Protest of niet, in Sotsji skiën ze straks boven de palmbomen

De Winterspelen van 2014 in Sotsji zijn een megaproject: een skigebied voor 42.000 toeristen, 27.000 nieuwe hotelkamers, 567 kilometer aan spoorlijnen en wegen. De milieuactivisten protesteren – zonder succes.

‘Die Olympische Winterspelen komen er niet, daar ben ik van overtuigd.” Milieuactiviste Svetlana Sjapovalova spreekt de woorden uit op een toon die weinig ruimte voor discussie laat.

Maar Svetlana, kijk eens om je heen. Leef je in ander universum? Binnen jouw blikveld, in de bergen van Krasnaja Poljana, rijden de vrachtauto’s met bouwmaterialen af en aan, wordt vrijwel elk uur een paal in de grond geheid, is de spoorweg vanaf Sotsji bijna klaar en creëert een mierenhoop aan bouwvakkers hotels en skiliften. En kijk eens naar de skischans van Gorki; die steekt als een olympische toorts boven alle andere wintersportaccommodaties uit. Je ontkent de werkelijkheid.

„Nee”, repliceert de 45-jarige Sjapovalova, „hoewel ik vanuit mijn geliefde Krasjana Poljana dagelijks zie wat er gebeurt. Desondanks geloof ik dat de Winterspelen niet zullen doorgaan. Het mag niet, het kan niet en ik wil het niet. Het is niet waar. Zie hoe onze prachtige natuur wordt verstoord. Zie welke ecologische ravage wordt aangericht. Ik reken nog altijd op een wonder.”

Kort voordat Sjapovalova haar frustratie uit, had een paar kilometer bergopwaarts, in het luxe Grand Hotel Poljana, Dmitri Tsjernoesjenko als trotste voorzitter van het organisatiecomité ‘Sotsji 2014’ omschreven als het grote Russische geheim. Om vervolgens aan de hand van een gelikte videopresentatie tijdens een bijeenkomst met de internationale pers te melden dat Sotsji en wijde omgeving wintersportaccommodaties en een infrastructuur krijgen om de vingers bij af te likken.

In de bergen nabij Krasjana Poljana wordt een skigebied gecreëerd voor 42.000 toeristen, 27.000 nieuwe hotelkamers gebouwd, is bij elkaar 567 kilometer aan spoorlijnen en wegen aangelegd, zijn 22 tunnels gegraven en wordt de reistijd tussen hoofdstad Moskou en Sotsji met de helft verkort door de aanleg van een hogesnelheidslijn. En dan heeft de voormalige bokser Tsjernoesjenko het niet over de werkgelegenheid die wordt gecreëerd. Allemaal dankzij de Spelen. Wat wil een mens nog meer, straalde Tsjernoesjenko uit.

Nou dat weet Sjapovalova wel: respect voor de natuur. Die is ver te zoeken bij een ieder die bij de Winterspelen is betrokken, vindt de tweevoudige Russisch kampioene windsurfen. Ze is in haar auto op weg naar de achtertuin van Krasnaja Poljana, een natuurgebied waar Sjapovalova veelvuldig komt. De weg er naartoe is een ramp. Ongeplaveid en met kuilen die een soldaat als schuttersput zou kunnen gebruiken. „Hoezo aanleg van wegen”, foetert Sjapovalova. „Ja, binnen het olympische gebied. Maar daarbuiten, ho maar.”

Waarna ze naar de berg Ashisho voor haar wijst. „Ik noem haar mijn moeder. Zij ziet erop toe dat ik goed voor de omgeving zorg. Ik trek regelmatig de bergen in en ruim rommel op. Maar ze geeft ook warmte. In haar schaduw voel ik me me thuis. Op Ahisho wordt niet geskied tijdens de Winterspelen. Gelukkig maar, want nu zijn er niet nog meer onnodig bomen gekapt en historische landschappen vernield. Elke keer als ik het geluid van een motorzaag hoor, krimpt mijn hart ineen.”

Of toch? Even buiten Krasnaja Poljana is een stuk bos gerooid en onttrekt een hoge schutting de open plek aan het zicht. Sjapovalova weet niet wat er achter schuilgaat. Een station voor waterreiniging, is haar verteld. Maar het schone bergwater dat erin gaat, komt er smerig uit. De milieuactiviste gelooft er daarom geen sikkepit van en denkt dat het „een geheim iets is dat met de Olympische Spelen te maken heeft”.

Sjapovalova zou graag groot verzet tegen de Winterspelen willen organiseren. Maar ze durft niet, net zo min als andere tegenstanders, volgens haar de helft van de lokale bevolking. „Omdat de Olympische Spelen politiek zijn. De federale regering wil het, dus gebeurt het. Discussie gesloten. En wie zich verzet is zijn leven niet veilig. De regering doet wat ze wil. Wij kunnen niets beginnen. Ja, zoals ik, een beetje tegensputteren. Meer niet.”

Zo’n duizend meter lager, aan de kust van de Zwarte Zee in Adler, hebben slachtoffers van de Spelen zich al bij het onvermijdelijke neergelegd. Enkele duizenden bewoners van de Meteri-baai, waar het olympisch park, het olympisch dorp en behuizing voor de media worden gebouwd, zijn vijf jaar geleden al verjaagd. Voor hen is een dorp met nieuwe huizen – grotere, dat wel – gebouwd op één kilometer van de grens met Abchazië, een opstandige provincie van Georgië die na een kortstondige oorlog in 2008 onder de invloedsfeer van Rusland is gekomen. Handig met het oog op de veiligheid tijdens de Winterspelen.

Het enige zichtbare restant van die gedwongen verhuizing is een historisch kerkhof, midden op het olympisch park. Verwijdering werd niet aangedurfd, naar Tsjernoesjenko zegt uit respect voor enkele nog levende familieleden. Een besluit dat hij hoogst persoonlijk zou hebben genomen. Zo doet zich de ongewone situatie voor dat bijna aan de poort van het olympisch stadion, waar de openings- en sluitingsceremonie worden gehouden en dat in 2018 een speelterrein is tijdens het WK voetbal, een inmiddels ommuurd kerkhof ligt dat tijdens de Winterspelen niet door familie van de doden bezocht kan worden. Tenzij ze een toegangskaartje kopen. Zodra de olympische familie is vertrokken, krijgen ze weer toegang, verzekert Tsjernoesjenko.

Hoewel het olympisch park nog een ongelooflijke bouwput is, zeggen de gezaghebbers dat de bouw op schema ligt en alles op tijd klaar is. Dat zal best, want bij voorgaande Olympische Spelen was dat ook het geval. Maar hoe het moet tijdens de testwedstrijden de komende winter? In het eerste weekeinde van december is er al de grand-prixfinale kunstrijden gepland. En eind maart worden de schaatsers voor hun WK afstanden in Sotsji verwacht. Het kan bijna niet anders of sporters en toeschouwers moeten dan tussen de bouwputten door laveren.

En hoe zit het met de sneeuwzekerheid tijdens de Winterspelen? Tot afgelopen donderdag waren de bergtoppen rond Krasnaja Poljana, waar alle sneeuwsporten zijn geconcentreerd, nog blank. Intussen is er een beetje sneeuw gevallen, maar er kan pertinent niet worden geskied. Tsjernoesjenko en de zijnen doen er laconiek over. Komt allemaal goed. In februari 2014 ligt er sneeuw. Als die niet via de natuurlijker weg is gevallen, dan wordt de voorraad in de koelpakhuizen aangesproken. Daar ligt sneeuw van de vorige winter opgeslagen. Anderhalf keer meer dan tijdens de Winterspelen in februari 2014 nodig is, zegt Tsjernoesjenko, die beweert dat de sneeuwopslag van Sotsji een nieuw fenomeen is. Eén waar hij uitermate trots op, laat hij duidelijk merken.

Diezelfde trots laat de grote baas ook doorschemeren als het om de centen gaat. Het operationele budget voor de Winterspelen is volgens Tsjernoesjenko 2,2 miljard Amerikaanse dollars, een bedrag dat volgens hem ruimschoots zal worden gedekt. „We zijn nu al verzekerd van 1,2 miljard aan lokale sponsors. Dat is nog nooit vertoond in de olympische geschiedenis. Aangevuld met de vergoeding van het Internationaal Olympisch Comité, de inkomsten uit televisierechten en de kaartverkoop staat nu al vast dat we winst maken.”

Maar hoe zit het dan met de kosten voor infrastructuur? „Die zijn berekend op zo’n zeven miljard dollar”, zegt Tsjernoesjenko. Om er met een brede glimlach aan toe te voegen: „Maar die kosten worden volledig gedekt door de federale overheid.”

De verstomming van kritiek creëert een beeld voor voortreffelijke Winterspelen. In bouwtechnische zin lijkt die verwachting terecht. Een bezoek aan de accommodaties in de bergen en aan het olympisch park in Adler leert dat het de sporters over vijftien maanden aan weinig zal ontbreken. Alles is gloednieuw, om de simpele reden dat er in Sotsji niets was. Ja, bij Krasjana Poljana iets dat op skipistes leek, maar die waren ernstig verouderd. Vooral de ijshallen in het olympisch park zijn architectonische kunststukjes met de ijshockeyarena Bolsjoi als bolvormig, futuristisch uithangbord.

Het blijft opmerkelijk dat al die hallen binnen een straal van pak ’m beet 500 meter van de Zwarte Zee liggen, een plek waar palmbomen wuiven en deze maand bij een graad of 25 nog een verkwikkende duik in zee kon worden genomen. Zo’n plek associeer je niet met wintersport. Sotsji is dan ook een mondaine badplaats, waar voornamelijk rijke Russen hun vakantie doorbrengen aan de stranden of in de kuuroorden.

De stad Sotsji verleent weliswaar zijn naam aan de Winterspelen, maar maakt geen deel uit van het olympisch plan. Het olympisch park met de ijsstadions ligt in Adler, dertig kilometer van Sotsji, en de sneeuwsporten worden in de bergen, op zo’n 45 kilometer van Adler gehouden. Sotsji is ten tijde van de Olympische Winterspelen als een mooie vrouw voor wie extra inspanningen geleverd moeten worden.