Dré was meer dan leed

Zondag gaat Hij gelooft in mij in première. Een ernstige musical over een populair figuur: André Hazes. Maar wie was Hazes vóór hij naar de donder ging?

19-06-2002 Andre Hazes at studio in Amsterdam, by order of EMI Music.

Redacteur Kunst & Cultuur

Op twee plaatsen gingen op 23 september 2005 vuurpijlen met de as van André Hazes de lucht in, ter gelegenheid van de eerste verjaardag van diens sterfdag. Bij Hoek van Holland waren de pijlen het werk van Hazes’ derde en laatste vrouw, Rachel. Bij Noordwijk werden ze ontstoken door Melvin en Nathalie, Hazes’ kinderen uit twee eerdere huwelijken, die hij sinds zijn derde trouwdag nauwelijks meer heeft ontmoet. Beide partijen beschuldigden elkaar achteraf van vuil spel.

Het beeld van André Hazes (1951-2004) wordt al meer dan een decennium bepaald door de laatste jaren van de zanger, waarin hij was getrouwd met Rachel van Galen (1970). Over haar en André gaat de nieuwe musical Hij gelooft in mij. Rachel speelt ook een belangrijke rol in de documentaire Zij gelooft in mij van John Appel uit 1999, die Hazes wijd buiten de kring van minnaars van het levenslied populair maakte. Rachel schreef in 2005 het – overigens omstreden – beeldbepalende boek Typisch André. En het zijn de kinderen die Rachel met André had, Roxeanne (1993) en André jr. (1994), die met een eigen zangcarrière pretenderen de Hazes-fakkel verder te dragen.

Maar er was ook een André Hazes vóór Rachel. Geboren in de Amsterdamse Pijp, werd zijn zangtalent ontdekt door de komiek Johnny Kraaykamp sr. Die hoorde de achtjarige André zingen op de Albert Cuypmarkt toen hij geld ophaalde voor een verjaarscadeau voor moeder. Na een tv-optreden en een plaatje verdween de kinderster echter weer uit zicht.

Weinig wijst op een gelukkige jeugd. Het tragische levensgevoel in Hazes’ repertoire stoelt op eigen ervaring vanaf het begin. Vader was een stevige drinker met losse handjes. Volgens Rachel is André als kind seksueel misbruikt, maar daarvoor bestaat geen andere bron.

De jonge Hazes had tal van baantjes, waaronder barkeeper. In deze laatste functie zong hij ook. In 1976 probeerde Hazes een samen met een neef geschreven liedje te verkopen aan de zanger Willy Alberti: ‘Eenzame Kerst’, over een man die met Kerstmis in de gevangenis zit en weet dat zijn vrouw en kinderen nu met een andere man om de boom zitten. Alberti was zó onder de indruk dat hij Hazes aanraadde het nummer zelf op de plaat te zetten.

Na enige strubbelingen met platenmaatschappijen ontmoette Hazes in 1980 de muziekproducer Tim Griek. Die is de uitvinder van de Hazes zoals bijna alle Nederlanders hem kennen: een zanger die met welluidende galm van leed doortrokken liedjes brengt. Sindsdien kon Hazes als verkoopsucces niet meer stuk.

Maar wel als mens, en dat gebeurde regelmatig. De in 1988 overleden Griek was een van de weinigen die tegen Hazes op kon: zijn soms pathologische onzekerheid, de neiging het gezelschap te zoeken van vrouwen en vrienden die het slecht met hem voorhadden, zijn incidentele gewelddadigheid. En dan de drank: Hazes’ liefde voor bier kon in sommige perioden handiger in aantallen trays dan in aantallen blikjes per dag worden uitgedrukt.

Het is onjuist hem alleen te zien als een primitieve man met groot talent. Als artiest kon Hazes meer – zoals bijvoorbeeld blijkt uit het album Dit is wat ik wil (1989). Daarop zingt hij, soms met eigen tekst, soul en blues – de liefde voor die genres had hem niet verlaten sinds hij als kind B.B. King zag optreden. Ook verstond hij de kunst grote zalen aan zijn voeten te krijgen.

Voor Hazes in 1991 trouwde met de 21-jarige Rachel, een jarenlang verliefde fan, was hij twee keer eerder gehuwd: met Annie Dijkstra, moeder van Nathalie (1973), en de in 2005 overleden Ellen Wolf, moeder van Melvin (1982). Tussen de entourage van deze ex-echtgenotes en broers van Hazes enerzijds, en Rachel anderzijds, woedt al jaren een in ‘de bladen’ breed uitgemeten onmin. Maar Rachel en haar kinderen hebben de strijd allang gewonnen: zij beheren Hazes’ erfenis, zowel financieel als in termen van nagedachtenis.

Toppunt van ironie is dat Hazes ’Zij gelooft in mij’, het lied dat zo’n grote rol speelt in de mythevorming rond het paar André-Rachel, in werkelijkheid voor zijn tweede echtgenote heeft geschreven. Er bestaat een tv-interview uit 1982, waarin de zanger dat geroerd aan Ellen onthult, terwijl zij op het kraambed ligt. Haar reactie is uitgesproken lauw, zo niet ongelovig. Misschien was het moment voor deze tedere geste ook minder gelukkig gekozen.

Hij gelooft in mij, t/m 31 maart in het DeLAMar-theater, Amsterdam, delamar.nl

    • Raymond van den Boogaard