Poëtische solo van karaktervolle danser Akram Khan

Desh van Akram Khan. Gezien: 11/11, Amsterdam. www.akramkhancompany.net

Zaterdagavond stond na afloop van de uitverkochte solovoorstelling Desh van Akram Khan al een kluitje voor de kassa van de Stadsschouwburg om zich zeker te stellen van een kaartje voor Khans nieuwe voorstelling tijdens Julidans 2013. Het is tekenend voor zijn status als danser/choreograaf en indicatief voor de waardering die Desh bij het Amsterdamse publiek oogstte.

De 80 minuten durende solo is een poëtische, multimediale cross-over van genres waarin Khan de wortels van zijn Bengaalse familie en hun thuisland (‘desh’ in het Bangla) blootlegt. In een prachtige belichting (Michael Hulls) en vormgeving (Tim Yip), een lange animatie in Bengaalse borduurstijl en een listig ‘poppenspel’ waarbij een getekend gezichtje op Khans kale scalp het verhaal van zijn vader doet, neemt Khan het publiek mee. De reis gaat langs jeugdige aanvaringen met zijn pa, herinneringen aan mysterieuze sprookjes, ervaringen in de overweldigende chaos van het Bengaalse stadsleven en de wordingsgeschiedenis van het land. Componiste Jocelyn Pook schreef er filmische muziek bij waarin culturen en religies elkaar regelmatig in harmonie ontmoeten.

Dat laatste geeft meteen de kracht en zwakte van Desh aan: het is een warm bad, sympathiek, persoonlijk en vol kinderlijke verwondering, maar nauwelijks behartigenswaardig en wel erg zoet en naïef – wat vooral slecht combineert met Pooks kitschmuziek. Maar dankzij zijn oprechtheid en uitstraling als danser blijft Khan toch bijna de volle duur van de voorstelling overeind.