Euroministers van Financiën stellen besluit Griekenland uit

Euroministers van Financiën hebben gisteravond in Brussel geen overeenstemming bereikt met het IMF over de houdbaarheid van de Griekse staatsschuld.

Daardoor kunnen zij de volgende tranche leningen van 31,5 miljard euro, die deze week betaald moest worden, niet overmaken. „We vergaderen op 20 november verder”, zei eurogroepvoorzitter Jean-Claude Juncker.

Om te zorgen dat Griekenland niet failliet gaat, hebben de ministers wel ingestemd met een technische truc om vrijdag een lening van 5 miljard af te lossen. Eurocommissaris Olli Rehn benadrukte dat Griekenland alles heeft gedaan om de volgende tranche te ontvangen. „Het is tijd om de perceptie te lijf te gaan dat er niets gebeurt”, zei Rehn. „Dit is schadelijk, unfair en gewoon fout.”

De controverse tussen het IMF enerzijds en eurolanden en Europese Centrale Bank anderzijds speelt al maanden. Omdat de recessie in Griekenland langer duurt en dieper is dan verwacht, doet Griekenland er langer over dan geraamd om zijn schuld te verminderen.

Gisteren kregen de ministers een voorlopig trojkarapport, waarin staat dat de Griekse staatsschuld in 2020 niet 120 procent van het bbp is maar 144 procent. Eurogroepvoorzitter Jean-Claude Juncker wil, zei hij gisteren, „Griekenland twee jaar extra geven om op 120 procent uit te komen. 120 procent in 2022 dus.” Maar het IMF houdt vast aan de oorspronkelijke doelstelling: 120 procent in 2020. „Wij verschillen van mening”, gaf IMF-chef Christine Lagarde gisteravond toe.

Volgens het IMF moet de schuld deels worden kwijtgescholden om de Grieken uit de put te laten komen. Maar veel Griekse schuld is in handen van eurolanden en de ECB. En die weigeren om, zoals particuliere beleggers eerder dit jaar, gekort te worden. „Ik denk dat dit niet gaat gebeuren”, zei Juncker. Maar het IMF, dat zelf nooit wordt gekort, zegt dat de schuld dan onhoudbaar wordt. Zolang er geen oplossing is, weigert Lagarde aan leningen voor Griekenland mee te betalen.