Achter de stoffige melkweg liggen sterrenstelsels

Achter de melkweg houden zich meer dan tien maal zoveel sterrenstelsels schuil als tot nu toe werd gedacht. Dat concludeert een internationale groep astronomen in het novembernummer van Astronomical Journal.

De melkweg is de band van sterren, gas- en stofwolken die de gehele hemel omspant. Hij weerspiegelt het feit dat ons melkwegstelsel – het totaal van alle sterren – de vorm van een discus heeft. In het middenvlak ervan bevindt zicht de zon.

De stofwolken in het melkwegvlak maken dat astronomen in de richting van dit vlak niet ver kunnen kijken, laat staan objecten waarnemen die zich buiten het melkwegstelsel bevinden. Het zichtbare licht van zulke objecten wordt een factor miljard of meer verzwakt. Maar door op speciale golflengten in het (nabije) infrarood waar te nemen, kan dit probleem worden verkleind. Dan kan beter door de mist in de melkweg heen naar buiten worden gekeken.

Laerte Sodré en collega’s bestudeerden infraroodopnamen gemaakt met de grote VISTA-telescoop van de Europese Zuidelijke Sterrenwacht in Chili. Zij speurden naar objecten die zich qua kleur, vorm en grootte van de bekende objecten in het melkwegstelsel onderscheiden en dus naburige melkwegstelsels zouden moeten zijn. In een gebied ter grootte van negen volle manen nabij het melkwegvlak werden 204 objecten gevonden die aan deze criteria voldeden en nooit eerder waren gesignaleerd. Dit impliceert dat het aantal sterrenstelsels in deze richting in het heelal meer dan tien maal zo groot is als tot nu toe werd aangenomen.

Sodré laat desgevraagd weten dat de nu gesignaleerde stelsels zich op afstanden tussen ruwweg 6 en 15 miljoen lichtjaar bevinden. Dat maakt ze interessant voor het raadsel van de zogeheten Grote Aantrekker. Al enkele decennia is bekend dat sterrenstelsels tot in de wijde omgeving sneller bewegen dan op grond van alleen de uitdijing van het heelal wordt verwacht. Ze worden door iets aangetrokken. Het zou om een concentratie sterrenstelsels verder weg in het heelal kunnen gaan. Maar misschien is de onderlinge aantrekking van bekende stelsels dichter bij huis wel voldoende. Of een combinatie. Daarom is het voor astronomen belangrijk om nauwkeurig de ‘bevolkingsdichtheid’ in de omgeving van ons melkwegstelsel te bepalen.

George Beekman