

Terugkeer van veroordeelde pedofielen leidt vaker tot problemen. Het bekendste geval is Sytze van der V. uit Eindhoven, die al jaren van bungalowpark naar daklozenopvang trekt. Eindhoven wilde hem wel opnemen, maar stelde daar voorwaarden aan die volgens de rechter te ver gaan. Een bewoner van het Friese dorp Terkaple stemde er twee weken geleden mee in om te verhuizen, nadat zijn ramen waren ingegooid. Hij was veroordeeld voor kinderpornobezit en de buurt wilde niet dat hij terugkwam.

Als een pedofiel niet wil verhuizen en de rechter geen gebiedsverbod oplegt, dan kan de Reclassering hem niet dwingen. Gemeenten hebben zelfs de plicht gedetineerden na hun straf weer op te nemen. De rechtbank in Alkmaar heeft Jerre geen gebiedsverbod opgelegd omdat dat praktisch onuitvoerbaar zou zijn in zo’n klein dorp. En Jerre hoeft ook niet behandeld te worden voor zijn pedofiele gevoelens. Dat wil hij zelf niet en daarom denkt de rechtbank dat het geen zin heeft. Het steekt Monique Katuin, moeder van een door Jerre misbruikt kind. „Iemand die ontkent en niet wordt behandeld – kijk maar in de statistieken wat dat betekent voor de kans op herhaling.”

De rechtbank denkt ook dat de kans op herhaling „groot” is bij Jerre en heeft een extra lange proeftijd van vijf jaar opgelegd. Als hij in die periode een fout maakt, moet hij alsnog een jaar naar de gevangenis.

De aanstaande terugkeer van Jerre naar West-Graftdijk heeft het dorp in twee kampen verdeeld. Globaal lijkt de ‘import’ tegen zijn terugkeer en de oude bewoners voor. Maar er zijn ook nieuwe bewoners die denken dat het wel goed kan gaan. Zoals John Berendrecht (53): „Ik begrijp de angst van ouders heel goed, maar ik denk dat hier niets meer zal gebeuren. Iedereen weet wie hij is. Hij plaatst zichzelf midden in de arena.”

Als „ras-Amsterdamse” hoort Monique Katuin bij de import in West-Graftdijk. Zij heeft ervoor gekozen niet te zwijgen over het misbruik van haar kind. „Als niemand praat, komen we nooit te weten wat er gebeurt.” Haar openheid is haar niet in dank afgenomen door alle dorpsbewoners. „Mensen vragen: moet dat nou naar buiten? Laat het toch rusten.” Ze hoort dat er kwaad over haar wordt gesproken. Bewoners suggereren dat zij niet goed op haar kinderen heeft gelet. Katuin noemt West-Graftdijk een „struisvogeldorp”. De oude garde zou altijd hebben geweten dat het niet pluis was bij Jerre, maar hebben weggekeken.

De drie ouderparen die aangifte te gen Jerre hebben gedaan, zijn allen import. „Er waren ook oorspronkelijke bewoners die hoorden dat hun kinderen porno hadden gekeken bij Jerre”, vertelt de oudere bewoner die onkruid wiedt. „Ze hebben hun kinderen verboden nog bij Jerre te komen en hem erop aangesproken. Maar de import die deed aangifte.”

Monique Katuin heeft een dubbel gevoel over de terugkeer van Jerre. Zij snapt ook wel dat hij érgens heen moet, maar omdat Jerre het misbruik heeft ontkend, vindt ze de situatie „onvoorspelbaar”. Ze wil haar zoon niet in zijn vrijheid beperken, dus mag hij zelf op de fiets naar de voetbalclub. „Maar mijn man en ik rijden er in de auto achter aan.”