Schimmel bedreigt essen in Europa

Een omvangrijke ziekte bedreigt de essen in Europa en ook in Nederland. Er is „nog geen reden tot paniek”, zegt boombioloog Jitze Kopinga van Wageningen Universiteit, maar bossen kunnen de komende jaren te maken krijgen met grote sterfte onder de es.

De es is een snel groeiende loofboom die in heel Europa voorkomt. De essen worden ziek door een schimmel, de Chalara fraxinea, die zich verspreidt door de sporen van enkele millimeters grote paddestoeltjes. Zij tasten de middensteel van het essenblad aan. Het blad wordt snel bruin of valt vroeg af. Ook komt het voor dat dunne twijgen aan de periferie van de boomkroon sterven, aldus onderzoeker Kopinga. Hij komt deze week met honderd wetenschappers in Litouwen bijeen om oorzaak, verschijning en bestrijding van de ziekte bespreken.

In Nederland staan de essen in de steden en langs wegen er „nog redelijk goed bij”, aldus de onderzoeker. „De mate waarin de essen vatbaar zijn voor de ziekte, is genetisch bepaald. En de genetische variatie onder de rassen is dermate groot dat ook de schade door de ziekte zeer uiteenloopt.” Kwekers hoeven zich volgens hem voorlopig geen zorgen te maken. „De bomen hoeven nog niet op de brandstapel.”

Over de schade in de bossen valt nog weinig te zeggen. Als de bomen geleidelijk afsterven en dit gelijke tred houdt met de hoeveelheid bomen die jaarlijks sowieso moet worden gekapt om de bossen uit te dunnen, dan is er sprake van een „natuurlijke selectie”. Als ongeveer 80 procent in korte tijd afsterft, „dan is dat een verlies”, zegt Kopinga.

Vooral in Denemarken en Litouwen is de schade door de essenziekte groot. In Engeland heerst grote angst voor de ziekte. Het land kondigde onlangs een importverbod af voor essen. Ook zijn al bomen verbrand om verspreiding van de ziekte tegen te gaan.