Brief over Zorreguieta

Onlangs vertelde verslaggever Arnold Karskens in Oog in oog (KRO) aan interviewer Sven Kockelmann over zijn bevlogenheid in het opsporen en aanklagen van oorlogsmisdadigers. Hij beschouwde dat als een ereschuld aan verzetslieden en slachtoffers in de Tweede Wereldoorlog. Maar zijn werkterrein is breder. Ook Afghanistan en Irak staan op zijn radar, en Argentinië. Dat laatste is geen goed nieuws voor Jorge Zorreguieta en zijn Nederlandse familie, want Karskens laat zich niet met een eenvoudige ontkenning of een slecht geheugen afschepen.

Een groot deel van EenVandaag (AVRO) was gisteren gewijd aan de bevindingen van Karskens’ stichting Onderzoek Oorlogsmisdaden. Centraal stond een brief die negen slachtoffers van het regime van Videla (1976-81) schreven aan de Tweede Kamer en het Nederlandse Openbaar Ministerie. Daarin vragen ze om vervolging van de toenmalige onderminister van Landbouw Jorge Zorreguieta. Allen werkten in die periode voor Zorreguieta’s ministerie of voor onderzoeksinstituten, zoals de INTA, die onder hem vielen .

Voordat zijn dochter Máxima Zorreguieta een Nederlandse prinses werd, achtte onderzoeker Michiel Baud het al „ondenkbaar dat hij niet op de hoogte was geweest.” Maar het Nederlandse OM deelde onlangs aan indieners van een aanklacht mee dat er geen bewijzen gevonden konden worden voor concrete betrokkenheid bij verdwijningen.

Karskens vond vrij gemakkelijk aanwijzingen dat het ministerie wel degelijk medeweten had en zelfs meewerkte aan de vervolgingen. Alberto Golberg, werkzaam bij INTA, werd in de gevangenis bezocht door een personeelschef, die hem als ‘subversief’ dwong ontslag te nemen. Tijdens het folteren werd Golberg aanhoudend gewezen op zijn Joodse afkomst.

Een laborant van INTA, Augustin Moglie, laat Karskens zien waar de kogel zijn lichaam doorboorde, toen hij in de rug werd geschoten en voor dood achtergelaten. Over degenen die spoorloos verdwenen zegt Karskens: „Het is heel erg wreed van Jorge Zorreguieta om zijn mond te houden.”

Daarnaast is het ook niet in zijn eigen belang, meent mensenrechtenadvocaat en hoogleraar Liesbeth Zegveld, die een nieuwe aanklacht overweegt: „Ik vrees dat ontkennen bijdraagt aan de zaak tegen hem.” Politiek is het ook vervelend dat deze kwestie nog steeds boven de troonopvolging hangt.

Geen andere nieuwsrubriek nam de primeur van EenVandaag gisteren over.