Iedereen wil in Brussel gezien worden met Angela Merkel

De Europese Unie moet „ambitieus en grondig” worden veranderd, bepleit de Duitse bondskanselier Merkel in het Europees Parlement.

Britain's Prime Minister David Cameron greets Germany's Chancellor Angela Merkel (R) at Downing Street in central London on November 7, 2012. Merkel on Wednesday warned Britain not to turn its back on Europe ahead of talks in London with Prime Minister David Cameron aimed at overcoming divisions that threaten to block a European Union budget deal later this month. REUTERS/Olivia Harris (BRITAIN - Tags: POLITICS) Reuters

Politie in het Europees Parlement. Een stampvolle zaal. Bezoekers konden er alleen in met een speciaal pasje. Bij de ingang stonden, behalve demonstranten met bordjes „tegen begrotingsdiscipline”, drommen mannen in pak die graag bij de spreker in de buurt gezien wilden worden.

Die spreker was Angela Merkel, de Duitse bondskanselier. Al vóór ze het podium had betreden was duidelijk dat zij voor elkaar krijgt wat geen andere Europese leider, misschien met uitzondering van ECB-president Mario Draghi, momenteel bewerkstelligt: het leven in het Europees Parlement even compleet beheersen. Alsof god zelve uit de hemel neerdaalt.

In een toespraak van veertig minuten riep Merkel de Europese volksvertegenwoordigers op om „de Europese Unie ambitieus en grondig te veranderen”. De euro, zei ze, is meer dan een munt. Ze staat symbool voor „een unie van vrijheid en vooruitgang, die we aan onze kinderen moeten doorgeven.”

Merkel gebruikte het woord ‘vrijheid’ ettelijke malen. Ze sprak over „de Nobelprijs van de Vrijheid” alsof die niet van de Vrede was. Ze noemde de val van de Muur. Hier schemerde het middencontinentale perspectief door dat in het huidige Europa van 27 lidstaten zoveel sterker is dan vroeger. Het Europa waarvan het zwaartepunt zo ver oostwaarts is geschoven, dat niet alleen de Britten er grote moeite mee hebben.

De bondskanselier pleitte voor méér Europa op vier terreinen, om de euro te schragen: een financiële unie met centraal bankentoezicht, een begrotingsunie, een economische unie met wellicht een gemeenschappelijke belasting- en arbeidsmarktpolitiek, en een politieke unie waarbij nationale parlementen meer zeggenschap krijgen.

Omdat het hele parlement de bestrijding van de eurocrisis op de voet volgt, herkende iedereen in haar betoog meteen het plan met vier ‘bouwstenen’ van Europees president Herman Van Rompuy. Merkel heeft daar als belangrijkste euroregeringsleider een stevige hand in gehad. In december moeten regeringsleiders erover beslissen. Voordat Merkel klaar was, zaten allerlei parlementariërs al verveeld te tweeten.

Toen het tijd was voor vragen, bleek dat Merkel misschien niet onverstandig was geweest door een middle of the road-verhaal af te steken. Ze kreeg er links en rechts van langs, en zo kwam zij over als de redelijkheid zelf.

De Franse christen-democraat Joseph Daul vroeg waarom Merkel meer Europa wil, maar er niet meer geld aan wil uitgeven. De Oostenrijkse socialist Hannes Swoboda verweet haar dat „u het over een ‘Unie van vrijheid’ heeft, maar welke vrijheid? Die van mensen in Spanje of Ierland, die door uw gehamer op bezuinigingen hun werk verloren?”

De Belgische liberaal Guy Verhofstadt gebood de kanselier een Europese federale staat op te zetten, „met een regering, eurobonds, ministerie van Financiën en begroting. Anders houdt de euro problemen.”

Volgens de Britse euroscepticus Neil Farage „kunnen wij u niet volgen op dat pad van u, voor een diepere en ondemocratischer Unie. Dus zeg vanavond in Londen tegen premier Cameron: ‘Laten we uit elkaar gaan’.”

Wat opviel was dat niemand zei wat je in Brussel veel hoort: dat Duitsland zo dominant is geworden in de Europese politiek. Niemand maakte Merkel dit verwijt.

Merkels antwoorden waren minder vlak dan haar speech. Ze toonde compassie met „Griekse burgers die, nu de rijken vertrokken zijn, harde klappen krijgen. Maar toen Duitsland hervormde, was dat óók hard voor mensen. In Estland, Letland en Litouwen idem dito. Wat denkt u dat mijn Slowaakse collega over Griekenland zegt? Hij weet wat het is, offers brengen.”

Ten slotte ging Merkel in op de ‘Britse kwestie’, een belangrijk thema op een middag over de toekomst van Europa: „Ik kan me de Britten niet buiten Europa voorstellen. Ik zal Cameron zeggen dat je als Europees land alleen in een wereld van zeven miljard mensen niet gelukkig meer kunt zijn.” En weg was ze.