'Nerd' tweede winnaar na Obama

Statisticus Nate Silver voorspelde consequent dat Obama zou winnen. Hij werd er wekenlang om zwartgemaakt in de conservatieve pers.

Nate Silver poses for a portrait at an undisclosed location in this undated handout photo released to the media on Oct. 3, 2012. Silver is the author of "The Signal and the Noise: Why Most Predictions Fail But Some Don't." Photographer: Robert Gauldin/Penguin Press via Bloomberg EDITOR'S NOTE: EDITORIAL USE ONLY. NO SALES. Via Bloomberg

Nate Silver heeft de Amerikaanse presidents- en Congresverkiezingen niet helemaal goed voorspeld. „De uitslag van de Senaatsverkiezing in North Dakota heb ik gemist”, zei hij gisteren lachend in The Daily Show van komiek Jon Stewart. In die staat won de Democraat nipt van de Republikein, tegen zijn voorspelling in.

Het is een voetnoot in het succesverhaal van, na Barack Obama, de grootste winnaar van de verkiezingen. Statisticus Nate Silver van The New York Times voorspelde de uitslag van de presidentsverkiezingen in alle vijftig staten correct. Na alle kritiek en complottheorieën die Silver over zich heen had gekregen, reageerde hij in de verkiezingsnacht met een sarcastische tweet aan het adres van zijn critici: „Het Teken aan de wand” – een bijbelse verwijzing naar de voorspelling van een onafwendbaar noodlot. Op dat moment probeerde de Republikein Karl Rove nog op Fox News te bewijzen dat Romney Ohio, en daarmee de verkiezingen, nog kon winnen.

Peilingen waren deze verkiezingen inzet van een ideologisch debat. Wekenlang is Silver zwart gemaakt in de conservatieve pers. Hij zou als aanhanger van de Democraten met zijn voorspellingen Obama te hoog inschatten, om op die manier de verkiezingen te beïnvloeden. Politico-columnist Dylan Byers schreef dat Silver „zwaar overschat” werd, en alleen maar probeerde „een celebrity” te worden. „Hoe kunnen mensen hem nog vertrouwen als straks Mitt Romney de verkiezingen wint, terwijl hij die kandidaat nooit meer dan 41 procent kans op winst gaf?”

Fox News verweet Silver „wetenschappelijke gobbledygook” (wartaal). Veel meer vertrouwen gaf de conservatieve zender aan de rechtse opiniepeiler Dick Morris, die een grote zege voor Romney voorspelde. Morris moest gisteren zijn fout toegeven in een excuus dat hij op zijn site publiceerde. „Ik lachte peilingen uit die achteraf correct voorspelden wat zou gebeuren: zwarten, latino’s en jongeren zouden in dezelfde mate komen opdagen als in 2008. Ik zat ernaast.”

Nate Silver peilde nooit zelf. Hij is een voormalig sportjournalist die, in de Amerikaanse journalistieke traditie, statistiek toepaste op honkbalwedstrijden. Op zijn weblog (fivethirtyeight.blogs.nytimes.com) ging hij hetzelfde met politiek doen. Hij analyseerde peilingen, woog die tot een gemiddelde en combineerde die cijfers met cijfers over de economie.

Op basis daarvan voorspelde hij al maandenlang dat Obama veruit de grootste kans op herverkiezing maakte, zelfs toen in alle peilingen Mitt Romney minstens gelijk stond. Romney kón volgens Silver bijna niet winnen, omdat hij niet genoeg vooruitgang boekte in swing states als Ohio. Op de verkiezingsdag gaf Silver Obama een kans van 90,9 procent om te winnen. Hij gaf nooit 100 procent, omdat er volgens hem, net als in de sport, altijd onverwachte dingen kunnen gebeuren.

Veel landelijke peilingen zaten er behoorlijk naast. Zo voorspelde Bureau Rasmussen dat Romney in vijf van de negen swing states zou winnen, en Obama in maar één. In de andere drie staten waren de marges te klein. Uiteindelijk won Romney alleen in North Carolina. Nate Silver gebruikte landelijke peilingen als die van Rasmussen ook voor zijn weging, maar gaf meer gewicht aan peilingen van lokale kranten.

In 2008 voorspelde Silver op basis van dezelfde methode ook bijna perfect de uitslag. Dat betekent dat er een revolutie heeft plaatsgevonden in het voorspellen van uitslagen. Voor het eerst lijkt er een methode gevonden die vrijwel exact kiezersgedrag voorspelt.

Politieke partijen hebben steeds vaker hun eigen Nate Silvers in dienst. Zo kunnen met name de Democraten steeds gedetailleerder kiezersgedrag voorspellen. Het team van Barack Obama wist op die manier heel precies de districten aan te wijzen waar hevig campagne gevoerd moest worden. Er werd geen tijd verspild op andere plekken.

De keerzijde hiervan, zo schreef de Christian Science Monitor deze week in een commentaar, is dat politiek op Moneyball gaat lijken. De verfilmde roman Moneyball beschrijft hoe statistiek het honkbal ingrijpend heeft veranderd. Politici zullen minder luisteren naar strategen, en veel meer naar statistici.

Silver legt zijn methode uit in zijn pas verschenen boek The Signal and the Noise – why so many predictions fail, but some don’t. Hij schrijft dat in de politiek, maar ook in economie en sport, emotie (the noise) vaak de overhand neemt boven de feiten (the signal). Gelet op de onjuistheid van hun voorspellingen, hebben juist de conservatieve media deze verkiezingen de emoties de overhand laten nemen. Ze lieten Romney voorstaan, omdat ze wilden dat hij won. Misschien hebben ze daarmee alleen maar meegeholpen aan het graven van zijn graf.