Syrische oppositie kiest alsnog nieuwe leider

De Syrische oppositie heeft gisteren onder zware internationale druk alsnog een akkoord bereikt over een nieuwe, gezamenlijke leider. Bovendien zullen de verschillende verzetsgroepen een nieuw parlement kiezen dat een regering in ballingschap zal kiezen.

Hiermee hoopt het verzet tegen het bewind van president Bashar al-Assad aan slagvaardigheid te winnen. Volgens veel waarnemers is dat ook dringend noodzakelijk omdat het verzet de afgelopen anderhalf jaar dikwijls had te lijden onder hevige onderlinge verdeeldheid, die er soms zelfs toe leidde dat verzetsgroepen met elkaar slaags raakten.

Mouaz al-Khatib (50), een uit Syrië gevluchte imam die vroeger was verbonden aan de beroemde Omayaden-moskee in Damascus, wordt de nieuwe president. Khatib, die aan het hoofd staat van de Islamitische Moderniseringsgroep, heeft herhaaldelijk gevangen gezeten. Meteen na zijn verkiezing riep hij de militairen in Assads leger op om te deserteren. De verschillende religieuze groeperingen in het land riep hij op zich met elkaar te verzoenen.

Ondanks het akkoord, dat na ruim een week praten in Doha tot stand kwam, blijven veel waarnemers sceptisch over de eensgezindheid binnen het verzet. Vooral de Syrische Nationale Raad, die vorig jaar in het leven was geroepen om het verzet te verenigen, meende de afgelopen dagen steeds dat ze tekort werd gedaan en weigerden aanvankelijk om in te stemmen met een nieuw overkoepelend orgaan.

Zowel Arabische als Amerikaanse diplomaten oefenden echter zware druk uit op de Raad om alsnog in te stemmen met de nieuwe aanpak.

De nieuwe bereidheid tot samenwerking binnen de oppositie werd ook door anderen met instemming begroet. De Turkse minister van Buitenlandse Zaken, Ahmed Davutoglu, verklaarde dat er „geen excuus” meer is het verzet niet te erkennen als de legitieme vertegenwoordigers van het Syrische volk. Ook de Franse minister van Buitenlandse Zaken, Laurent Fabius, liet zich in deze geest uit. Parijs heeft het verzet steeds krachtig gesteund. (Reuters, AP, AFP)