Column

Doe wat je wil, maar hou het wappertje

Oud genoeg om ooit het verzekeringsspel te hebben gespeeld van De Nederlanden van 1845? Zo niet: jammer. Nederlanders leerden met het hele gezin rond het speelbord zich te verzekeren tegen allerhande calamiteiten, en de kunst was precies de juiste polissen te kiezen. Volksopvoeding in verzekerprudentie, gezellig rond het spelbord. Het spel werd in 1945 op de markt gebracht, en werd gespeeld lang nadat De Nederlanden in 1963 fuseerde met zijn grote rivaal, de Nationale Levensverzekeringsbank. Cruciaal voor het winnen was het al dan niet aanschaffen van het ‘Wappertje’, een nogal vreemde polis die beschermde tegen allerhande klein onheil.

Nationale-Nederlanden, alweer meer dan twintig jaar versmolten tot ING, kan zo’n Wappertje nu goed gebruiken. Gisteren maakte het bekend 2.350 banen te schrappen, bovenop al eerdere bezuinigingen op personeel. De oorzaken zijn veelvuldig: consumenten in de knel worden voorzichtiger met verzekeren, de concurrentie neemt toe, levenproducten hebben een niet al te goede naam sinds de woekeraffaire, het nieuwe kabinet wil de belasting op verzekeringen verhogen van 9,7 procent tot 21 procent. Maar er is ook één factor die minstens even belangrijk is: dit land maakt een oververzekerde indruk. Hoe verzadigd de Nederlandse markt is, valt moeilijk te objectiveren. Maar uit een recent rapport van Cap Gemini over de wereldverzekeringsmarkt blijkt dat de non-leven sector in Nederland, in termen van bruto verzekeringspremies, tot de top tien van de wereld behoort. Dat is behoorlijk, gezien het feit dat de nominale omvang van de Nederlandse economie nauwelijks de top twintig haalt.

In wezen heeft niet alleen de Nederlandse overheid na de oorlog de verzorgingsstaat opgebouwd. Elk gezin heeft dat ook voor zichzelf gedaan. Het gevolg is een wildgroei aan elkaar overlappende polissen. Daar valt flink op te bezuinigen. Sterker nog: er valt al jarenlang flink op te bezuinigen. Maar laten we wel wezen: het is een vervelende klus. Te vervelend, eigenlijk. Waar is in godsnaam die map? (Of, voor niet nader te noemen sommigen: is er wel een map?) En als je hem gevonden hebt: wat dan? Opzeggen, veranderen, dealen, heel veel telefoontjes en formulieren.

Het water moet de consument doorgaans tot aan de lippen staan voor een bezuinigingspost als deze wordt aangesproken. En raad eens? Dat moment is zo ongeveer nu. Met een verwachte koopkrachtdaling waarvan de omvang nog steeds volstrekt onduidelijk is valt te verwachten dat menig burger zich op een zondag, terwijl uit de troosteloze straten een ongekleurd namiddaglicht schijnt, met lange tanden naar zolder, kelder of studie sleept om zich op deze ondankbare taak te werpen. De Consumentenbond raadde het vorige maand expliciet aan.

Het Verbond van Verzekeraars schat dat Nederlanders, los van ziektekosten, 800 euro per persoon per jaar kwijt zijn aan alleen al schadeverzekeringen. Levenpolissen, al dan niet gedwongen afgenomen bij de hypotheek, komen daar nog eens bij. Stel dat je er twintig procent op bespaart. Dan maak je die koopkrachtdaling al voor een deel goed. Maar hou het Wappertje. Je weet maar nooit.

De redacteuren Maarten Schinkel en Menno Tamminga schrijven in deze wisselcolumn over economische ontwikkelingen.