Huilende Barack, eenzame Mitt

Ongemotiveerde president versus blunderende uitdager. Nu de campagnes achter de rug zijn, wordt in Amerika de balans opgemaakt. Tranen en geblokkeerde creditcards.

In this still image from a BarackObama.com campaign video, President Barack Obama wipes away tears as he thanks members of his campaign staff and volunteers in Chicago, Wednesday, Nov. 7, 2012. The short speech came a day after he won re-election. The president talks about his work as a community organizer in Chicago and tells staffers and volunteers that they will do "amazing things" in their lives. Obama becomes emotional when he says that even before the election results, he felt the work he had done "had come full circle." He tells staff members that he is proud of the work they did, then pauses to wipe away tears. (AP PhotoBarackObama.com)

De ochtend na zijn herverkiezing van afgelopen dinsdag bezocht Barack Obama het hoofdkantoor van zijn campagne in Chicago. Hij ging achter een microfoon staan, en vertelde tegen een paar honderd vrijwilligers en medewerkers hoe hij in de jaren tachtig in dezelfde stad begon als opbouwwerker. Hij deed het chaotisch en wist vaak niet hoe hij het moest aanpakken. „Nu sta ik hier. Jullie zijn zo veel beter dan ik toen was. Jullie zijn slimmer, beter georganiseerd, effectiever.” Toen barstte hij in tranen uit, en zei met brekende stem. „Ik ben zo trots op jullie.”

Een emotionele Obama vergeleek de professionaliteit van zijn campagneteam met zijn eigen ‘ik doe maar wat’-houding, waarmee hij ooit als jonge idealist in Chicago werkte. Maar misschien dacht hij ook aan de campagne voor de presidentsverkiezingen, die hij zojuist gewonnen had. Ook daar stond zijn perfectionistische staf regelmatig in contrast met een opmerkelijk weinig betrokken Obama. De president liet soms zo veel steken vallen en oogde zo afwezig, dat zijn naaste medewerkers zich afvroegen of hij eigenlijk wel zin had in de ‘four more years’ die zijn aanhang hem op iedere bijeenkomst toeschreeuwde.

Maandenlang kwam van de campagneteams van Barack Obama en zijn uitdager Mitt Romney nauwelijks wat naar buiten. De pers werd op afstand gehouden. Meereizende journalisten bevonden zich dag en nacht in de nabijheid van de kandidaten, zonder dat ze hen ooit te spreken kregen. Nu de campagne voorbij is, beginnen de medewerkers te praten. Ze vertellen veel, en ze zijn kritisch. The Wall Street Journal, The New York Times en The Washington Post publiceerden gedetailleerde reconstructies, waarin een beeld wordt geschetst van twee totaal verschillende strategieën.

Obama rekende op zijn verfijnde organisatie, die al vier jaar geleden was opgebouwd. Vrijwilligers hadden kantoren in alle belangrijke gebieden. Ze haalden geld op van talloze kleinere donateurs, en brachten met microanalyse groepen kiezers in kaart. Obama’s team wist tot het einde welke staten opgegeven konden worden (North Carolina) en welke te winnen waren (Ohio, Florida en Virginia).

De kracht van het team van Romney was een klein netwerk van grote donateurs, die onder meer aan gelieerde super-PAC’s (steunfondsen) veel meer gaven dan wat Obama binnenhaalde. Romney had financiële problemen na een slopende voorverkiezing, waar hij met geld moest smijten om zich Rick Santorum en Newt Gingrich van het lijf te houden. Romney had weinig zicht op de kiezers. Hij maakte in het laatste campagneweekend een dure fout. Romney dacht dat hij het cruciale Florida zou winnen, en besteedde zijn tijd in Pennsylvania, waar hij kansloos was. Uiteindelijk verloor hij Florida, 29 kiesmannen, met een marge van enkele tienduizenden stemmen.

Romney besteedde veel tijd om conservatieve iconen voor zich te winnen. Zo zou hij zijn beschadigde imago onder conservatieve kiezers kunnen herstellen. Romney zocht, en vond de steun van magnaat Do nald Trump in februari, en was van plan veel met hem op te trekken. Maar Trump werd, zo reconstrueert het goed geïnformeerde Buzzfeed, een nachtmerrie voor Romney. De eigengereide miljardair eiste spreektijd op de Republikeinse Conventie, hervatte zijn privéoorlog over Barack Obama’s geboortebewijs en viel Romneys team voortdurend lastig met ideeën.

Het eerste televisiedebat tussen Obama en Romney, op 2 november in Denver, kwam op een moment dat Romneys campagne op sterven na dood was. Denigrerende uitspraken over 47 procent van de bevolking achtervolgden hem, evenals een maar half gelukte Conventie, waar acteur Clint Eastwood tegen een stoel praatte. Romney reageerde op een cruciaal moment te snel. Dat was toen hij Obama meteen kritiseerde na aanvallen op de Amerikaanse posten in Kairo en Benghazi, zonder te weten dat er vier Amerikanen waren gestorven. Romney wilde die uitspraak niet terugnemen. Het was het zoveelste moment dat hij bang was voor een tegenreactie van de conservatieve basis. „We hebben het verknald, jongens”, zei Romney een dag later tegen zijn staf.

Obama, zeggen medewerkers achteraf, had ook problemen. Hij was niet meer te motiveren om hard te werken aan de voorbereiding van het eerste debat. Hij spijbelde van oefensessies, waar John Kerry Romney speelde. Hij hield niet van de tegenspraak die hij kreeg. En, zeggen medewerkers, zijn afkeer van Romney was zo groot dat hij zich niet in hem wilde verdiepen. „Op de wedstijd zelf vlam ik”, had Obama gezegd.

Het debat werd een fiasco, en gooide de race tijdelijk helemaal open. Zijn stafmedewerkers trokken in Denver wit weg toen ze Obama zagen haperen. Romney had zijn toon gematigd, en bracht Obama uit zijn evenwicht met een grapje over zijn trouwdag. Obama vergat alle doorgesproken antwoorden. Obama erkende na afloop meteen dat het niet goed was gegaan. De dag erna besteedde hij aan sussende telefoontjes met donateurs, die wilden weten of de president hun geld nog wel nodig had.

Romney durfde pas in september zijn gematigde gezicht te laten zien. Zijn staf zag er niets in, maar Romneys vrouw Ann had de medewerkers toegebeten: „Laat Mitt weer Mitt zijn.” Romney ontspande zienderogen, maar zijn achterstand liep hij nooit helemaal in. Obama bestookte televisiekijkers in de ‘swing states’ met spotjes waarin Romney als graaikapitalist werd neergezet. Een betrokkene legde de negatieve strategie uit: „Mensen kennen Romney nog niet goed. Daarom loont het hem hard aan te vallen, want zijn imago is nog beïnvloedbaar.”

Romneys plan om Obama in de laatste dagen hard aan te vallen, mislukte door de orkaan Sandy. Obama schortte zijn campagne op en dwong daarmee Romney hetzelfde te doen. Terwijl Romney weinig kon doen, bezocht Obama het rampgebied in New Jersey. Woedend was Romney toen hij zag dat de Republikeinse gouverneur Chris Christie die dag onafscheidelijk was van de president. Romney voelde zich, zeggen medewerkers, in de steek gelaten. De waardering voor Obama schoot omhoog. Christie, kansrijk voor de kandidatuur van 2016, vertoonde zich liever met een winnaar dan een verliezer. Hij wees een verzoek af om met Romney campagne te voeren.

Steeds eenzamer werden de laatste dagen voor Romney. Hij weigerde te geloven in een nederlaag en schreef alleen een overwinningsspeech voor de verkiezingsavond. Toen de nederlaag bekend werd, waren veel tijdelijke bondgenoten nergens te bekennen. Donald Trump was wel gekomen, maar wachtte de uitslag niet af. Romney hield een hoffelijk, maar geïmproviseerd praatje .

Obama’s campagne had al die weken onder de radar gevlogen. Hij sprak zelden meeslepend, en er kwamen minder mensen naar bijeenkomsten dan vier jaar geleden. Maar door kleine groepen gericht te benaderen, wist Obama de staten Ohio en Virginia te winnen. Daarmee was zijn herverkiezing veilig. Pas toen de uitslag bekend werd, sprak hij een half uur als de Obama van weleer. „We weten diep in ons hart dat voor de Verenigde Staten het beste nog moet komen.”

Mitt Romney was na vijf minuten spreken klaar. Hij omhelsde zijn vrouw, die met betraande ogen achter hem stond, en vertrok naar huis. Toen zijn naaste medewerkers even later wilden uitchecken uit hun hotel in Boston, bleek dat hun creditcards al door Romney waren geblokkeerd.

Atlantic City: pagina 20-21

    • Guus Valk