Ook politici hebben een rekenachterstand

De discussie over de inkomensafhankelijke zorgpremie brengt een belangrijk probleem aan het licht: politici én media kunnen niet meer rekenen. En ze communiceren vervolgens ook nog eens onduidelijk over hun berekeningen, schrijft Gerardo Soto y Koelemeijer.

En opnieuw zijn VVD en PvdA het met elkaar eens. De inkomensafhankelijke zorgpremie verdwijnt weer uit het regeerakkoord. Waarschijnlijk wordt deze vervangen door een nivellering via de inkomstenbelasting.

Maar wat ontstond er de afgelopen weken veel onrust, toen de koopkrachtplaatjes van het CPB bekend werden en journalisten hun eigen koopkrachtplaatjes berekenden. De VVD verloor talloze leden en kelderde in de peilingen volgens Maurice de Hond. Oppositiepartijen riepen dat ze de inkomensafhankelijke zorgpremie niet zouden steunen. Anderen ventileerden de mening dat deze maatregel een perverse prikkeling is, het maakt de burger immers niet bewust van de werkelijke kosten die in de zorg worden gemaakt. Weer anderen wierpen de vraag op of het eerlijk is om mensen te laten betalen die procentueel gezien minder gebruik maken van de zorg. Los van deze en andere punten die afgelopen weken voorbij zijn gekomen, brengt de discussie rondom de inkomensafhankelijke zorgpremie twee andere, fundamentelere problemen aan het licht.

Het eerste probleem is het rekenprobleem. In diverse media en door verscheidene politici werden verkeerde cijfers en bedragen voorgespiegeld. Op televisie verschijnen mensen die blijkbaar niet in staat zijn eenvoudige sommetjes uit te rekenen, maar wel een mening hebben. Het is een feit dat Nederlanders steeds slechter rekenen. Het is niet voor niets dat er is besloten dat middelbare scholieren, naast het reguliere examen, vanaf volgend jaar een verplicht rekenexamen moeten afleggen. Dat is een prima besluit, deze kwestie maakt dat nogmaals duidelijk.

Ik geef direct toe dat in dit geval niet alle problemen kunnen worden afgeschoven op de rekenvaardigheden van de burger. De cijfervaagheid van het naar buiten gebrachte regeerakkoord, en de verschillende interpretaties in de media speelden ook een belangrijke rol. Als gepromoveerd wiskundige was het zelfs voor mij zoeken wat er nu bedoeld werd. Wanneer ik in een citaat van Samsom lees dat de mensen vergeten dat iedereen al 7,1 procent Zvw-bijdrage betaalt via zijn werkgever, dan denk ik dat het verschil tussen nieuwe en oude premie best meevalt. Niets is minder waar, uit de krant vernam ik dat de nieuwe zorgpremie losstaat van deze werkgeversbijdrage. Wanneer Samsom twittert dat de belastingverlaging in schijf 4 met de hypotheekrente afneemt in 28 jaar van 52 procent naar 49 procent, dan raak ik het spoor bijster.

Het tweede probleem is dat men blijkbaar niet in staat bleek fatsoenlijk uit te leggen wat men aan de onderhandelingstafel heeft afgesproken. Wanneer ik in mijn klas de leerlingen vertel dat de komende toetsen veel moeilijker gaan worden en tegelijkertijd mijn uitleg te kort en onsamenhangend is, komen leerlingen in opstand. En terecht. Een goede docent is hier op voorbereid. Een goede politicus zou dat ook moeten zijn. Blijven verwijzen naar onduidelijke koopkrachtplaatjes is pure armoede. Een zwaktebod. Daarmee voed je de onrust. In deze moeilijke tijd toont men respect voor de kiezer door duidelijk te zijn, door iedereen de kans te bieden om uit te rekenen wat het regeerakkoord voor hen betekent. Dan kunnen we discussiëren over de inhoud, in plaats van over de onduidelijkheid. Op internet ontstond de laatste weken een wildgroei aan rekenmodules, die niet eenduidig zijn, en niet de juiste bedragen weergeven, omdat ze of niet alle variabelen bevatten (denk aan kinderopvangtoeslag, kinderbijslag, schoolboeken), of niet voldoende uitleggen hoe er wordt gerekend, of omdat de cijfers niet matchen met die van het regeerakkoord, zodat daar weer verwarring over bestaat.

Als burger verwacht ik geen koopkrachtplaatjes, maar een rekenmodule, waarin met alle variabelen rekening wordt gehouden (dus ook de wijzigingen van de kinderopvangtoeslag in 2013), zodat een duidelijk overzicht wordt geboden voor de jaren 2013-2017. Er wordt beweerd dat de minder bedeelden er juist op vooruit gaan. Of dat waar is, is nog maar de vraag. Misschien wat betreft de zorgpremie, maar met de wijzigingen op het gebied van de kinderbijslag, de kinderopvangtoeslag, het eigen risico, de btw, en de schoolboeken, kan het wellicht zo zijn dat een gezin met een laag inkomen er toch op achteruit gaat. Een rekenmodule zou hier helderheid over kunnen verschaffen.

Wanneer je kiezers serieus neemt, laat je als onderhandelaar zo’n module ontwerpen, het liefst voordat het herziene akkoord wordt gepresenteerd.

Gerardo Soto y Koelemeijer is gepromoveerd wiskundige, auteur en docent wiskunde.