'Kleine krabbelaar' in de politiek

Piet van Zeil stond dicht bij de regio en het midden- en kleinbedrijf. De katholieke oud-politicus kleven diverse affaires aan.

„Zeer nadrukkelijk zeg ik dat ik mij niet ingehuurd voel om alleen de begrafenis netjes te regelen”, zei Piet van Zeil op 10 november 1979 in Hilversum. Even daarvoor had de Katholieke Volkspartij (KVP) tot voorzitter gekozen. Hij zou, zo was al duidelijk, de laatste zijn. De fusie met ARP en CHU kwam eraan. Nu was het zaak dat de KVP het haar “toekomende aandeel in de opzet en het functioneren van het CDA” zou krijgen. Elf maanden later was het samengaan een feit.

Van Zeil werd voor zijn goede diensten beloond met een staatssecretariaat. In de laatste twee kabinetten-Van Agt en het eerste van Lubbers was hij op Economische Zaken belast met midden- en kleinbedrijf, binnenlandse handel, toerisme, consumentenzaken en regionaal economisch beleid. De staatssecretaris stak veel tijd in bedrijfsbezoeken en sloeg weinig uitnodigingen af. „Voor een opening in stijl: bel Piet van Zeil”, zei men in die jaren.

Piet van Zeil, zoon van een caféhouder in Hillegom, begon vlak voor zijn 16de met werken. In 1950 trad hij toe tot het bestuur van de Nederlandse Katholieke Bond van Vervoerspersoneel Sint Raphaël. Door zijn vakbondsachtergrond kwam Van Zeil in februari 1972 in de Tweede Kamer. Als gemakkelijk prater en met zijn progressieve signatuur bekleedde hij snel een prominente positie in de fractie.

In de jaren 80 vormde Van Zeil het middelpunt van enkele affaires. In ruil voor het geven van enkele cursussen vloog hij enige tijd gratis met de KLM en de Surinaamse SLM. Het voordeel bedroeg zo’n 50.000 gulden. Als bestuurder van een woningbouwvereniging liet hij een klusjesman bij hem thuis werkzaamheden verrichten: van schilderwerk tot het timmeren van een tuinbank en een wijnrek. Justitie deed onderzoek, maar vond niets strafbaars. Lubbers noemde hem „de kleine krabbelaar”, wat in 1986 geen beletsel was burgemeester van Heerlen te worden. Dat bleef hij tot zijn pensionering in 1992. In Heerlen overleed hij ook, in de nacht van vrijdag op zaterdag.