Windsurfen blijft toch olympisch

Windsurfen blijft toch een olympische sport. Dat heeft de internationale zeilkoepel ISAF dit weekend bekendgemaakt tijdens het jaarcongres.

In mei had de ISAF juist besloten de klasse RS:X op de Spelen te vervangen door het kitesurfen. Daarmee zou het windsurfen tijdens de Spelen van dit jaar in Londen voor het laatst op de olympische kalender staan. De Nederlander Dorian van Rijsselberghe werd in Weymouth, voor de Zuid-Engelse kust, met grote voorsprong olympisch kampioen in deze sport.

Veel nationale watersportbonden waren het niet eens met het aanvankelijke besluit van de internationale zeilkoepel om het kitesurfen als olympische sport te introduceren. Afgelopen weekeinde vochten zij de beslissing met succes aan.

Voor kitesurfers betekent de beslissing dat zij in 2016 niet zullen meedoen aan de Spelen in Rio. Nederlands kampioene Katia Roose reageerde teleurgesteld op Twitter. „Ik heb mijn leven veranderd om goud te halen in Rio, en nu hoor ik dat kitesurfen niet olympisch meer is.”

In deze krant vertelde Roose afgelopen voorjaar dat het kitesurfen aan het olympische programma was toegevoegd om meer spektakel te krijgen. „Het IOC wil de Spelen verjongen. Het moet sexier, mediagenieker en hipper. Met kitesurfen hopen ze de Facebook-generatie erbij te betrekken.”

Het is nog niet bekend of kitesurfen tijdens de Spelen van 2020 wel in aanmerking komt voor een olympische status. Windsurfen werd in 1984 olympisch. De Nederlander Stephan van den Berg won in Los Angeles de eerste gouden medaille.