Echte mensen

Ik zat in de bioscoop te kijken naar James Bond. Na een tijdje doodgewaand te zijn is hij terug bij MI6, maar hij is bij lange na niet meer de Homo Universalis die hij in vorige films was. De kracht is uit zijn armen gevloeid en hij schiet als een bejaarde vrouw. Kortom: misschien is het tijd voor een andere baan. Hij wordt ook een dagje ouder. Hij zou ook op kantoor kunnen zitten, een beetje online terroristen in de gaten houden en verder lauwe automatenkoffie drinken en, wanneer M niet kijkt, lekker een potje online klaverjassen.

Maar ja, het is James, en die kan het niet laten. Dus wanneer het hoofdkwartier van de geheime dienst wordt aangevallen, is hij er weer als de kippen bij om achter de boef aan te hollen.

Zo’n verzwakte James Bond, dat klinkt als iets vreselijks. James hoort de man te zijn die zich uit de meest uitzichtloze situaties nog weet te redden en die een heel leger kan uitschakelen met een stofzuiger, een doos pingpongballen en een Aston Martin met ingebouwde geweren. En ondertussen vallen alle knappe vrouwen voor hem in katzwijm. Die James die elke jongen wel wil zijn.

Maar gek genoeg is deze James, deze Bond 2.0, een veel interessantere dan al zijn voorgangers. Deze Bond is écht, laat stukje bij beetje een menselijke kant zien en heeft zwakheden. Gelukkig kan hij nog altijd een potje vechten bovenop een rijdende trein en aan de onderkant van een lift bungelen, maar het gaat niet vanzelf meer. En dat maakt James eigenlijk alleen maar aantrekkelijker.

Afgelopen zaterdag vertelde mijn lieve vriendin Marijn op nationale televisie over gepest worden. Marijn, die voor de buitenwacht de sterke profwielrenster is met altijd een mening over alles, die Marijn vertelde over hoe ze vroeger jarenlang gepest en getreiterd is. Ze vertelde hoe het haar gevormd heeft en hoe ze daar nog altijd last van heeft. Dat ze nog altijd argwanend tegenover mensen. Dat ze bang om teleurgesteld te worden. Dat ze nog altijd moeilijk kan geloven dat mensen haar leuk vinden om wie ze is, niet omdat ze toevallig ergens goed in is. En ze huilde. Op televisie. Menig ijdele vrouw zou vragen om dat stukje uit het item te knippen. Maar Marijn niet. Die liet zien wie ze is en waar ze al zo lang mee zit. En ik huilde met haar mee. Omdat ik echte mensen nu eenmaal mooier vind. Of ze nou bovenop een trein liggen te vechten of op hun fiets zitten te huilen.