Minder vrijheid voor de kantonrechter

Met de kabinetsplannen voor een eenvoudiger ontslagrecht dreigt de politiek op de stoel van de rechter te gaan zitten. ‘Dit houdt geen stand.’

Mag een werkgever iemand ontslaan die zijn straf uitzit na een veroordeling wegens verkrachting? Of is de elektricien van een nutsbedrijf die veel huisbezoeken aflegt, zijn baan kwijt nadat is betrapt op diefstal en heling van klokken en videoapparatuur?

Niet automatisch, als het aan de uitvoeringsinstantie UWV ligt, die ontslagvergunningen verleent. Dat is onder meer afhankelijk van de duur van de gevangenisstraf, de zwaarte van het delict en de leeftijd van de betrokken werknemer.

Mag een werkgever een veelvuldig zieke werknemer ontslaan? Nee, uitsluitend ‘onder bijzondere omstandigheden’ en als aan het UWV duidelijk is gemaakt dat er binnen 26 weken geen herstel te verwachten is. Het UWV hanteert in zogeheten toetsingskaders een waslijst aan criteria waaraan werkgevers moeten voldoen voordat ze een ontslagvergunning krijgen. Dat geldt voor ontslagvergunningen om bedrijfseconomische redenen (reorganisaties), maar ook als het gaat om individueel ontslag wegens disfunctioneren of verwijtbaar gedrag.

Zolang die toetsingskaders bestaan zal het ontslagrecht er niet eenvoudiger op worden, zoals het kabinet heeft aangekondigd in het regeerakkoord, zo voorspelt advocaat arbeidsrecht Paul Boontje van het Amsterdamse advocatenkantoor Boontje Advocaten. Werkgevers worden verplicht bij ontslagrondes een adviesaanvraag in te dienen bij de UWV, de weg naar de kantonrechter komt daarmee te vervallen.

Dat lijkt op vereenvoudiging van de ontslagprocedure, zegt Boontje, want de werkgever kan, ook bij een negatief UWV-advies, het ontslag gewoon doorzetten. Maar schijn bedriegt. Want het voordeel voor de werknemer is dat hij in beroep kan bij de rechter. „En zeker bij ontslag na een negatief advies van het UWV, zal de werknemer er bij de kantonrechter met gestrekt been ingaan. Met grote kans op succes”, aldus Boontje. Want het UWV zal, zeker bij individuele ontslagaanvragen, op grote schaal negatief adviseren. En de kantonrechter moet dat UWV-advies ‘zwaarwegend’ in zijn oordeel betrekken, denkt Boontje. „De kans dat de kantonrechter het ontslag vervolgens terugdraait, is dan aanzienlijk. Daar sta je straks als werkgever!”

In de bestaande ontslagpraktijk gaat het UWV vooral over ontslagvergunningen wegens bedrijfseconomische redenen. Individuele ontslagaanvragen, bijvoorbeeld wegens disfunctioneren, worden meestal door de kantonrechter behandeld.

„Die individuele zaken horen ook thuis bij de kantonrechter”, zegt Boontje. „Daar is de expertise om dergelijke dossiers te beoordelen, het UWV heeft die kennis helemaal niet in huis. De UWV-procedures voorzien ook niet in mondelinge behandelingen of hoor en wederhoor. De toets zal bureaucratisch zijn, werkgevers moeten aan tal van criteria voldoen.”

„De werkgever moet zijn personeelsdossiers op orde hebben”, zegt ook arbeidsrechtadvocaat Chris Nekeman van het Amsterdamse advocatenkantoor Kennedy Van der Laan. „En dat is vaak niet het geval, terwijl de UWV-procedures dat wel vereisen. In de huidige praktijk kan de kantonrechter met wat passen en meten nog wel tot een oplossing komen. Ook als de werkgever zijn dossier niet helemaal op orde heeft. Maar het UWV past straks gewoon zijn interne beleidsregels toe.”

In het regeerakkoord wordt voorgesteld om de UWV-criteria voor rechtmatig ontslag ‘nauwkeurig’ te omschrijven. Daar ligt de sleutel voor daadwerkelijke versoepeling van het ontslagprocedures. Maar Boontje voorspelt dat met een PvdA-minister op Sociale Zaken (Lodewijk Asscher, red.) er aan de bestaande ontslagcriteria weinig versoepeld zal worden. „Feitelijk zit straks niet de kantonrechter, maar de politiek inhoudelijk aan de knoppen van het ontslagrecht.”

Tenzij internationale verdragen en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens roet in het eten gooien. Juristen bij de vakcentrale FNV denken een zaak te hebben waardoor de nieuwe ontslagprocedure sneuvelt bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Dat is niet ondenkbaar, schat ook Boontje in. Volgens onderzoeker en universitair docent, mr. Vivian Bij de Vaate van de Vrije Universiteit Amsterdam is er in ieder geval strijdigheid met artikel 6 van het EVRM. Dat artikel, waarin het recht op een eerlijk proces is vastgelegd, schrijft onder meer voor dat de rechter autonoom alle relevante feiten en rechtsgronden in zijn oordeel mag meewegen.

„Het UWV is geen onafhankelijke rechterlijke instantie. Dan moet er volgens het Europese Hof voor de Rechten van de Mens wel een rechterlijke instantie zijn die het advies van het UWV inhoudelijk kan controleren. En de consequenties ervan ongedaan kan maken als het advies niet deugt, de zogenaamde doctrine van full jurisdiction.

In het regeerakkoord staat nu dat het UWV adviseert en dat de rechter dat advies zwaarwegend moet meenemen in zijn oordeel. Maar als het UWV in het voordeel van de werkgever adviseert, blijft er voor de rechter niets anders over dan een oordeel over de schadevergoeding. Dat kan in strijd zijn met het EVRM”, aldus Bij de Vaate.

„Een advies van zo’n bestuursrechtelijk orgaan moet door de rechter vernietigd of ongedaan gemaakt kunnen worden. Dat is nu alleen het geval als de werkgever afwijkt van een negatief advies van het UWV. Daarmee is dit voorstel niet EVRM-proof en hebben procedures bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens zeker kans van slagen.”